Een signatuur zegt dus niet zoveel

De hele kunstwereld weet van de vervalsingen, maar er verandert niets. Want iedereen heeft baat bij het ophouden van de schijn.

Acht redenen waarom valse kunst blijft bestaan.

Valse kunst. De Nederlandse kunstmarkt loopt ervan over. In 2003 schreven onderzoeksjournalisten Sander Kooistra en Ard Huiberts een onthullend boek, Valse Kunst, over de Nederlandse kunstwereld. Volgens het duo was op dat moment één op de vijf kunstwerken dat in Nederland werd verkocht, vals.

Dat zorgde even voor opschudding. „Maar al snel zag je dat de kunstwereld haar rookgordijn weer optrok”, zegt Kooistra nu. Hij denkt niet dat het percentage valse kunst in Nederland sindsdien is afgenomen. Integendeel. „Het kan alleen maar zijn toegenomen, valse kunst wordt niet vernietigd en blijft daarom circuleren.”

In het in 2007 verschenen onderzoeksrapport Schone kunsten, uitgevoerd in opdracht van het ministerie van Justitie, wordt de Nederlandse kunst- en antiekhandel geschat op 4.000 tot 6.500 instellingen. De gezamenlijke omzet: tussen de 500 en 700 miljoen euro per jaar. Met een percentage van 1 op 5 kan het niet anders dan dat veilinghuizen, galerieën en kunstliefhebbers voortdurend stuiten op vals werk.

En toch, je hoort er nauwelijks wat over. Waar een nieuw ontdekte Appel met veel bombarie wordt aangekondigd, houdt men een valse Appel angstvallig stil. Waarom? Acht redenen waarom valse kunst blijft bestaan.

1 Iedereen wijst naar elkaar

„Binnen de kunstwereld speelt iedereen graag de vermoorde onschuld”, zegt Kooistra. „Grote veilinghuizen wijzen naar kleine veilinghuizen, kleine veilinghuizen wijzen naar galerieën, die verwijzen weer naar particuliere handelaren en ga zo maar door.” Sommige vervalste werken worden zelfs via Marktplaats op de markt gebracht.

Maar namen noemen, dat gebeurt niet. Want niemand wil toegeven valse kunst te bezitten of verhandelen. Kooistra: „Het is dodelijk voor de reputatie van een veilinghuis of kunsthandelaar om geassocieerd te worden met valse kunst.” Hetzelfde geldt voor de kunstkenners die erbij betrokken zijn, zegt ‘valsekunstadvocaat’ Quirijn Meijnen. „Een gespecialiseerde expert in Rembrandt gaat later echt niet toegeven dat hij een vervalsing niet heeft opgemerkt. Die blijft bij zijn standpunt.” Daar komt nog bij, zegt Kooistra, dat de handel in kunst een handel van vertrouwen is. „Er worden geen vragen gesteld. Je kunt immers niet medeplichtig zijn aan iets wat je niet weet.”

Ook de vervalsers zelf houden de lippen stijf op elkaar. Tenzij ze al tegen de lamp zijn gelopen, zoals meestervervalser Geert Jan Jansen. Jarenlang vervalste hij voor miljoenen euro’s aan schilderijen. Nog steeds hangen zijn werken in toonaangevende musea wereldwijd, zegt hij zelf. „Het is een hypocriet wereldje. Alleen de vervalser krijgt de schuld, terwijl de kunstwereld haar handen in onschuld wast.”

2 Zo moeilijk is dat niet, kunst vervalsen

De regel lijkt: hoe abstracter, hoe makkelijker na te maken. Populair zijn daarom Appel, Matisse en Picasso. „In de toekomst gaat het alleen nog maar makkelijk worden”, zegt Bonto Fattah van het Amsterdamse veilinghuis Arts & Antiques Group (AAG). „Je ziet nu overal minimalistische kunst. Je zet twee zwarte strepen op een wit papier en voilà, je hebt een vervalsing.”

Ook lithografieën en grafieken zijn populair. Door moderne grafische technieken zijn deze voor een paar euro makkelijk te vermenigvuldigen. Jansen: „Overal bieden galeriehouders ‘E.A.-werken’ aan. Dat staat voor Epreuve d’Artiste, een soort proefdruk waar door de kunstenaar commentaar op is geschreven. Normaal bestaan daar maar vijf of zes van, maar bij sommige uitgevers en handelaren vind je soms wel honderd proefdrukken.” Lachend: „Weet je hoe ik E.A.’s noem? Extra Appels.”

3 Valse kunst is niet eenduidig

Een kunstwerk als ‘vals’ bestempelen is niet zo simpel. „Eigenlijk is Delfts blauw ook gewoon vals Chinees porselein”, zegt Fattah. En soms weet je het niet zeker. „Ook Rembrandt had slechte dagen, niet al zijn stukken zijn topwerken. En soms kan een expert bijvoorbeeld geen uitspraak doen omdat het om een onbekend oeuvre van de kunstenaar gaat.”

Maar soms is kunst wel verdacht. Het valt wel op als er heel veel werk van een bepaalde schilder circuleert. Meestervervalser Jansen: „Je kunt niet iedere maand een tekening van Picasso ontdekken.”

4 Valse kunst ontmaskeren is moeilijk

Om daadwerkelijk aan te tonen dat een kunstwerk niet door de kunstenaar is gemaakt, is kennis nodig. En geld.

Veel veilinghuizen maken gebruik van een uv-lamp. Als er recente toevoegingen zijn gedaan aan een werk, zoals een signatuur, dan kleuren deze zwart. Maar bij een volledig nieuwe vervalsing kleurt niks op.

Het doek zelf is ook een indicatie. Meestervervalser Jansen: „Oude doeken hebben spijkers, nieuwe doeken nietjes. Ook het soort hout is veelzeggend.”

Maar dat dit makkelijk te vervalsen is, weet Jansen als geen ander. „Op rommelmarkten kocht ik oude schilderijen. De afbeelding schuurde ik er vervolgens af en daar schilderde ik dan overheen.”

Eigenlijk is de enige die de valsheid van een kunstwerk écht kan ontmaskeren, de kunstenaar zelf. Maar die leeft vaak niet meer. Veilinghuizen en handelaren die de financiële middelen daartoe hebben, roepen in deze gevallen de hulp in van experts.

5 Iedereen is een ‘kunstexpert’

En daarin zit dan weer het volgende probleem. Want wie is nu expert en wie niet? Elke leek mag zich ‘kunstexpert’ of zelf ‘taxateur’ noemen. Tot 2005 moest een speciaal examen worden afgelegd om deze titel te dragen, daarna werd het een vrij beroep. Minder diploma’s, minder rompslomp was de gedachte. Het gevolg: er lopen mensen rond die nauwelijks verstand van kunst hebben, maar wel doen alsof. Soms met een reden. Kooistra: „Veel taxateurs zijn zelf ook handelaar, en hebben daarom belang bij het al dan niet ‘echt’ verklaren van een werk.” Branchevereniging Federatie Taxateurs Makerlaars en Veilingmeesters biedt nog wel een certificering aan, maar die is niet verplicht.

Om de echtheid van een kunstwerk te bewijzen, zwaaien sommige handelaren met taxatierapporten en echtheidscertificaten, gemaakt door de ‘experts’. Maar die hebben dus niet altijd waarde. Kooistra: „Als ik een certificaat zie, ben ik per definitie niet geïnteresseerd. Iedereen kan zo’n papiertje maken.”

6 Valse kunst wordt niet vernietigd

Zelfs als een kunstwerk als vals is herkend, gebeurt er waarschijnlijk niets mee. „Nederland is een Luilekkerland voor vervalsers”, zegt Meijnen. Valse kunst wordt niet centraal geregistreerd, verzameld of vernietigd. Verder dan een bevriend veilinghuis ‘attenderen’ op vals werk, gaat het vaak niet. Terwijl in landen als Frankrijk, Duitsland en België valse kunst direct in de brand wordt gestoken, wordt het in Nederland gewoon teruggestuurd naar de verzender.

7 Rechterlijke vervolging loopt vast

Een groot deel van de kunstverkoop verloopt zonder bonnetjes, zonder nota’s. „En dus ook zonder bewijs”, zegt Kooistra. Aangifte wordt daarom nauwelijks gedaan.

En dan nog. Bij de politie is een groot gebrek aan tijd en expertise. Een landelijk rechercheteam dat zich specifiek bezighield met malafide praktijken binnen de kunstwereld werd in 2003 wegbezuinigd. Wel is recent in Amsterdam een rechercheur aangesteld die zich bezighoudt met illegale kunsthandel. De politie wil hier echter niets over vertellen: de informatie is „te gevoelig” volgens een woordvoerder.

Ook de juridische vervolging loopt vast, omdat een vervalser op heterdaad betrapt moet worden, of moet bekennen. De kans dat dit gebeurt? Nihil. Meijnen: „Er moeten geen kilo’s drugs in je huis gevonden worden. Maar als er tientallen vervalste werken in je woonkamer worden gevonden, kun je gewoon zeggen dat je die zelf hebt gekocht.”

8 Niemand wil het weten

Maar wil de kunstliefhebber wel weten of zijn Appel vals is? Waarschijnlijk niet. „Mensen schamen zich dood als ze doorhebben dat ze zich hebben laten bedonderen”, zegt Fattah van AAG. „Ze willen graag geloven dat ze een tekening van Picasso, die normaal duizenden euro’s kost, voor 250 euro kunnen kopen.”

Toch is echt genieten van vals werk er volgens Kooistra niet bij. „Als je van een bepaalde muzikant houdt, wil je toch ook niet naar de coverband luisteren? Ja, het is prima, maar niet het echte werk.” Grinnikend: „Een schilderij fluistert. Een werk dat vals is, fluistert nare dingen. Vroeg of laat ga je die horen.”

    • Charlotte van ’t Wout
    • Eva Oude Elferink