Domweg gelukkig in de dictatuur

Chan Koonchung: De vette jaren. Vertaald door Yves Menheere. Signatuur, 264 blz. €19,95

Wanneer mensen de keuze krijgen tussen anarchie en autocratie, zullen ze altijd voor het laatste kiezen. Deze wijsheid van Thomas Hobbes staat centraal in De vette jaren, de dystopische toekomstvisie van de Chinees-Taiwanese schrijver Chan Koonchung. De Leviathan is de Partij, de Staat. De mens die zich – al te gewillig én met een beetje ongevraagde hulp – door die God laat knechten is de Chinees.

Nominaal hebben we hier met sciencefiction te maken, maar Koonchung heeft (vanzelfsprekend) het huidige China in het vizier. In de zeer nabije toekomst zijn Chinezen domweg gelukkig in de dictatuur, op het irritante af. Het is vlak na de wereldwijde economische crisis, waarin Amerika en Europa hun economisch primaat zijn kwijtgeraakt; China’s Gouden Jaren zijn aangebroken.

Niet alleen gaat het het land economisch voor de wind, de bevolking is mede door de censuur onmachtig terug te denken aan zwarte bladzijden in de Chinese geschiedenis. De massale hongersnood tijdens de Grote Sprong Voorwaarts? De slachting op het Plein van de Hemelse Vrede? Ach kom, laten we tussen het shoppen door een kop koffie drinken bij Starbucks, dat nu natuurlijk in Chinese handen is, en praten over hoe gezegend we zijn in het beste land op Aarde!

In een mozaïek van verhalen wordt een lachspiegelversie van het huidige China geschetst. Lao Chen, gemodelleerd naar de auteur, is een in Taiwan en Hongkong opgegroeide schrijver die sinds lange tijd in China woont en net als veel landgenoten soms spontaan van blijdschap in huilen uitbarst. Fang Caodi en Xiao Xi zijn om onverklaarbare redenen niet door dat in poedervorm aan leidingwater toegevoegde geluk bevangen (een van de echo’s van Aldous Huxley’s Brave New World.)

Caodi heeft ontdekt dat de maand van rampspoed tussen de economische crisis en het aanbreken van de Gouden Jaren simpelweg is ‘verdwenen’ uit het collectieve geheugen. Daar moet meer achter zitten dan het ‘wegharmoniseren’ van kritische geluiden. Ook maken we kennis met de vele gezichten van de Partij, in de vorm van de neo-fascistische jongeling Wei Guo en partij-ideoloog He Dongsheng. Die laatste domineert het slot van het boek, een lange monoloog waarin het denken van de Partij wordt blootgelegd.

De uiteenzetting van He Dongsheng laat zien dat De vette jaren niet in de eerste plaats een roman is. Daarvoor heeft het ook te grote dramatische gebreken: ongeloofwaardige toevalligheden, te eendimensionale karakters. Nee, dit is een als roman vermomd pamflet.

De crux van dat pamflet is: be afraid, be very afraid. Om te beginnen voor een regime dat bij voortduring bezig is de geschiedenis te herschrijven, onder meer door censuur toe te passen en internet aan banden te leggen. Ideologie is allang niet meer wat de Partij drijft, zegt Chan. Het gaat om macht: een ‘democratische’ dictatuur onder leiding van de Partij; een rechtsstaat die collectieve stabiliteit boven individuele rechten plaatst; een door de staat gecontroleerde markteconomie.

Chinezen, maar ook buitenlanders, moeten zien dat het systeem fascistische trekken heeft. Tegelijk moeten we waken voor een Chinese bevolking die in tijden van voorspoed bereid is het onaangename gezicht van de Leviathan te vergeten. Vanuit het perspectief van de Partij waren de economische hervormingen een gouden greep: veel Chinezen werden blije consumenten.

De voedingsbodem voor sociale onrust – de etnische rafelranden van het Chinese rijk daargelaten – is door het economisch succes uitgedroogd. Maar wat betekent dit voor de wereld, die met een steeds machtiger, maar naar westerse normen onvrij land te maken krijgt? En die, zo suggereert Chan, dat successysteem zal exporteren?

De vette jaren wordt aangeprezen met de kreet ‘de beruchte roman die niemand in China durfde te publiceren’. En inderdaad, het boek is er slechts onder de (digitale) toonbank te krijgen. Ik betwijfel echter of Chinezen de primaire doelgroep vormen. Dit is vooral een goede spoedcursus ‘China begrijpen’ voor buitenstaanders.

Chan staat vrijdag 18/11 op Crossing Border.

    • Auke Hulst