Uit het oog, niet uit het hart

Een Zuid-Afrikaans koppel heeft vlak voor hun huwelijk ontdekt dat ze broer en zus zijn. Aantrekkingskracht tussen bloedverwanten die elkaar op volwassen leeftijd hervinden, blijkt vaker voor te komen.

Twee geliefden in Zuid-Afrika hebben vorige week ontdekt dat ze broer en zus zijn. De vrouw is acht maanden zwanger. Toen de man zijn bruidschat wilde voldoen, bracht hij hun alleenstaande ouders bij elkaar. Bij die samenkomst bleken zij de ouders te zijn van de bruid én de bruidegom. Hun liefde is daarmee een geval van Genetic Sexual Attraction (GSA): de Genetische Seksuele Aantrekkingskracht die kan optreden tussen bloedverwanten die elkaar op volwassen leeftijd hervinden.

Dit fenomeen is in de jaren tachtig voor het eerst beschreven door Barbara Gonyo, een moeder die lustgevoelens ontwikkelde voor haar zoon, die ze 26 jaar eerder afstond ter adoptie. Gonyo wist haar gevoelens te bedwingen, ook al omdat hij haar afwees. Maar GSA komt vaker voor, al zijn cijfers hierover lastig te vinden.

Instellingen die geadopteerden helpen hun biologische familie te vinden, schatten dat de helft van alle herenigde bloedverwanten met elementen van GSA te maken krijgen, meldde The Guardian in 2003. Volgens fysioloog Jan Hindrik Ravesloot van het Academisch Medisch Centrum in Amsterdam moet dat percentage „met een flinke korrel zout” worden genomen. „Ik kan me niet voorstellen dat het zo vaak voorkomt. Dan zouden professionals er al lang meer onderzoek naar hebben gedaan.”

Ook Wilma Potze, die al acht jaar met volwassen geadopteerden werkt voor de Fiom in Breda, zegt dat „het lastig is om percentages in te schatten”. Twee tot drie keer heeft Potze een hulpvraag omtrent GSA binnengekregen. Daarnaast heeft ze GSA nog enkele keren vermoed. „Vijftig procent lijkt mij aardig hoog – maar wat onderzoekers zich niet kunnen voorstellen, onderzoeken ze ook niet. En het taboe is gigantisch. Bij de gevallen van GSA die ik heb begeleid, ging het om heftige gevoelens – betrokkenen vertellen dat ze helemaal in elkaar willen opgaan. Het voelt alsof ze daarin geen keuze hebben. Ik probeer te helpen door hen alles af te laten wegen en zeg er wel bij: ‘als je eenmaal bent overgegaan tot daden, kun je dat niet meer terugdraaien.’ In die zin geven we wel een advies. Maar de nadruk ligt op niet oordelen.”

GSA kan verklaard worden doordat mensen zich doorgaans sneller aangetrokken voelen tot mensen die op hen lijken. Ook de herkenning van geur zou een belangrijke rol spelen. Normaal blijven broers en zusters van elkaar af omdat ze gedurende het opgroeien een afkeer van seksuele handelingen met elkaar ontwikkelen. Dat heet het Westermarck Effect. Dit effect beschermt de maatschappij tegen inteelt. Maar het werkt niet als broer en zus gescheiden van elkaar opgroeien, zoals bij de Zuid-Afrikaanse geliefden.

De twee, die zonder naamsvermelding geïnterviewd werden door de Zuid-Afrikaanse krant the Sowetan, ontmoetten elkaar op een technische universiteit Tshwane in Nelspruit. „Het was liefde op het eerste gezicht”, zegt zij. De twee beleefden vijf gelukkige jaren, waarin ze niet beter wisten dan dat ze beiden enig kind waren. Hun ouders scheidden van elkaar in 1983, toen zij acht maanden oud was, en hij twee jaar. Zij groeide op bij haar moeder, hij bij zijn vader, 50 kilometer verderop in de provincie Mpumalanga.

Het Westermarck Effect treedt overigens ook op bij niet verwante kinderen. Volgens the Guardian is er onderzoek gedaan naar kinderen die tezamen in een kibboets opgroeiden. Zij gingen daar intiem met elkaar om: samen in bad en naakt rondrennen. Maar rond het vijftiende jaar keerden de meisjes zich af van de jongens uit hun eigen leeftijdsgroep.

Tot gelijksoortige conclusies kwam professor Arthur Wolf, een Amerikaanse antropoloog aan de Stanford Universiteit in California. Hij leefde enige tijd in Taiwanese gemeenschappen met een tekort aan bruiden, waar vaak kindbruidjes op zeer jonge leeftijd werden uitgehuwelijkt. De ouders van een zoon adopteerden zo’n meisje bijvoorbeeld tussen haar derde en vijfde jaar. De meeste van de jongens en meisjes die samen opgroeiden wilden achteraf niet trouwen. Hun seksuele onverschilligheid tegenover elkaar leidde tot walging en afkeer. De 25.000 huwelijken die Wolf bestudeerde, waren volgens hem rampzalig. Er kwamen maar weinig kinderen uit voort. Vooral bijstellen die voor het zesde levensjaar in hetzelfde gezin opgroeiden.

Op internet staan diverse GSA-getuigenissen waaruit blijkt dat lustgevoelens voor bloedverwanten overweldigend zijn en meestal desastreus aflopen. Toch zijn er verliefde verwanten die vertellen dat zij, ondanks alle tegenwerking en afkeuring van anderen, hun seksuele relatie voortzetten. In Berlijn hebben een broer en zus samen vier kinderen gekregen, al is dat daar bij wet verboden.

De Zuid-Afrikaanse geliefden hebben gezegd dat ze willen scheiden en dat ze nu nadenken over hoe ze deze schok met hun ouders te boven kunnen komen. De man voegde daaraan toe: „Maar we kunnen nu niet helder denken, en zullen alles stap voor stap bekijken.” De vrouw zei dat ze verpletterd is door de ontdekking. „We wilden gewoon een familie beginnen en veel kinderen krijgen. Je kunt je voorstellen hoe geschokt we zijn door dit nieuws. We gaan samen een baby krijgen. We weten nog niet wat we hem vertellen als hij groot wordt.”