Schoonmakers blijven volharden in staking

Conflict tussen schoonmakers en het ministerie van Sociale Zaken.

Hebben de stakende schoonmakers bij het ministerie van Sociale Zaken gelijk? Of heeft minister Henk Kamp gelijk? Dat is vraag die de Commissie Code Verantwoordelijk Marktgedrag moest beantwoorden.

De Commissie beoordeelde de schoonmaakaanbesteding door de rijksoverheid voor vijf ministeries. Directe aanleiding is de staking van een deel van de schoonmakers bij het ministerie van Sociale Zaken. Zij vinden, gesteund door vakbond FNV Bondgenoten, dat hun werkdruk tijdens de aanbesteding onredelijk is verhoogd. Ze moeten meer schoonmaken met minder mensen.

De Commissie deed gisteren uitspraak. „Er zijn verbeterpunten”, meldt het advies. Er moet extra onderzoek komen naar de werkdruk van de schoonmakers bij sociale zaken. „Want daarover gelden nu twee subjectieve waarheden, die van FNV Bondgenoten en die van het ministerie”, zegt Kees Blokland, voorzitter van de commissie. „Schoonmaakbedrijf Basita wil de productiviteit verbeteren, maar is dat een redelijk doel? Of zitten de schoonmakers al aan hun taks?” Dat had het ministerie van tevoren moeten uitzoeken, vindt Blokland.

Duidelijk is ook dat de rijksoverheid de aanbesteding zorgvuldig heeft opgezet. De prijs heeft niet alleen de doorslag gegeven. „Op dat punt heeft de overheid haar voorbeeldfunctie waargemaakt.”

Het advies van de commissie werd verschillend uitgelegd. FNV Bondgenoten zegt dat de commissie „gehakt maakt” van de werkdruk. Minister Kamp (VVD) ziet in het advies juist een bevestiging dat de rijksoverheid juist handelde. „We hebben de opdracht niet aan het goedkoopste bedrijf gegund, maar aan Basita, een van de duurdere inschrijvers op de aanbesteding”, zegt hij.

Kamp vindt het prima om de werkdruk te laten onderzoeken. „Maar dan moet er wel eerst gewerkt worden. Ik begrijp niet goed waarom er gestaakt wordt.” (NRC)