Miljoen kinderen: huge!

Terwijl Sven Kramer zijn comeback bij de NK afstanden bekroonde met twee bronzen medailles, keerde zaterdag een andere schaatsgrootheid in alle anonimiteit terug op het ijs van de Haagse Uithof. Johann Olav Koss (43) gaf een schaatsclinic voor zijn stichting Right to Play, die sport en spel stimuleert voor kinderen in ontwikkelingslanden. „Dit is de eerste keer dat ik zoiets doe”, zegt de Noor, die in 1994 drie keer goud won op de Spelen in eigen land.

Mist u het topschaatsen?

„Ik heb na de sport iets gevonden waarin ik veel van mezelf kwijt kan. Ook buiten de sport kun je ervaring opdoen. Ik had nooit kunnen denken dat Right to Play zo groot zou worden, zoals ik ook nooit had kunnen denken dat ik in 1994 drie keer goud zou winnen. Volgend jaar willen we één miljoen kinderen bereiken. That’s huge!”

Recent onthulde u in 1996 een comeback te hebben overwogen.

„Elke sportman denkt binnen achttien maanden na zijn afscheid aan een terugkeer. Mentaal is het een zware periode, je mist enorm wat je het liefste deed, bent nog redelijk fit en uitgerust. Ik had die gedachte ook. Maar de echte motivatie om nog iets te bereiken in de sport was er niet meer.”

Hoe bekijkt u Kramers comeback?

„Fysiek en mentaal komt het goed, waarom niet. Er zijn meer topsporters die na een blessure terugkomen op het hoogste niveau. Hij is er ook maar een jaar uit geweest. En hij is mentaal uitzonderlijk sterk, weet precies wat hij doet.”

Vorig jaar dacht hij aan stoppen.

„Het zou mij meer verbazen als hij daar niet aan heeft gedacht. Die vraag moet je jezelf stellen, als je vier jaar op rij exceptioneel succesvol bent geweest. Er is nooit iemand geweest in de schaatshistorie die vier jaar lang heeft gedaan wat hij deed. Heiden niet, Koss niet. Dan moet je eerst op een rij krijgen wat je allemaal nog wil.”

Waarom keerde u in 2009 zelf terug als coach?

„Zeker niet omdat ik de sport miste. Maar de Noorse bond zat met een probleem na het ontslag van Peter Mueller en vroeg mijn hulp. Ik had tijd, de Spelen kwamen eraan. Mooie gelegenheid. Hoewel ik het achteraf nooit meer zou doen.”

Waarom niet?

„Het was niets voor mij, ik heb meer variatie nodig in mijn leven. De situatie was ook moeilijk, omdat ik werd aangesteld als assistent. Maar iedereen keek naar mij, puur om wie ik ben. Ik had meer controle moeten hebben.”

U kreeg ruzie met Håvard Bøkko.

„Hij heeft nu zijn eigen ploeg bij CBA, met Mueller als coach, buiten de Noorse kernploeg. Dat is goed, het is de enige situatie waarin hij gelooft. Dat is ook wat ik hem in december 2009 heb verteld. ‘Jij moet hier niet zijn’, zei ik. Hij dacht dat ik hem onder druk wilde zetten. Maar zo was het niet. Een topper moet zijn eigen lijn volgen en geen concessies doen.”

Wie wordt uw Noorse opvolger als wereldkampioen allround?

„Dan moet het Håvard zijn. Maar als ik de uitslagen van het Nederlands kampioenschap zie, moet ik zeggen dat het niveau in de breedte geweldig is. Maar het aantal schaatsers in Noorwegen stijgt, we hebben goede junioren en er is sprake van een overdekte baan in Oslo. Jullie Nederlanders moeten niet te zeker van je zaak zijn”

Keert u zelf ooit terug als coach?

„Nee, absoluut niet. Hooguit voor een clinic.”

Maarten Scholten