Haar inzet is enorm, maar ze maakt wel fouten

Staatssecretaris Marlies Veldhuijzen van Zanten krijgt forse kritiek. Al overleefde ze gisteren een motie van afkeuring. „Ze is alleen nog staatssecretaris omdat VVD, CDA en PVV haar vasthouden.”

Nederland, Den Haag, 08 februari 2011, Marlies Veldhuijzen van Zanten-Hyllner, CDA Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport tijdens het wekelijkse vragenuurtje in de Tweede Kamer Foto; Peter Hilz Peter Hilz

Het gaat er ruig aan toe in de politiek, maar ook sportief, vindt de staatssecretaris. „De spelregels zijn eigenlijk heel helder. Je kan nooit smokkelen. Als ik zomaar iets zou beweren, krijg ik het over een paar maanden weer voor de kiezen.”

Marlies Veldhuijzen van Zanten (Volksgezondheid, CDA) zei dit in september tijdens een gesprek met deze krant op haar werkkamer. Ze wilde graag uitleggen welke afspraken zij had gemaakt om 12.000 extra werknemers aan te stellen in verpleeg- en verzorgingshuizen, een hoogtepunt van haar nog korte carrière aan het Binnenhof. In de marge van dat gesprek vertelde ze ook hoe ze de eerste maanden op het departement had ervaren, als nieuweling. Ze had moeilijke momenten beleefd, maar was goed op dreef, vond ze zelf.

Maar twee maanden later gaat het helemaal niet goed met de reputatie van Veldhuijzen van Zanten. Ze beloofde gehandicapten dat zij hun zorg behouden na een bezuiniging van honderden miljoenen op het persoonsgebonden budget (pgb). Vrijwel niemand gelooft dat ze dat kan waarmaken. Het Centraal Planbureau, de wetenschappelijk instituten van VVD en CDA en de zorgverzekeraars leverden kritiek op haar pgb-plannen. De oppositie diende twee keer een motie van afkeuring tegen haar in, gisteren op initiatief van de ChristenUnie die dat zware instrument zelden gebruikt. Twee keer overleefde de staatsecretaris die moties door steun van de coalitie.

En dan was er die onhandige armzwaai, waarmee Veldhuijzen van Zanten vorige week probeerde de voorzitter van een Kamerdebat letterlijk de mond te snoeren. Een filmpje van het incident is op internet honderdduizenden keren bekeken.

Veldhuijzen van Zanten zit op een van de zwaarste posten in het kabinet. Bij een departement dat jaar na jaar kampt met financiële tegenvallers en dat een groot arbeidsmarktprobleem op zich af ziet komen. Om straks alle babyboomers te kunnen verzorgen, zou één op de vier schoolverlaters voor een loopbaan in de zorg moeten kiezen.

Bij haar aantreden was ze meteen de meest besproken bewindspersoon – vanwege haar tweede (Zweedse) nationaliteit. De politiek was haar vreemd, de zorg niet. Als verpleeghuisarts kent ze de sector goed. Via de vrouw van Maxime Verhagen, een oud-leerling van haar, kwam ze in contact met de kabinetsformateur. Op de valreep moest Veldhuijzen van Zanten lid worden van het CDA om te worden benoemd.

Haar start verliep niet erg soepel. Ze raakte af en toe verstrikt in de complexiteit van de Haagse wetgeving. Zo zei ze tijdens haar eerste begrotingsdebat dat ze een meldplicht voor kindermishandeling wilde, terwijl haar partij daar altijd tegen is geweest. Ze bedoelde eigenlijk een veel minder vergaande meldcode, maar kende het verschil niet.

Tijdens de eerste grote affaire waarmee ze te maken kreeg, hield de staatssecretaris zich politiek nog goed staande. Ze kwam in het begin van het jaar in de schijnwerpers door Brandon van Ingen. Deze gehandicapte jongen zat vaak dagen achtereen vastgeketend aan een muur van een zorginstelling. Veldhuijzen van Zanten toonde empathie, ging praten met Brandons moeder en zijn verzorgers, en stelde een denktank in om de zorg te verbeteren voor mensen met vergelijkbare gedragsstoornissen. „De staatssecretaris heeft laten zien dat ze alle mogelijkheden wil aangrijpen om dit te voorkomen en op te lossen”, zei het doorgaans kritische SP-Kamerlid Renske Leijten na afloop van het spoeddebat. „Dat is een goede uitkomst.”

Nu is de Tweede Kamer niet meer zo mild. Belangenorganisaties klagen over haar afwezigheid en ondeskundigheid. „Ik vind het belachelijk dat zulke incapabele mensen het pluche mogen bekleden”, zegt Steven van Eijck, voorzitter van de Landelijke Huisartsen Vereniging. Huisartsen zijn meestal de eersten die het merken als het niet goed gaat met kinderen, door verwaarlozing of mishandeling. Van Eijck vindt het „onbegrijpelijk” dat nu het jeugdbeleid volledig op de schop gaat de verantwoordelijk staatssecretaris nog nooit is komen kennismaken.

Ook de ambtenaren die met haar werken, verliezen hun geduld. Van alle kanten zijn berichten op te vangen dat de sfeer op het ministerie om te snijden is. Op voorwaarde dat ze anoniem blijven, vertellen ambtenaren hoezeer het ambtenarenapparaat vaak schrikt van het onverwachte en ongecontroleerde gedrag van de staatssecretaris.

Ambtenaren zeggen ook dat de staatssecretaris het moeilijk vindt om door medewerkers gewaarschuwd te worden voor valkuilen. „Ze is een trots bijtertje”, zegt de een. „Ze wordt onzeker van tegenspraak”, vertelt een ander, „en ze duldt alleen ja-knikkers om zich heen”. Een derde zegt: „Er valt met deze staatssecretaris niet te werken.” Uit alle gesprekken valt op te maken dat de staatssecretaris heel aardig kan zijn, maar moeite heeft met weinig slaap en grote spanning.

Kamerlid Esmé Wiegman van de ChristenUnie vindt het onacceptabel dat een politicus onzorgvuldig is met het doen van toezeggingen. „Ze zei achteraf dat ze eigenlijk niet meer wist wat ze pgb-gebruikers precies had toegezegd. Dat is ontzettend slecht, een dubbele klap voor deze kwetsbare mensen. Ze is alleen nog staatssecretaris omdat VVD, CDA en PVV haar vasthouden. Kennelijk voorzien deze partijen meer schade als ze haar laten vallen. Waarschijnlijk is er ook geen opvolger te vinden die deze ondoordachte bezuinigingen wil uitvoeren.”

Veldhuijzen van Zanten gelooft dat ze er goed aan doet de uitgaven aan het populaire pgb te beteugelen, zei ze ook op haar werkkamer. Maar de woede van de mensen die door de bezuinigingen geraakt worden, glijdt niet zomaar van haar af. „Ik wil de menselijke kant verbinden met het beleid, maar daar zit soms een enorme afstand tussen. Het gevoel dat je het nooit goed kan doen, is best naar. Stel je voor: heb je 34 mensen gesproken en de 35ste roept: trut! Die momenten... Ik heb me er doorheen geworsteld.”

PVV-Kamerlid Fleur Agema rekent de nieuwkomer haar politieke gestuntel niet aan. „Dat vind ik vergeeflijk omdat ik haar inzet en betrokkenheid enorm waardeer.” Ook VVD-Kamerlid Tamara Venrooy is positief: „Veldhuijzen van Zanten moet heel moeilijke beslissingen nemen, maar luistert naar de bevolking. Ze beweegt mee en biedt mensen die hun pgb verliezen nu een vergoedingsregeling aan.”

Minister Edith Schippers (Volksgezondheid, VVD) steunt haar. Maar toen ze gisteren op de radio de vraag kreeg of haar staatssecretaris de pgb-bezuinigingen goed aanpakt, was ze zuinig: „Dat doet ze met hart en ziel. Het is niet altijd makkelijk pijnlijke maatregelen te verdedigen, maar soms moet het gewoon.”

Met medewerking van Kees Versteegh

    • Antoinette Reerink