Werknemer laat zorgverlof liggen

Veel werknemers vinden dat hun werk te druk is om zorgverlof op te nemen. Als ze vrij nemen voor hun naasten doen ze dat vaak met vakantie- of adv-dagen.

Ingmar Vriesema

Ouderschapsverlof, calamiteitenverlof, zorgverlof kort en lang: regelingen voor zorgende werknemers zijn er volop. Maar werknemers maken er nauwelijks gebruik van, zo blijkt uit onderzoek onder ruim 70.000 Nederlanders dat het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) dinsdag heeft gepresenteerd. Maar liefst 70 tot 90 procent van de werknemers die aanspraak op een vorm van zorgverlof kunnen maken, doet dat niet.

Waarom niet? De belangrijkste reden: werknemers denken dat het werk het hun niet toestaat. Zij kunnen niet gemist worden, vinden zij. De werkdruk is te hoog, de deadlines zijn te krap. Voor bijna de helft van de werknemers met recht op zorgverlof zijn deze redenen doorslaggevend om géén verlof aan te vragen, aldus het SCP. Het geldt voor mannen en in veel gevallen ook voor vrouwelijke werknemers.

En dus verlenen Nederlandse werknemers de zorg aan naasten vooral buiten werktijd. Van de ruim één miljoen werknemers die in 2009 een kind, ouder of partner wegens ziekte moesten verzorgen, nam nog geen kwart verlof op. Binnen hun werktijd moesten werknemers de ziekenzorg dus op een andere manier regelen. Een familielid inschakelen, een vriend, een professional. Iemand die wel de tijd heeft die zij zelf tekortkomen.

„Mensen vrezen dat zij ná het verlof het achterstallige werk moeten inhalen, zegt SCP-onderzoeker Saskia Keuzenkamp. „Dat het twee keer zo druk wordt als voorheen. En zij denken: waarom zou ik mijn collega’s met extra werk opzadelen?”

Werknemers hebben het ook echt drukker gekregen, zegt Fred Zijlstra, hoogleraar arbeids- en organisatiepsychologie aan Universiteit Maastricht. „Veel organisaties hebben het overtollige vet al jaren geleden van de botten gesneden. Ze zijn lean.”

De omslag naar meer „efficiëntie” kwam volgens Zijlstra op in de jaren negentig: kleinere bedrijven, technologie die mensen overbodig moest maken. „Dat is maar gedeeltelijk gelukt. Ruim de helft van de werknemers klaagt de laatste jaren over de toegenomen werkdruk.”

Het afzien van zorgverlof kent nog een oorzaak, denkt hoogleraar Zijlstra. Het werk wordt anders georganiseerd: de fabriekswerker van halverwege de vorige eeuw is vervangen door de dienstverlener die veelal werkt „op projectbasis”. „Werknemers zijn hoger opgeleid dan voorheen. En ze zijn verantwoordelijk gemaakt voor een eigen klus, het eigen project. Als ze afwezig zijn, stapelt het werk zich op. Voor henzelf, of voor hun team. Verlof komt zelden als geroepen.”

Als mensen al zorgverlof opnemen, dan doen zij dat vaak in de vorm van vakantie- of adv-dagen. Eén op de drie ‘zorgende’ werknemers koos in 2009 voor dat type verlof. „Vakantiedagen opnemen is gemakkelijk”, verklaart SCP-onderzoeker Keuzenkamp. „Je hoeft er geen verantwoording over af te leggen. Bovendien wordt het loon doorbetaald, al geldt dat ook grotendeels voor het kortdurende zorgverlof.”

Keuzenkamp vindt de opoffering van vakantiedagen wel opmerkelijk. „Wat blijkt? Werknemers blijven de dagen ook opnemen als een familielid langer ziek blijft. Zeg drie weken. Terwijl vakantie toch vooral bedoeld is om te herstellen van je werk.”

Terecht of niet, werknemers gedragen zich alsof hun afwezigheid op hun werk méér gevoeld wordt dan hun afwezigheid thuis. „Economisch is er op je werk ook meer te verliezen”, zegt hoogleraar Zijlstra. „In deze krappe tijden kijken leidinggevenden en hun werknemers om zich heen: als er mensen uit moeten, wie zijn dan de problematische gevallen?”

Nog een reden om geen zorgverlof op te nemen: de meeste mensen weten er nauwelijks iets vanaf. Voor één op de vijf werknemers met een zieke naaste was dat de reden om in 2009 geen kort zorgverlof op te nemen.

Hier ligt een taak voor de overheid, zegt zowel Zijlstra als Keuzenkamp. Meer voorlichting dus. Maar zelfs de voorgelichte arbeider kiest ervoor om stug door te werken.

    • Ingmar Vriesema