'We kunnen het kapitalisme redden van zijn eigen excessen'

Gigantisch veel werklozen, aarzelende consumenten en politici die geen oplossingen bieden – de Amerikaanse econoom en jurist Robert Reich maakt zich grote zorgen. Maar hij houdt hoop. „Het Amerikaanse systeem heeft een bijna automatische capaciteit om te herstellen van extreme situaties.”

LOS ANGELES, CA - NOVEMBER 5: Former U.S. Secretary of Labor Robert Reich speaks to Occupy Los Angeles protesters after the Move Your Money March through the downtown financial district during what is being called Bank Transfer Day, on November 5, 2011 in Los Angeles, California. Occupy movement members are calling for people to move their money from banks to credit unions today in support of the 99% movement. David McNew/Getty Images/AFP == FOR NEWSPAPERS, INTERNET, TELCOS & TELEVISION USE ONLY == AFP

‘Een schande” noemt de altijd uitgesproken Robert Reich de keuze waarvoor het Internationale Monetaire Fonds (IMF) en Europa het Griekse volk hebben gesteld. „Een bailout onder voorwaarde van bezuinigingmaatregelen op korte termijn is net zo rampzalig voor de Grieken als uit de eurozone te worden gegooid.”

Reich gelooft overigens dat momenteel geen enkele westerse economie gebaat is bij bezuinigingen. „Dat leidt tot nog meer werkloosheid en vertraagt economische groei, waardoor het terugbetalen van schulden alleen maar moeilijker wordt. En het is een recept voor sociale en politieke onrust. Als ik het IMF was, zou ik met de Grieken een plan voor schuldaflossing op de lange termijn overeenkomen.”

De reden dat het IMF daar niet voor kiest, is volgens Reich dat de financiële reddingsoperatie „duidelijk niet per se bedoeld is voor Griekenland. De echte bailout is voor de banken die enorme leningen aan de Grieken hebben uitstaan”.

Of het verstandig is van het IMF om de banken „blij en solide” te houden, is een tweede. Waarschijnlijk wel, concludeert Reich met een zucht die tegenzin verraadt. „Het alternatief is een mogelijke bankencrisis die tot een nieuwe wereldwijde crisis kan leiden. Nadeel is dat de grote banken zo risicovolle leningen blijven afsluiten en risicovolle investeringen blijven doen.”

In een perfecte wereld komen de grote financiële centra – New York, Frankfurt, Londen en Tokio – samen om een „hoge standaard te creëren waaraan de banken zich niet kunnen onttrekken”. Reich ziet momenteel echter het tegenovergestelde gebeuren: „De grote banken spelen de verschillende regio’s tegen elkaar uit door te zeggen: als je ons strenger reguleert, dan vestigen we ons elders. Geld is tegenwoordig niets meer dan digibytes die we door de ether versturen, waardoor banken inderdaad overal vandaan kunnen opereren.”

Tot zijn vreugde ziet Reich nu eindelijk binnen de Amerikaanse maatschappij een reactie tegen de in zijn ogen „onverantwoordelijke” financiële sector. „De Occupy Wall Street-beweging staat nog in de kinderschoenen en we weten niet waartoe ze zal leiden, maar ze verzet zich tenminste tegen een financieel systeem dat de Amerikaanse economie lijkt te hebben overgenomen. En die economie heeft het moeilijk.”

Wat heeft de Amerikaanse economie nu nodig?

Robert Reich: „De echte crisis bevindt zich aan de vraagkant. De aanbodeconomen willen het publiek doen geloven dat bedrijven nieuwe banen scheppen als ze meer geld hebben – dus als hun winsten nog hoger zijn, hun belastingen lager en de regels nog soepeler. Dat is absolute flauwekul. De grote bedrijven zitten op 2.000 miljard dollar aan cashgeld, waarvan ze niet weten wat ze ermee moeten doen. De ware reden dat bedrijven geen banen scheppen is dat er niet genoeg vraag is naar de goederen en diensten die ze produceren. Amerikaanse consumenten hebben er simpelweg het geld niet voor. Hier speelt de inkomensongelijkheid een rol: doordat zoveel inkomen en rijkdom naar de allerrijksten gaat, kan de Amerikaanse middenklasse de economie niet meer gaande houden zonder zich dieper in de schulden te steken. En nu de huizenmarkt is ingestort en Amerikanen niet langer de overwaarde van hun huis kunnen belenen, is ook die optie weggevallen.”

Hoe zou u de vraag opkrikken?

„Als eerste zou ik een veel grotere stimulans willen dan die uit 2009 om banen te scheppen en de economie in beweging te zetten. Klassiek keynesiaans. Als tweede zou ik de koopkracht van de middenklasse vergroten door belastingverlagingen. Het verlies aan belastinginkomsten zou ik compenseren met hogere belastingen voor de rijken. Als derde zou ik het onderwijs verbeteren, zodat Amerikanen op lange termijn hogere lonen kunnen eisen in een meer en meer hightech wereldeconomie.”

Is meer economische groei wel de oplossing voor de VS? Nederland en Duitsland hebben een lager bruto binnenlands product (bbp) per hoofd van de bevolking dan de VS, maar minder armoede en werkloosheid.

„Er is niets magisch aan groei van het bbp, maar indien correct gemeten, is het bbp enorm belangrijk. Ik zou bij de berekening van het bbp ook grootheden meewegen als de kwaliteit van het milieu, de kwaliteit van de volksgezondheid, het niveau van het onderwijs en de hoeveelheid vrije tijd die mensen hebben. We moeten niet denken dat groei simpelweg meer materiële dingen betekent.”

Wordt het bbp niet gemeten zoals u zou willen?

„Landen die volgens de huidige maatstaven economisch groeien, hebben altijd nog een groter vermogen om een hogere levensstandaard voor hun bevolking te genereren dan landen die economisch krimpen.”

Zal het banenplan van president Obama – een combinatie van infrastructuurprojecten en belastingverlagingen, als die ooit in enige vorm door het Congres komt – verschil maken?

„Nee, het Witte Huis schat dat het plan twee miljoen nieuwe banen schept, terwijl we 14 miljoen werklozen hebben, plus nog eens 10 miljoen mensen die tegen hun zin slechts een deeltijdbaan hebben. Toch verzetten de Republikeinen in het Congres zich zelfs tegen dit kleinschalige plan. Het klinkt misschien cynisch, maar ik begin te geloven dat ze tot aan de verkiezingen van 2012 graag een beroerde economie houden. Zo komen ze namelijk van Obama af.”

De socioloog Juliet Schor stelt voor dat Amerikanen minder uren per week gaan werken, bijvoorbeeld door alleen overwerk te doen tegen extra betaling. Goed idee?

„Daar ben ik voor, maar ik vrees dat de lonen dan omlaag gaan. We zouden morgen volledige werkgelegenheid kunnen hebben als iedereen bereid zou zijn een fractie minder te werken. Maar weet je, slavernij was ook een systeem met volledige werkgelegenheid. Met andere woorden: het gaat erom banen te scheppen, niet om loon in te leveren.”

Een ander idee dat circuleert is om zorgverzekeringen los te koppelen van vaste dienstverbanden.

„Ons zorgstelsel is een zooitje. We geven 18 procent van het bbp uit aan gezondheidszorg, maar we zijn ongezonder dan de meeste westerse landen en we hebben 50 miljoen onverzekerden. Het probleem is dat het hele systeem gerund wordt door particuliere zorgverzekeraars. Washington zwemt in campagnegeld, helemaal nu het Hooggerechtshof heeft bepaald dat campagnedonaties een vorm van vrije meningsuiting zijn en dat ook bedrijven dat recht hebben. Op dit moment hebben de lobbyisten van de grote farmaceutische bedrijven, de zorgverzekeraars, de oliebedrijven en de banken het voor het zeggen. Dat maakt het moeilijk voor de president om ook maar iets gedaan te krijgen. De hele situatie schreeuwt om hervorming van de wet op financiering van verkiezingscampagnes.”

Kan Occupy Wall Street de politiek daartoe dwingen?

„Wellicht. Dit weet ik wel: het Amerikaanse politieke en economische systeem heeft een bijna automatisch vermogen om te herstellen van extreme situaties. Steeds weer redden we het kapitalisme van zijn eigen excessen. Dat deden we in de Progressive Era, tussen 1900 en 1916, toen de olie- en spoorwegmaatschappijen de democratie dreigden te overweldigen en we deden het opnieuw toen Wall Street in de jaren ’30 het land in de Grote Depressie stortte. En nog eens in de jaren ’60, toen de economie vrouwen en zwarten achterstelde. Ik weet zeker dat we het nog eens kunnen doen.”

In al die voorbeelden had het land steeds een sterke president – Theodore Roosevelt, Franklin D. Roosevelt, John F. Kennedy, Lyndon B. Johnson. Ziet u dit ook gebeuren onder het leiderschap van Barack Obama of de vermoedelijke Republikeinse presidentskandidaat Mitt Romney?

„Obama is tot nu toe te voorzichtig geweest, maar hij heeft ook geen hulp gehad van de progressieven in dit land, die zich na de verkiezingen nauwelijks nog met de politiek bemoeiden. Alsof hun werk gedaan was met de verkiezing van Obama. Maar in Washington gebeurt niets goeds, totdat mensen buiten Washington zich mobiliseren en organiseren en hun volksvertegenwoordigers dwingen tot echte hervomingen. Misschien doet Occupy dit wel.”

In de tussentijd vergadert in Washington een Super Committee van twaalf senatoren over aanbevelingen voor terugdringing van de schuldenlast. Wat verwacht u daarvan?

„Erg weinig. Het zou me verbazen als ze tot enige overeenstemming komen. De hele oefening is sowieso absurd. Ons probleem is niet het begrotingstekort, maar banen en economische groei. Het is alsof Washington op een andere planeet leeft dan de rest van het land.”

De VS zouden veel banen verliezen door door concurrentie van met name China. Moet Amerika China domineren om welvarend te blijven?

„Welnee, het is geen nul-somspel. Wij profiteren enorm van China’s groei, van zijn bereidheid om onze schuld te financieren en van zijn goedkope goederen. Omgekeerd zijn wij een grote afzetmarkt voor China. Onze hoge werkloosheid heeft niets met China te maken. Er wordt in dit land vaak misleidend gesproken over economische kwesties. Vooral de Republikeinen, maar ook sommige Democraten, voeden ons een aanhoudende stroom van leugens. Dat is gevaarlijk als je je in de grootste recessie sinds de Grote Depressie bevindt. Maar er is ook hoop: de jongelui van Occupy lijken te begrijpen dat ze worden voorgelogen door politici.”

Mars van Grunsven

    • Mars van Grunsven