'Ook de nieuwelegerchef van Israël is tegen een aanval'

Generaal b.d. Iri Kahn gelooft niet dat premier Netanyahu Iran zal aanvallen. „Dan moet er een verschrikkelijke en heel urgente aanleiding zijn.”

In Israël ontstond een merkwaardige dynamiek, nadat de kranten vorige week hadden bericht dat premier Netanyahu bezig was een kabinetsmeerderheid te organiseren voor een aanval op nucleaire installaties in Iran. De berichten leidden niet tot een debat over de zin van zo’n aanval, maar waren het startschot voor een moddergevecht tussen de regering en gepensioneerde bazen van de veiligheidsdiensten. Die keurden een aanval op Iran publiekelijk af, waarna ministers hen van laster beschuldigden.

Generaal b.d. Iri Kahn ontvangt in de tuin van zijn huis in Beit Yitzhak, een dorp bij Netanya. In zijn trui oogt hij niet als een generaal. Hij is tenger en spreekt zacht. Kahn is al enige jaren uit dienst, maar zit nog dicht bij het vuur. Hij heeft contact met wie er binnen het leger toe doet. Zijn iPhone onderbreekt hem steeds.

Gelooft u dat het Israëlische aanvalsplan per ongeluk uitlekte?

„Natuurlijk niet. Israël is geen groot land, maar je kunt er echt wel iets geheim houden, als je dat wilt. De Israëlische aanval op een Syrische nucleaire reactor in 2007 was vooraf niet bekend, en zelfs na afloop bleef het stil omdat de regering die doodzweeg. Nu zien we Netanyahu steeds stoer speechen over Iran. En wij moeten geloven dat de aanvalsplannen tegen zijn zin uitlekten? Iemand in de regering had er politiek belang bij om dit naar buiten te brengen.”

Welk belang is bij publiciteit gediend?

„Er circuleren twee theorieën. Volgens de eerste wil Israël zo de internationale gemeenschap onder druk zetten om strengere sancties in te stellen tegen Iran. Met andere woorden waarschuwt Israël: doe iets of ik ga rare dingen doen. Dat lijkt al effectief, gezien hoe Washington, Parijs en Londen reageren.

„De tweede analyse is dat de premier wil tonen dat hij een leider is die zijn beloften nakomt. Netanyahu zei voor de verkiezingen dat hij het Iraanse probleem zou oplossen. En tot nog toe heeft hij – mild uitgedrukt – weinig successen behaald. Het overleg met de Palestijnen is vastgelopen. En Israël is nog verder geïsoleerd geraakt, zoals de internationale instemming met Palestijnse toetreding tot Unesco liet zien. Een aanval op Iran zou die missers moeten verhullen.”

Wat is uw lezing?

„Beide theorieën zijn plausibel. Maar of zijn boodschap nu voor binnenlands of buitenlands publiek is bedoeld, of voor allebei, ik denk niet dat Netanyahu Iran zal aanvallen. Alleen al omdat de Amerikaanse president daartegen is. We kunnen zonder instemming van Washington Iran aanvallen, maar dat is hoogst onwaarschijnlijk. Voor Israël dat doet, moet er een verschrikkelijke en heel urgente aanleiding zijn.”

Kan het rapport van het Internationaal Atoomenergie Agentschap dat nu verschijnt zo’n aanleiding zijn?

„Nee. Dat rapport bevat voor Israël geen nieuws. Wij hebben onze eigen inlichtingen. Het rapport bevestigt alleen wat Israël al langer zegt, namelijk dat de nucleaire ambities van Iran in toenemende mate een bedreiging voor ons vormen.”

Welke bezwaren tegen een aanval op Iran hoort u binnen het leger?

„We hebben eerder met dit bijltje gehakt. In 1981 bombardeerden we een nucleaire reactor in Irak. Deze regering denkt: we doen dat nog eens. Maar het Iran van nu is niet het Irak van dertig jaar geleden. Het grote probleem is dat deze regering niet kijkt naar de veranderde realiteit.

„Hij die van alle Israëliërs het meest weet over de huidige situatie in Iran, de vorige baas van de inlichtingendienst, heeft zich fel tegen een aanval uitgesproken, net als de oud-chefs van de veiligheidsdienst en het leger. En ik ken de nieuwe legerchef toevallig goed. Hij is ook tegen. Maar dat maakt niet uit. De politiek beslist. De legerleiding bekijkt alleen: kan een militaire operatie het probleem oplossen? En kunnen we die operatie uitvoeren?”

Zegt u het maar, lost een aanval het probleem op?

„Ik betwijfel of vernietiging van Irans nucleaire installaties onze positie in het Midden-Oosten verbetert. We hebben grotere problemen dan Iran. We hebben problemen met Turkije, met Libanon en Syrië, en met de Palestijnen niet te vergeten. Egypte zou na de verkiezingen een probleem kunnen worden, net als het politiek instabiele Jordanië. We weten niet hoe Iran op een aanval zou reageren. Maar we weten dat Iran raketten heeft die Israël kunnen bereiken. En Iran heeft nauwe banden met onze buren, Hezbollah in Libanon en Hamas in Gaza, die Iran eerder heeft bewapend tegen Israël. Een aanval op Iran brengt ons echt geen vrede.”

Is Israël wel in staat Irans nucleaire installaties uit te schakelen?

„Het hoogst haalbare doel zou zijn de nucleaire productie op jaren achterstand te zetten. De Iraanse technologie is zeer verspreid en deels diep onder de grond verstopt. Voor een effectieve aanval moet je informatie hebben over alle locaties, en de juiste wapens.”

Kahn aarzelt even en zegt dan: „Dat Israël nu een effectieve aanval kan uitvoeren lijkt me zeer, zeer onwaarschijnlijk.”