Na Turkije weigert nu Egypte PVV'er toegang

Minister Rosenthal heeft de Egyptische ambassadeur op het matje geroepen. Waarom is een Kamerlid van de PVV nu weer niet welkom in Egypte?

Opnieuw kan de commissie Buitenlandse Zaken van de Tweede Kamer niet op reis omdat één van haar leden niet welkom is in het te bezoeken land. Dit keer is het PVV-Kamerlid Raymond de Roon die geen visum kreeg voor Egypte, het land waar de Kamercommissie dit weekeinde naar toe zou gaan. Raymond de Roon heeft zich de afgelopen maanden herhaaldelijk negatief uitgelaten over de nieuwe machthebbers in Egypte. Ook pleitte hij voor uitzetting van de Egyptische ambassadeur in Den Haag, naar aanleiding van het geweld tegen christenen in het land.

Begin vorig jaar besloot dezelfde Tweede Kamercommissie niet af te reizen naar Turkije. Toen wilden de Turkse premier Erdogan en zijn minister van Buitenlandse Zaken PVV-leider Wilders niet ontvangen die zich als lid van de Nederlandse delegatie had aangemeld. De overige leden van de commissie vonden dit onaanvaardbaar en besloten het bezoek te annuleren. Minister Rosenthal (Buitenlandse Zaken, VVD) liet gisteren weten de Egyptische ambassadeur op het matje te roepen over het weigeren van het visum.

Als het aan Alexander Pechtold ligt, fractievoorzitter van D66, buigen de buitenlandwoordvoerders zich op korte termijn over de problemen die deelname van PVV’ers aan reizen veroorzaakt. Hij vindt niet dat de gastheren in ontvangende landen gaan over de samenstelling van Nederlandse delegaties en staat daarom volledig achter het besluit niet naar Egypte te reizen. Maar Pechtold signaleert wel „een trend”. Het bevestigt volgens hem nog eens dat de opvattingen van de PVV en de gedoogconstructie wel degelijk tot „reputatieschade” van Nederland in het buitenland leiden. Premier Rutte en minister Rosenthal ontkennen dat steevast. Volgens hen toont het buitenland begrip voor de bijzondere wijze waarop dit kabinet Nederland bestuurt – als het is uitgelegd.

De PVV leidt niet alleen tot problemen voor ‘uitgaande’ bezoeken, maar ook voor ‘inkomende’. Zo zei de Indonesische ambassadeur in Den Haag, Yunos Habibie, vorig jaar dat president Yudhojono van zijn land waarschijnlijk van een staatsbezoek zou hebben afgezien als de PVV een volwaardige regeringspartij zou zijn geweest.

Volgend jaar zijn Nederland en Turkije van plan het 400-jarig bestaan van hun betrekkingen groots te vieren. Hoe de Tweede Kamer daarbij te betrekken als de PVV nog steeds als ongewenst wordt beschouwd in Turkije? In Turkse diplomatieke kringen weten ze de oplossing al: Kamerleden zullen individueel worden uitgenodigd.