Het hardste rapport ooit

Nieuwsanalyse

Nieuwe aanwijzingen dat Iran kernwapens ontwikkelt, leiden tot grote diplomatieke spanning. Extra sancties moeten het resultaat zijn.

ARAK, IRAN - FEBRUARY 12: This is a satellite image of Arak, Iran collected on February 12, 2007. (Photo DigitalGlobe via Getty Images) DigitalGlobe/Getty Images

Opnieuw heeft een rapport over het nucleaire programma van Iran grote internationale opwinding veroorzaakt. En opnieuw was die opwinding zeker zo groot vóór als na de publicatie ervan – alsof de mondiale publieke opinie gemasseerd moest worden in afwachting van de presentatie van de feiten.

Na de speculaties van de afgelopen weken over een Israëlische luchtaanval op Iraanse nucleaire installaties, is de toon van de dreigementen aan Teheran inmiddels aanzienlijk gematigd. Zo zei de Israëlische minister van Buitenlandse Zaken Lieberman, een havik in het kabinet, gisteren nog slechts dat Iran getroffen moet worden door „verlammende sancties”, om Iran te dwingen het verrijken van uranium te staken.

Minister van Defensie Barak gooide ook olie op de golven. Hij noemde de speculaties over oorlog gisteren „misleidend”, al wil hij de optie niet van tafel halen.

In zijn hardste rapport over Iran tot dusverre meldde het Internationale Atoomenergie Agentschap (IAEA) gisteren Iraanse activiteiten die „specifiek zijn verbonden met de ontwikkeling van nucleaire wapens”. Het IAEA schreef zich te baseren op eigen onderzoek, maar ook op informatie van tien lidstaten.

De Iraanse president Ahmadinejad ontkende voor en na publicatie fel dat Iran een kernwapen ontwikkelt. Gisteren brandmerkte hij de chef van het IAEA als een „Amerikaanse marionet”.

Het nucleaire Non-proliferatieverdrag, waarbij Iran is aangesloten, verbiedt landen die nog niet behoren tot de kernwapenmogendheden een atoombom te bouwen. De inspecteurs van het IAEA controleren dat.

Het roeren van de oorlogstrom, dat begon in de Israëlische media en versterkt werd door de proeflancering van een Israëlische ballistische raket, had een duidelijke functie. Dat was niet zozeer om een riskante oorlog met het grote Iran aan te kondigen, als wel de geesten rijp te maken voor een forse aanscherping van de sancties tegen Iran.

Daadwerkelijke militaire aanvallen heeft Israël nooit van tevoren laten uitlekken. De aanval op de Iraakse kerncentrale Osirak (1981) en op een vermeende kerncentrale-in-aanbouw in Syrië (2007) kwamen voor de buitenwereld als volslagen verrassingen. Maar de speculaties over een Israëlische aanval op Iran duiken al sinds 1994 met regelmaat op.

De nieuwe sancties waarover nu gesproken wordt moeten vooral de Iraanse Centrale Bank en de olie-export treffen. In het Amerikaanse Congres wordt al gewerkt aan wetsvoorstellen die er speciaal op gericht zijn het functioneren van de Centrale Bank te ondermijnen.

Amerikaanse bedrijven is al jaren verboden transacties met de bank te doen. De volgende stap is elk buitenlands bedrijf te straffen dat er zaken mee doet. Het Congres wil de sancties tegen de Iraanse olie- en gasindustrie ook aanscherpen. Pleitbezorgers voor hardere sancties tegen Iran, zoals het Congres en de Israëlische minister Lieberman, willen dat Europa ook meedoet.

Europese landen – maar ook de Amerikaanse regering – zijn echter beducht voor de gevolgen van zulke vergaande sancties. Strafmaatregelen tegen de Centrale Bank kunnen enorme repercussies hebben, niet alleen voor de inkomsten en de valuta van Iran, maar ook voor het mondiale financiële systeem, waarschuwde vorige maand de man die bij het Amerikaanse ministerie van Financiën verantwoordelijk is voor sancties. Want de Iraanse Centrale Bank speelt een sleutelrol bij de financiële afhandeling van de olie-export.

Al jaren zeggen westerse landen dat ze met sancties de druk op Iran opvoeren, maar de strenge taal strookt niet altijd met de praktijk. Zo is de import van de Europese Unie uit Iran (zeven miljard euro), in de eerste zes maanden van dit jaar met 9 procent gestegen ten opzichte van dezelfde periode in 2010.

Het gevaar dat sancties tegen Iran de olie- en gasprijs verder zullen opdrijven, boezemt de Europese landen, en ook de regering-Obama, extra angst in omdat toch al een economische crisis dreigt. Iran is de op drie na grootste olie-exporteur in de wereld en ook een zeer grote gasleverancier.

Oorlogstrom of niet, een vergaande verscherping van de sancties van de Verenigde Naties is vooralsnog uitgesloten. Rusland en China, permanente leden van de Veiligheidsraad met vetomacht, staan altijd al zeer kritisch tegenover strafmaatregelen tegen Teheran. De Israëlische minister Barak zei gisteren ook niet te verwachten dat deze landen zullen instemmen met „dodelijke” sancties tegen Iran.

Iran heeft al veel last van de sancties. Het heeft de luchtvaartmaatschappij van Qatar gevraagd binnenlandse vluchten over te nemen, omdat de Iraanse vliegtuigen door gebrek aan onderdelen uit de lucht vallen. Maar het land blijft erbij: nooit zal het toegeven aan de „onrechtvaardige” eisen van de internationale gemeenschap.

    • Juurd Eijsvoogel
    • Carolien Roelants