Ik als een zwarte vrouw

Zaterdag was het de tweede keer in mijn leven dat ik een Halloweenfeest bezocht. Het was tevens de keer dat ik onbedoeld een van de meest controversiële outfits van de avond droeg. Het ging zo: ik heb ooit met twee vrienden een tijdje in Tanzania gewoond. Uit die tijd hadden we alledrie nog spullen: jurken,

Zaterdag was het de tweede keer in mijn leven dat ik een Halloweenfeest bezocht. Het was tevens de keer dat ik onbedoeld een van de meest controversiële outfits van de avond droeg.

Het ging zo: ik heb ooit met twee vrienden een tijdje in Tanzania gewoond. Uit die tijd hadden we alledrie nog spullen: jurken, Masaï-sieraden, oorbellen met Obama erop, sandalen van autoband en zelfs een Masaï-hoofdtooi met rode vlechtjes. Sommige waren souvenirs, andere hadden we gekocht in de romantische overtuiging dat die op maat gemaakte enkellange jurk met vissenpatroon in Nederland heus je lievelingskledingstuk zou worden. Wij besloten dus: we gaan als Masaï.

De vriendin en ik droegen onze handgemaakte jurken, de vriend twee roodzwart geblokte Masaï-doeken en de tooi – en om het af te maken, schminkten we ons gezicht, onze rug en armen mooi egaal donkerbruin. Het zag er spectaculair uit – al leek het opeens wel alsof we een kunstgebit droegen, zo vreemd hagelwit blonken onze tanden.

Binnen één minuut op straat begon er een jongen naar ons te roepen. Hij was zwart. En boos. Heel boos. „This is nót cool!” schreeuwde hij. „Not cool!”

Vanaf dat moment wisten we: we zijn niet zomaar onschuldig verkleed als Masaï. We zijn een wandelende controverse.

Op het feest bleven mensen hoofdschuddend naar ons toe komen: ‘Dit kan echt niet’, ‘dit is zo politiek incorrect’ en ‘ja, ik snap wel dat mensen boos zijn. Hebben jullie nooit van blackface gehoord?’

En eenmaal in de dansruimte voelde ik: we hebben inderdaad een faux pas begaan. Om me heen zag ik vampiers, The Joker, nazi’s en Sugar Lee Hooper. Dit was een Halloweenfeest: iedereen was verkleed als iets ongewoons, belachelijks of engs.

Ik was verkleed als een Masaï, omdat me dat mooi en bijzonder leek, maar iedereen zag slechts: zij is verkleed als het engste wat ze kan verzinnen: een zwarte vrouw. Ik voelde me als een aflevering Holland In Da Hood: hoewel je het oprecht niet slecht bedoelt, zal niemand ervan opkijken als je in elkaar geslagen wordt.

Tegelijkertijd dacht ik ook: wat een onzin. Naast de zombies liepen er net zo goed mensen rond die iets hadden gekozen bij wijze van ode: er was een Ariël de Zeemeermin, er waren Japanse schoolmeisjes en een zakje Earl Grey thee. Waarom zou een Masaï dan niet kunnen? Waarom mag je een pruik op doen, kleurlenzen, een bril, een boerka en een berenpak aan, maar mag je niet voor een avond wisselen van huidskleur? Is deze optie voorgoed besmet – zelfs als het kostuum respectvol is? Of zijn het slechts de fanatiekelingen die er zo op reageren – mensen die überhaupt snel beledigd raken, zoals een hardcore-feminist wellicht ook boos was geworden om een sletterig Miss World-pakje?

Een van de jongens die naar me toe kwam, vroeg fel: „How would you like it if I dressed up as a white guy?”

En ik dacht: dat lijkt me juist geweldig.