Oorverdovende toekomst

A South Korean woman walks past advertising for the Samsung Electronics mobile phone Galaxy S II LTE in Seoul on October 7, 2011. Samsung Electronics said on October 7, 2011 it expects third-quarter operating profit of around 4.2 trillion won ($3.52 billion USD), a 13.6 percent fall year-on-year amid weak demand for flat panels and computer chips. AFP PHOTO / PARK JI-HWAN AFP

Gooi een atoombom op Hilversum. Het is een regel uit Heet van de naald, het autobiografisch gedicht in 91 kwatrijnen van de grote schrijver Max de Jong (1917-1951). Voor alle zekerheid: hij heeft dat natuurlijk niet letterlijk bedoeld, hij wilde alleen duidelijk maken hoe diep hij gehinderd werd door het kabaal, geronk, getetter dat toen nog alleen door de radio werd verspreid. In het jaar van zijn dood maakte het volk kennis met de televisie, één kanaal waarop de uitzending pas ’s avonds begon, met eerst het testbeeld dat toen ook als een bezienswaardigheid werd beschouwd. Intussen is Max de Jong praktisch vergeten. In mijn laatste gedrukte encyclopedie, de eendelige uitgave van het Spectrum, verschenen in 2001, komt hij niet voor. Op internet kun je een paar summiere inlichtingen en een paar foto’s van hem vinden. Maar er zijn veel meer Maxen de Jong, een beroemde voetballer, iemand op Linkedin, nog een paar op FaceBook, Twitter, enz.

De schrijver zou nu 94 jaar zijn. Ik had hem een hoge leeftijd graag gegund, wie weet wat voor oeuvre hij had gebouwd, maar aan de andere kant is hem veel bespaard. Dat ontdekte ik weer eens doordat ik me een lang, vrijwel mediavrij weekeinde had veroorloofd. Alleen onderweg The Guardian gekocht en verder met mijn mobieltje waarvan bijna niemand het nummer kent. Maandagmiddag na vier etmalen terug in Amsterdam. De brievenbus vol kranten, om te beginnen. Je kunt ook visueel kabaal maken. Het geschreeuw om aandacht trof mijn netvlies.

Daarna tegen half acht de televisie, eerst het reclameblok dat aan het nieuws van RTL4 vooraf gaat. Ik was het even ontwend, maar godbewaarme, wat gaan die mensen daar op alle mogelijke manieren tekeer. Ritmisch hossen, kohlogen opzetten, in hemelse vervoering kijken, schreeuwen, op allerlei manieren krompraten, Engelse woorden ertussendoor gooien, verkeerde klemtoon leggen. Allemaal om me dingen te laten kopen die ik niet nodig heb. En dan het nieuws zelf, de crisis, de inleiding tot weerbericht, weer reclame, het echte weerbericht dat altijd begint met de foto’s van het weer dat we achter de rug hebben, het weervrouwtje dat op haar allercharmantst uit de hoek komt, en eindelijk de voorspelling waar het allemaal om te doen is.

Toen, om acht uur het journaal van de NOS. Daar wordt het allemaal kalmer aangepakt. Natuurlijk weer de crisis, daar gaat het om in deze dagen en een bijdrage over Lee Towers, de beroemde Rotterdamse zanger die zich op zijn laatste optreden voorbereidt. Ik had hem lang niet gehoord, hij zingt nog altijd mooi, is pas 65, zodat ik me afvroeg of het wel verstandig was om nu afscheid te nemen. Maar het is de geest van de tijd. Voor je het weet sta je bekend als de zingende mastodont. Dus kon ik het bij nader inzien wel begrijpen.

De volgende dag voor het eerst weer de tram in. Daar zaten ze, jong en ook steeds ouder, geconcentreerd in de weer met hun digitale apparaatjes, te telefoneren, op hun toetsen of schermpje te drukken, naar de muziek te luisteren, of naar een uitzending gemist te kijken, of misschien een fotootje te maken. Kijk naar buiten mensen, dacht ik. Daar zijn de ramen voor, dat is de permanente, altijd verrassende televisie. Maar een nieuwe god is onweerstaanbaar bezig zich van de mensheid meester te maken, de digitale god. Dit is de nieuwe Brave New World, fantastischer dan Aldous Huxley heeft verzonnen, en zuivere werkelijkheid. Als nu iemand bezeten van een duivelse boosaardigheid iets zou verzinnen waardoor alle digitale communicatie werd verlamd, zou hij daarmee de nieuwe mensheid in een afgrond van radeloosheid storten.

In The Guardian had ik gelezen dat een paar dagen geleden de zevenmiljardste aardbewoner geboren is, dat omstreeks 2026 de achtmiljardste kan worden verwacht en als het zo verder gaat, komt de negenmiljardste in 2050. De krant had er een hoofdartikel over met als conclusie dat nu de tijd gekomen is om ons daarop voor te bereiden. Zeg dat wel. Je kunt je voorstellen dat we alle mogelijke soorten van onheil tegemoet gaan. Dat was in 1913 ook het geval, en niet minder in 1939. Maar er valt ook iets anders te bedenken.

We blijven vooruitgaan op dezelfde manier als nu. Onder vooruitgang verstaan we een welvarender en vooral een leuker leven waarin we door de steeds geraffineerder digitale technieken op meer wenken bediend worden. Deze zevenmiljardste gaat al ongekende lustbelevingen tegemoet en voor de achtmiljardste wordt het leven nog rijker. Daarbij hoeft zij/hij praktisch niet meer te bewegen, want alles is virtueel geworden, alle avonturen worden gestart met een paar tikken op de toetsen of lichte aanrakingen van een schermpje waarop je dan wordt meegesleept in driedimensionale vertoningen. Wat een geweldig leven! Maar er is één constante. Hoe groter en gevarieerder het aantal media, hoe scherper de concurrentie om aandacht. De beste manier om die te krijgen is: meer kabaal maken. Vandaar dat ik aan deze dichtregel van Max de Jong dacht.

    • S. Montag