Marcel Möring: Het marktgeloof

Greed is good, greed is right, werd ons decennia voorgehouden, maar het systeem dat bemoeienis van de overheid niet nodig vond, stort in. Het is tijd voor verandering.

Nederland Terschelling juni 2000 , natuur op het waddeneiland. wolken / lucht Foto: Sake Elzinga Elzinga Sake

Honingdronken van het geloof in de natuurwet van de markteconomie waren we toen we de nutsbedrijven, die leverantie tegen kostprijs garandeerden van het noodzakelijke, offerden op het altaar van de vrije markt met de belofte dat concurrentie en het spel der vrije economische krachten voor lagere prijzen en betere producten zou zorgen. Nu hebben we geen ziekenfonds meer en kopen tegen steeds hogere bedragen ziektekostenverzekering in. De geliberaliseerde energiemarkt heeft onleesbare jaarafrekeningen opgeleverd die niet lager zijn geworden. En de spoorwegen... Ach...

Tot halverwege de negentiende eeuw controleerde en garandeerde de overheid zelfs prijs en kwaliteit van het brood. De zorg voor de burger was een raison d’etre van de overheid, die van, voor en door ons was. Nu wordt die gedachte een anachronisme gevonden. Econoom Sweder van Wijnbergen zei onlangs dat voedsel een eerste levensbehoefte is en dat de overheid die tak van industrie ook overlaat aan de markt. Dat is waar, als je vergeet dat die industrie onderworpen is aan strenge overheidscontrole, wordt bestuurd door een machtig ministerie en, op nog hoger niveau, door Europa, dat vorig jaar 1.020 miljoen landbouwsubsidie aan Nederland uitkeerde. Op zo’n manier willen we allemaal wel worden overgelaten aan de markt.

Het zijn niet alleen de tentbewoners van de Occupybeweging die vraagtekens zetten bij het panacee van de vrije markteconomie. De Eerste Kamer heeft met steun van PvdA, VVD, D66, PvdD, SP, GroenLinks, SGP en ChristenUnie een parlementaire commissie onderzoek privatise-ring/verzelfstandiging van de overheidsdiensten ingesteld. De uitkomst staat al vast: de privatisering had beter gekund, maar ‘het systeem’ deugt.

Het geloof in het kapitalistische systeem als een economische ecologie die zelf zijn balans zoekt heeft ons gebracht waar we nu zijn: overgeleverd aan een markt die er vooral voor zichzelf is, en als het fout gaat de hand mag ophouden. Dat geloof is zo obstinaat dat we spreken over een Griekse crisis, eurocrisis, economische crisis, maar niet over het systeem en of dat wel deugt.

Het is begonnen in de jaren ’80, toen we afscheid namen van de idealen van de solidariteitssamenleving, de verzorgingsstaat en het nutsbedrijf. Zoals altijd gaven de kunsten toen al aan dat daar op zijn minst iets over te zeggen viel. En zoals altijd was er geen hond die luisterde. Want, zoals premier Rutte dat niet zo lang geleden nog zei: ‘Kunstenaars staan met de rug naar de maatschappij en met de knip naar de overheid.’ Heel anders dan het bedrijfsleven.

The Bonfire of the Vanities van Tom Wolfe (1987) en Oliver Stone’s Wall Street (1986) markeerden de wederopstanding van een vorm van kapitalisme die zich sinds de vroege jaren zestig niet meer hevig en zo zelfbewust had gemanifesteerd. In Wall Street werd dat samengevat in de speech die Gordon Gekko op een aandeelhoudersvergadering houdt: „The point is, ladies and gentleman, that ‘greed’ — for lack of a better word — is good. Greed is right. Greed works. Greed clarifies, cuts through, and captures the essence of the evolutionary spirit.” Dit vers hervonden ondernemerszelfbewustijn bereikte hallucinatoire hoogtes in The Bonfire of The Vanities, waar trader Sherman McCoy zichzelf en de zijnen ‘Masters of the Universe’ noemde.

Ze hadden een slecht decennium achter de rug, die gelovigen in een slecht begrepen vorm van economisch darwinisme. De jaren zeventig hadden zich gekenmerkt door een slappe economie, een breed gevoelde afkeer van ongebreideld kapitalisme en een diep wantrouwen jegens het heil van de marktwerking. Boudewijn de Groots hit Jimmy verwoordde wat velen dachten toen hij, de toekomst van zijn kind overpeinzend, zong: „Als-ie maar geen voetballer wordt, ze schoppen hem misschien half dood. Maar liever dat nog dan het bord voor zijn kop van de zakenman, want daar wordt hij alleen maar slechter van.”

In 1979 was Margaret Thatcher aangetreden in Groot-Brittannië, wij beleefden een jaar later de stormachtige kroning die vooral een signaal van sociale onrust en onvrede was en het jaar daarop werd Ronald Reagan verkozen tot president van de VS. Na drie kabinetten-Van Agt trad in Nederland Lubbers I aan, dat een Hollandse vorm van Thatcheriaanse economische shockpolitiek doorvoerde en ‘de BV Nederland’ introduceerde. Vanaf nu moesten we meer zelf dragen. Volgens het CDA kon dat als het gezin de hoeksteen van de samenleving was, een anachronistische opvatting in een tijd waarin het klassieke gezin hevig op zijn retour was en bovendien een ontkenning van het solidariteitsbeginsel dat juist de confessionele partijen met de liberalen, veel meer dan de socialisten, hadden opgebouwd. Het waren diezelfde partijen die de massa-immigratie stimuleerden en instand hielden om de ‘wheels of industry’ te voeden.

We leven in een wereld zoals die de afgelopen dertig jaar is vormgegeven door de Masters of the Universe. De banken happen naar adem, de euro wankelt, de wereldeconomie strompelt en wie zegt dat dat wel eens kon komen door wat er die afgelopen dertig jaar is gebeurd wordt weggewoven als een idealist, een dromer, iemand die het geloofsartikel van het marktdenken afwijst en daarom net zo’n idioot is als degene die gelooft in intelligent design.

Maar wat het marktgeloof van het Westen ook moge zijn, intelligent is het niet. De economische wetenschap, die meer weg heeft van theologie dan van wiskunde, geeft een eindeloze reeks verklaringen a posteriori, maar heeft nooit een einde weten te maken aan de hardnekkige reeks systeemcrashes die ons steeds weer treffen. Misschien dat Keynes daarom, na een periode uit de gratie te zijn geweest, weer wordt omarmd als mogelijke verlosser. Net zoals Friedman dat in de jaren zeventig was en Friedrich Hayek na hem.

Maar zou het niet kunnen zijn dat ‘het systeem’ helemaal niet zo goed werkt en dat een moedige blik op de statistieken aantoont dat ‘de markt’ op dezelfde manier een geloof is als dat in een allesbestierend opperwezen? Voor wie in God gelooft zijn rampen, tegenspoed en de onverklaarbare slechtheid van de mens geen negatief godsbewijs en mooie zonsondergangen, voorspoed en een goede gezondheid tekenen dat Hij juist wel bestaat. Wie in ‘de markt’ gelooft doet hetzelfde. Als het fout gaat ligt het niet aan het kapitalistische systeem, als het goed gaat is het een bewijs dat het werkt.

We zijn overgeleverd aan dat systeem en hebben gedaan wat Jack Boozer Jr. zegt over Gordon Gekko in zijn boek Wall Street: The Commodification of Perception over Oliver Stone’s film Gekko sells the future into debt for cash returns now.

Onze toekomst is verkocht voor snelle winst. De banken en pensioenfondsen hebben risico’s genomen die ons diep hebben geraakt en nog dieper zullen raken. Nu moeten we daarvoor betalen. Maar we mogen niet meebeslissen. Of de bank nu investeert in wapens, doorverhandelde en giftige bonds of dubieuze staatsleningen, wij kunnen ons geld stallen en dat is het. De pensioenen, die nog geen twintig jaar geleden conservatief werden belegd in vastgoed, zijn verdampt op de aandelenmarkten. Er is ook gewonnen, maar zoals Maarten Schinkel onlangs in deze krant duidelijk maakte levert beleggen „minder op dan de nominale economische groei”. „Een onwrikbaar geloof dat beleggen in aandelen uiterst rendabel is”, noemt hij het. En onder de nieuwe pensioenregeling moeten wij straks een risicodragend aandeel nemen in dat geloof.

Het systeem dat overheidsbemoeienis terugdrong omdat de markt het zelf wel af kon, stort in. De honderden miljarden vliegen ons om de oren. Wie denkt dat het om Griekenland gaat, laat zich ringeloren. Dat geld gaat niet naar de Grieken, maar naar onze banken. En als die daarna nog steeds ondervoed zijn kunnen ze straks op Europese garanties rekenen. Het is tijd om te veranderen. In de woorden van The Manic Street Preachers: If You Tolerate This Your Children Will Be Next.

Marcel Möring is schrijver.

    • Marcel Möring