Bloemlezen

Denise Collignon (30), studente bloemsierkunst aan de STOAS Hogeschool in Wageningen, rondt dit weekeinde haar eindexamenproject af: Het stilleven als archief. ‘We gaan vaak zo tuttig om met bloemen’, zegt Collignon. ‘Speel met bloemen, ontwerp er mee.’ Ze maakte vijf historische bloemstillevens, die de afgelopen weken bij het Rotterdamse kunstcentrum Roodkapje stonden opgesteld. Daar organiseerde ze ook workshops bloemschikken. Het verouderingsproces van de historische boeketten liet ze wekelijks vastleggen. Op deze pagina’s zijn ze nog vers.

1 Klassiek stilleven (16de en 17de eeuw) Het bloemstilleven zoals hier afgebeeld heeft waarschijnlijk nooit in deze vorm bestaan. Bloemen waren in de 16de en 17de eeuw kostbare exotische schatten die door onder andere de Verenigde Oost-Indische Compagnie werden verscheept. Schilders hadden deze exoten niet altijd voorhanden. Vaak maakten ze gebruik van aantekeningen van botanici, vandaar dat in de schilderijen de bloemen soms uit verhouding zijn. De schilders toonden zoveel mogelijk verschillende bloemen en kleuren en gaven alle bloemen een overzichtelijke plaats in het boeket. Bloemen waren expliciet aanwezig in bijbels en gebedsboeken en hadden niet alleen een decoratieve functie. Ze stonden symbool voor de vergankelijkheid van het leven en de bewondering voor de schepping.

2 Klassiek stilleven (18de en 19de eeuw) De stillevens in de 18de en 19de eeuw kregen meer beweging en elegantie. Er kwam steeds meer uitheems en exotisch materiaal beschikbaar en ook werden er meer grassen en bladmateriaal gebruikt. Met name in de tijd van het neoclassicisme werd vanuit Engeland de S-vormige schikking in bloemwerk aangeprezen. De S-lijn in bloemstukken wordt ook wel Hogarthlijn genoemd naar de Britse schilder William Hogarth, die in zijn boek The analysis of Beauty de S-vorm als het ultieme schoonheidssymbool beschreef. Hogarth was sterk beïnvloed door de Delftse schilder Willem van Aelst, die de S-lijn introduceerde.

3 Makart-stilleven Het makart-boeket is vernoemd naar de schilder Hans Makart (1840-1884). Hij schilderde in neo-barokstijl en stond bekend om zijn theatrale stijl. In de donkere huiskamers van de 19de eeuw was het moeilijk om kamerplanten te houden, ter decoratie werden er vaak stillevens van geprepareerde grassen en bladeren gemaakt. In het begin waren de salonboeketten neutraal van kleur maar later werden ze steeds bonter. De salonboeketten werden niet alleen in de salon geplaatst maar ook in de ontvangsthal en het trappenhuis.

4 Vegetatief stilleven Rond 1850 opent Japan z’n grenzen en kwamen we hier in Europa steeds meer in aanraking met het Japanse bloemschikken. Het had veel te maken met de natuurbeleving van de Japanner, hij wil het groeien en de herkomst van het materiaal ervaren in de schikking. Hierdoor ging men in Europa nadenken over een andere manier van bloemschikken. Begin 1900 wordt er zelfs met grote afschuw gesproken over de massieve bloemstukken van rond 1870. Er wordt steeds meer rekening gehouden met de natuurlijke groeirichting van het materiaal en ook herkomst gaat een grotere rol spelen. Vazen, manden en schalen laten de natuurlijke vormen beter tot hun recht komen.

5 Modern stilleven De orchidee staat in dit stuk symbool voor onze consumptiemaatschappij. Deze bijzondere epifyt groeit in het regenwoud hoog in de bomen, tegenwoordig staan ze in iedere huiskamer vastgebonden aan 1, 2 of 3 stokjes. Een orchidee cadeau doen zegt al lang niet meer hoe bijzonder je de vriendschap vindt (zoals ten tijde van onze grootouders), maar eerder dat je misschien niks beters kon vinden.

Bronnen: artikelen Jan van Doesburg en het boek ‘Met kunst en bloemwerk’. Zie ook: www. denisecollignon. com