Waarom brandt een ledje zonder stroom?

Iedere keer als Tony Boogers uit Geldrop de adapter van zijn laptop afkoppelt, blijft het blauwe lampje op die adapter nog even branden. „En iedere keer opnieuw vraag ik me af hoe dit komt.” Bij alle andere lampen in huis, „van gloeilamp, hallogeen, led, tl, tot spaarlamp” dooft de verlichting direct wanneer de stekker uit het stopcontact gaat.

Het was de redactie van nrc.next ook al opgevallen, dat de verklikkerlichtjes op voedingen zo traag doven. De kroon spant het fraaie ringetje op de voedingsplug van Dell-laptops. Die blijft ook zonder stroom nog dertig seconden licht geven. Een akelig hard blauw lichtje op een usb-stekker houdt het maar vijf seconden vol.

Voor dit type problemen bellen we direct Eindhoven. Op de Technische Universiteit neemt Marco Haverlag de telefoon op. Hij is fellow ‘lamp technology’ bij Philips Lighting en hoogleraar in de fysica van gasontladingslampen (tl-buizen, en de hogedruklampen in stadionlichten). Onmiddellijk verklaart hij het raadsel van het niet dovende ledje. „Die blauwe ledlichtjes zijn de laatste jaren zó veel efficiënter geworden dat ze best nog even kunnen blijven branden op de energie die nog in de afvlakcondensator van de transformator van de voeding zit.”

De afvlakcondensator. Dat is een soort buffer in de transformator om kleine wisselingen in de 50 Hz frequentie van de netstroom op te vangen. Want dat doet de voeding: die zet de 230 volt wisselspanning uit het lichtnet om in de 19,5 volt gelijkstroom die een laptop gebruikt. „Door die buffer kan de voeding een mooie gelijkmatige gelijkstroom leveren. Als je de losse voeding weer in de computer zou steken zuigt de computer alles gelijk weg, en is dat lampje snel uit.” Een laptop kan wel 6 à 7 ampère verbruiken, een blauw ledlichtje ‘doet’ hooguit 20 milli-ampère. „Tien jaar geleden gebruikte zo’n lampje wel het tien tot honderdvoudige”, herinnert Haverlag zich. En dat is volgens hem ook de reden waarom die blauwe lampjes in sommige apparaten zulk gemeen scherp licht geven. „De ledjes zijn veel efficiënter, maar ze krijgen soms net zo veel stroom als vroeger.”

De blauwe ledlampjes zijn het efficiëntst geworden, omdat daarnaar het meeste onderzoek is gedaan. Blauwe lampjes zijn populair omdat ze met een coating van fosfor ook witlicht kunnen leveren. Gele, rode of groene kunnen dat niet.

hendrik Spiering

    • Hendrik Spiering