Rusland in de WTO is geen wondermiddel

De lange Russische odyssee zal misschien binnenkort voorbij zijn. Door een overeenkomst met Georgië lijkt de laatste hindernis te zijn weggenomen voor de toetreding van Rusland tot de Wereldhandelsorganisatie (WTO), waardoor een einde is gekomen aan achttien jaar van moeizame onderhandelingen. Het lidmaatschap is een belangrijk ijkpunt in de voortgang van het Russische hervormingsproces. Maar er moet nog veel meer gebeuren voordat de vruchten daarvan kunnen worden geplukt.

Voor beleggers is de lang verwachte toetreding van symbolische betekenis die verder gaat dan handelskwesties. Ze tempert de vrees dat premier Vladimir Poetin, die ambivalent staat ten opzichte van zowel de vrije handel als het Westen, Rusland zal toestaan terug te glijden in protectionisme. Maar verder verlangen beleggers toch meer directe economische voordelen.

Hoewel er sprake zal zijn van verlagingen van enkele invoertarieven, zal de voornaamste winst bestaan uit de potentiële impuls voor de buitenlandse investeringen. Beleggers uit het buitenland zouden in beginsel de mechanismen van de WTO voor de oplossing van geschillen kunnen gebruiken om Rusland te dwingen de regels te veranderen die de concurrentie beperken of buitenlandse nieuwkomers discrimineren.

Blijkens een dikwijls aangehaald onderzoek van de Wereldbank kan de welvaartswinst van toetreding tot de WTO binnen vijf jaar kunnen oplopen naar een totaal van 3,3 procent van het bruto binnenlands product, en op de langere termijn zelfs naar 11 procent, vooral dankzij meer concurrentie in de dienstensector.

Maar zulke rooskleurige voorspellingen moeten behoedzaam tegemoet worden getreden. De meeste barrières voor toegang tot de Russische markt zijn niet formeel, maar informeel van aard.

Een goed voorbeeld zijn de financiële diensten, die in theorie zouden moeten profiteren van de WTO-regel die inhoudt dat de limiet voor buitenlands eigendom wordt verhoogd van 25 naar 50 procent. Maar onlangs zijn buitenlandse banken Rusland juist ontvlucht wegens problemen bij het concurreren tegen de steeds verder uitdijende staatsbanken. En in de telecomsector schrikken ondoorzichtige licentieregels alleen de dapperste beleggers niet af.

Op zichzelf zal de toetreding tot de WTO deze kwesties niet oplossen, en beleggers zullen terecht voorzichtig zijn totdat Rusland daartoe stappen onderneemt. Bestaande WTO-lidstaten als China kennen immers ook nog steeds enorme hindernissen voor een eerlijke concurrentie. En Ruslands buurstaat Oekraïne is sinds 2008 lid van de WTO, maar er zijn maar weinigen die willen beleggen in het belabberde ondernemingsklimaat van dat land.

Voorspellingen over een groot WTO-dividend voor Rusland kunnen dan ook te optimistisch blijken. Op z’n minst heeft Rusland nog steeds heel veel te bewijzen.

Jason Bush

Vertaling Menno Grootveld

    • Jason Bush