Raad van Europa maant Nederland

De Raad van Europa heeft Nederland gemaand om zijn kritiek op het Europese Hof voor de Rechten van de Mens. Volgens secretaris-generaal Thorbjørn Jagland, die gisteren in Den Haag met kabinetsleden sprak, is kritiek „welkom, maar moet die opbouwend zijn. Destructieve kritiek, kritiek die het hof ondermijnt, is gevaarlijk”.

De Noor doelt daarmee onder meer op de wens van het kabinet om de rol te versterken van het Comité van ministers, het onderdeel van de Raad dat bevoegd is om het mensenrechtenverdrag te interpreteren en zo van grote invloed is op het Hof in Straatsburg – het andere onderdeel van de raad. Volgens analisten gaat zo’n versterking van het Comité ten koste van de invloed van het Hof.

In politiek Den Haag gaan steeds meer stemmen op tegen het ‘Straatsburgse activisme’ en voor nationale soevereiniteit. Vorig jaar moest Nederland gedwongen advocaten toegang geven tot verdachten voorafgaand aan een verhoor.

Volgens Jagland is Nederland niet bezig het hof te ondermijnen, „maar sommige woorden in het debat hadden misschien beter niet gebruikt kunnen worden.” Jagland vreest ook dat de Nederlandse kritiek de positie legitimeert van landen zoals Rusland, notoire mensenrechtenschenders die behoren tot de grootste critici van het hof.

Minister Opstelten (Justitie, VVD) heeft onlangs ook aangekondigd om de griffierechten voor het hof te verhogen, om burgers te ontmoedigen klachten in te dienen. Het hof kampt met grote werkachterstanden. Jagland twijfelt echter over de effectiviteit van zo’n maatregel. „Volgens het hof leidt zoiets juist tot meer administratieve werkzaamheden, en niet tot minder rechtszaken.”

Interview Jagland: pagina 13