Pensioenakkoord kan in nachtmerrie uitmonden

De uitvoering van het nieuwe pensioenakkoord zal nog moeilijk worden, bleek deze week in de Tweede Kamer. Maar niets doen is geen optie.

Een pensioenakkoord dat nog niet is uitgewerkt, wetgeving die nog niet is afgerond en op termijn nog eens honderden nieuwe pensioencontracten die allemaal moeten worden ingevoerd. Directeur Gerard Riemen van de Pensioenfederatie, de brancheorganisatie van de pensioenfondsen in Nederland, schetste gisteren tijdens een hoorzitting in de Tweede Kamer een somber beeld van de uitvoeringspraktijk als het afgelopen juni afgesloten pensioenakkoord moet worden ingevoerd. „Het is uitvoeringstechnisch bijna niet mogelijk en aan de pensioendeelnemers nauwelijks uit te leggen”, aldus Riemen.

Een keur aan pensioendeskundigen, financiële specialisten en economen trok tijdens de twee dagen durende hoorzitting voorbij aan de fractiespecialisten in de Tweede Kamer. Met als rode draad in de meeste betogen dat het nieuwe pensioenstelsel er móet komen omdat de Nederlandse oudedagsvoorziening anders teveel risico loopt. „We moeten niet in stilstaand water zitten” zei directeur Toezicht en Pensioenfondsen, Joanne Kellerman. „Als we niets doen, vervalt de basis onder het stelsel”, aldus professor Kees Goudswaard, die vorig jaar leiding gaf aan een commissie die onderzocht hoe het Nederlandse pensioenstelsel overeind kan blijven.

„Voor de tot nu toe opgebouwde pensioenaanspraken is simpelweg te weinig premie betaald”, betoogde een groep economen, waaronder Lans Bovenberg, Theo Nijman en Goudswaard zelf. „Zonder voortvarend optreden is er een gerede kans dat miljoenen werknemers en gepensioneerden onaangenaam verrast zullen worden door de mededeling dat er gekort zal worden op hun aanspraken. Dat kan voorkomen worden als met kracht de invulling van het nieuwe pensioencontract ter hand wordt genomen.”

De Tweede Kamer heeft inmiddels ingestemd met invoering van dat nieuwe pensioenstelsel, maar tijdens de hoorzitting werd duidelijk dat de uitvoeringspraktijk weerbarstig zal zijn. Zo is er nog geen duidelijkheid of het overhevelen van bestaande, opgebouwde pensioenrechten in strijd is met Europese regelgeving. Een werkgroep onder regie van ambtenaren van het ministerie van Sociale Zaken moet de risico’s van dat ‘invaren van oude rechten’ nog in kaart brengen. Want het zou volgens Riemen een ‘nachtmerriescenario’ zijn als pensioenfondsen bezig zijn met uitvoering van de nieuwe pensioencontracten en dan „over 3 of 4 jaar door de rechter worden terug gefloten”. Een risico waar ook de Autoriteit Financiële Markten (AFM voor waarschuwde. „De effectiviteit van het pensioenakkoord is grotendeels afhankelijk van de mogelijkheden om ‘oude rechten’ collectief in te varen”, aldus de AFM. „Maar de juridische mogelijkheden zijn nog niet duidelijk.”

Pensioenfondsen worstelen ook met de vraag hoe ze dat nieuwe pensioenstelsel moeten uitleggen aan de deelnemers, hun klanten. „We moeten weg van het beeld dat met het huidige pensioenstelsel alles zeker is, want dat is niet zo. Maar we moeten ook weg van het beeld dat in de toekomst alles verloren kan gaan”, aldus Riemen. „Als het om de uitleg van dat pensioenstelsel gaat, kunnen economen veel leren van psychologen”, liet de econoom Sweder van Wijnbergen zich ontvallen. „Onze taal wordt in ieder geval niet begrepen door de consument. Het is van belang dat straks iedereen het gevoel heeft, fair behandeld te zijn. Anders gaat een groep dwars liggen en dat lukt ze op basis van Europese regelgeving.”

Pensioenfondsen werken hard aan het terugwinnen van vertrouwen van de consumenten, aldus Riemen. Maar het is de vraag of méér communicatie ook leidt tot meer informatie. „Dit is de grootste uitdaging waar we voor staan. Maar het ‘ei van Columbus’ heb ik nog niet gevonden. We hebben in de huidige situatie een zekerheid gecommuniceerd die er helemaal niet was. Deelnemers zijn geconfronteerd met risico’s waarvan ze niet op de hoogte waren. Er moet duidelijkheid komen over wie welke risico's draagt. (..) Mensen moet duidelijk verteld worden wat de onzekerheden van hun pensioen zijn.”