Hof weigert uitlevering 'terrorist'

Canada mag Abdullah Khadr niet aan de VS uitleveren. Het Canadese Hooggerechtshof bracht de regering gisteren een nederlaag toe.

Het is een goede week voor de beruchte familie Khadr, bekend als ‘de Canadese Al-Qaedafamilie’. Na jaren van juridische procedures is er opeens licht aan het einde van de tunnel voor twee telgen van Ahmed Said Khadr, een omgekomen Egyptisch-Canadese vertrouweling van Osama bin Laden die zijn gezin uit Toronto in de jaren negentig verkaste naar Pakistan en Afghanistan in dienst van de jihad.

De oudste zoon van Khadr, Abdullah, beschuldigd van wapenhandel namens Al-Qaeda in Afghanistan, wordt definitief niet door Canada uitgeleverd aan de Verenigde Staten, werd gisteren bekend. De Amerikanen willen Khadr vervolgen voor terreurmisdaden. Washington beschuldigt hem ervan wapens te hebben aangeschaft voor Al-Qaeda, voor hij in 2004 werd opgepakt in Pakistan.

Rechters in Canada hebben uitlevering van de 30-jarige Khadr geblokkeerd, omdat zijn mensenrechten zouden zijn geschonden tijdens zijn hechtenis. Khadr is ruim een jaar vastgehouden op een geheime plaats in Pakistan, voor zijn terugkeer naar Canada in 2005. Tijdens die periode zou hij met medeweten van de Amerikanen zijn gemarteld.

De Canadese regering van premier Stephen Harper wilde Khadr uitleveren. Het Hooggerechtshof in Ottawa is echter niet bereid de regeringsargumenten daarvoor te horen, liet het gisteren weten. Dat betekent dat Canada en de VS na vijf jaar zijn uitgeprocedeerd tegen Abdullah Khadr. Hij is vrij man.

Het is een nederlaag voor de Canadese regering, die vond dat het onjuist was de vervolging te belemmeren van een verdachte die terreurdaden zou hebben toegegeven. Tijdens verhoren door de Canadese politie in Toronto na zijn terugkeer zou Khadr belastende verklaringen hebben afgelegd over zijn eigen daden. De advocaat van Khadr sprak echter van „een zege voor rechtvaardigheid”.

Eerder deze week werd bekend dat zijn jongere broer Omar een aanvraag heeft ingediend om terug te keren naar Canada vanuit de Amerikaanse terreurgevangenis in Guantánamo Bay. De 25-jarige Omar Khadr is de jongste gevangene op de basis , en staat bekend als ‘het kind van Guantánamo’. Sinds zijn vijftiende zit hij vast, nadat hij in 2002 zwaar gewond werd aangetroffen door Amerikaanse troepen in de ruïnes van een gebombardeerde Al-Qaedabasis in Afghanistan.

Omar Khadr is vorig jaar door een militair tribunaal veroordeeld wegens moord op een Amerikaanse legerarts bij een vuurgevecht rond die basis. Hij zou een handgranaat hebben geworpen.

Volgens een akkoord met de aanklagers legde Khadr, die eerder volhield onschuldig te zijn, een bekentenis af in ruil voor strafvermindering: acht jaar cel, waarvan hij het eerste jaar moest uitzitten in Guantánamo. Dat jaar is deze week voorbij, en Khadr komt nu in aanmerking voor overplaatsing naar een Canadese gevangenis.

Mensenrechtenorganisaties als Amnesty International hebben jarenlang campagne gevoerd voor Omar Khadr. Volgens hen had hij moeten worden behandeld als een kindsoldaat, zelf het slachtoffer van omstandigheden.

Als Khadr terug is in Canada, kan hij een zaak aanspannen om de omstreden veroordeling van Guantánamo ongedaan te maken. Volgens waarnemers zal hij die waarschijnlijk winnen.

De kansen zijn deze week dan ook aanmerkelijk gegroeid dat de familie Khadr binnen afzienbare tijd een reünie kan houden in Canada, met de vier andere broers en zussen, en hun moeder en oma.

Alleen zonder vader Ahmed Said Khadr. De financier van Al-Qaeda, die zijn gezin in contact bracht met Bin Laden, kwam in 2004 om het leven bij een vuurgevecht in Pakistan. Jongste zoon Karim raakte daarbij verlamd; hij woont bij zijn moeder in Toronto.