Rechter stelt Angels in ongelijk, clubhuis moet worden afgebroken

Voorafgaand aan de begrafenisoptocht voor de vermoorde Sam Klepper, in 2000, verzamelden vrienden zich bij de poort van Angel Place. Foto NRC / Maurice Boyer

De Amsterdamse Hells Angels moeten hun clubhuis Angel Place en twee loodsen afbreken. De rechtbank in Amsterdam bleek vandaag niet ontvankelijk van een door de motorclub aangespannen zaak tegen de gemeente.

Amsterdam verplichtte de Hells Angels in maart vorig jaar het clubhuis en de twee loodsen aan de H.J.E. Wenckebachweg te verwijderen op straffe van een dwangsom van ruim 140.000 euro. De gebouwen mochten er alleen tijdelijk staan en de vergunning was al in 2003 verlopen nadat de gemeente deze niet wilde verlengen.

De Hells Angels waren het hier niet mee eens en stapten naar de rechter tegenover wie de club stelde dat de gemeente eerder nog had aangegeven dat ze de gebouwen langer mochten blijven gebruiken. Dit in afwachting van een door de gemeente toegezegd nieuw clubhuis op een andere plek.

De rechtbank hoorde de afgelopen tijd onder anderen oud-wethouder grondzaken Duco Stadig (PvdA). De rechter oordeelde vandaag dat er geen bewijzen zijn voor bindende toezeggingen vanuit de gemeente en dat Amsterdam daarom de Hells Angels kan en mag dwingen de gebouwen af te breken. Tegen de uitspraak kan binnen zes weken hoger beroep worden ingesteld. Advocaat van de Hells Angels Huib Struycken reageert verbaasd, meldt persbureau Novum. Hij was nog niet op de hoogte van de uitspraak en komt mogelijk later met een verdere reactie.