Nee, nee en nee. Geen NAVO-ingrijpen in Syrië

Trots is de hoogste NAVO-militair op de oorlog in Libië. Ook over Afghanistan is hij optimistisch.

Maar een interventie in Syrië is niet aan de orde.

Anti-Gaddafi fighters stand next to a plane outside a military base of Khamis brigade which was destroyed by a NATO airstrike some 35 km (22 miles) east of Bani Walid September 7, 2011. REUTERS/Goran Tomasevic (LIBYA - Tags: CIVIL UNREST POLITICS) REUTERS

Gevraagd of hij opgelucht is dat de NAVO de oorlog in Libië maandagnacht na zeven maanden heeft kunnen beëindigen, schudt admiraal Giampaolo di Paola zijn hoofd. „Het is geen kwestie van opluchting”, zegt de hoogste militair van de NAVO. „Ik ben blij dat we het Libische volk hebben beschermd. Het was een volledig succes.”

Di Paola is voorzitter van het militaire comité van de NAVO, het hoogste militaire gezag van de alliantie, waarin de commandanten van de strijdkrachten van alle 28 lidstaten vertegenwoordigd zijn. Hij spreekt over de lessen van de oorlog in Libië, de zwaktes van de NAVO en de situatie in Afghanistan.

Heeft de operatie in Libië niet veel langer geduurd dan verwacht?

„We hebben nooit gezegd hoe lang het zou duren. Het gaat erom dat het goed is afgelopen. Het succes is bepaald door drie dingen: we hadden een resolutie van de Veiligheidsraad van de Verenigde Naties en actieve deelname van landen uit de regio; de operatie was gericht op bescherming van de bevolking en dat is gelukt; en we zijn geen dag langer gebleven dan nodig was. Dat vind ik een prestatie.

„Een week na de VN-resolutie kwamen we al in actie.Hoeveel tijd kosten zulke beslissingen als de regering van een land ze moet nemen? Wij moesten het eens worden met 28 landen.”

Veel Afrikaanse gastarbeiders zijn slachtoffer geworden van rebellen, omdat ze werden aangezien voor huurlingen van kolonel Gaddafi. Had de NAVO hen niet ook moeten beschermen?

„We hebben iedereen beschermd, tot het laatste moment. We hebben nooit bewijzen gezien van mensen die mishandeld werden door strijders van de Overgangsraad. De enige bedreiging was Gaddafi.”

De Veiligheidsraad gaf de NAVO toestemming de bevolking te beschermen. Maar ging het de alliantie niet eigenlijk om omverwerping van het regime?

„Nee, dat is niet waar. Maar de Veiligheidsraad heeft duidelijk gesteld dat Gaddafi naar het Internationale Strafhof moest, en later is hij ook aangeklaagd. Het was dus duidelijk dat het moeilijk zou zijn de burgers te beschermen zonder regime change.”

Welke lessen trekt u uit deze oorlog?

„De eerste les is dat je solidariteit binnen het bondgenootschap nodig hebt. Gezien de gevoeligheid van een interventie in een Arabisch land, was regionale steun extra belangrijk.”

Was het geen teken van zwakte van de NAVO-operatie in Libië dat juist op dit cruciale punt de bijdrage grotendeels van één lidstaat moest komen, de VS?

„Ja, andere lidstaten moeten daar meer in investeren, en het bondgenootschap als geheel ook. We hebben geleerd dat precisiebommen niet meer een interessante toevoeging aan je arsenaal zijn, maar absoluut noodzakelijke munitie. Iedere bondgenoot moet zich dat realiseren.”

Sommige lidstaten deden niet mee aan de operatie, andere speelden alleen een beperkte rol, zoals Nederland.

„Vanuit operationeel oogpunt was dat geen ernstig probleem. Binnen de NAVO moeten we accepteren dat ieder land soeverein is en zijn eigen beslissingen neemt. Wel moeten alle lidstaten beseffen dat ze allemaal een redelijk deel van de lasten voor hun rekening nemen.”

Frankrijk erkent dat het wapens aan de opstand leverde. Sloot de NAVO, die toezag op een wapenembargo, daarvoor haar ogen?

„Nee, de NAVO heeft geen oogje toegeknepen. Ik kan niet voor een lidstaat spreken, maar wat er ook geleverd is, Parijs heeft gezegd dat het niet in strijd was met het embargo.”

Dwing je zó een embargo af? Door alleen maar te luisteren naar wat mensen zeggen?

„Kom op! We hebben het niet over zomaar mensen, maar over een serieuze bondgenoot, een gerespecteerde bondgenoot. Als een bondgenoot zegt dat hij het embargo niet schendt, dan geloof ik hem.”

Is de NAVO bezig voorbereidingen te treffen voor een operatie in Syrië?

„Nee. Laat ik zeggen: nee. En ik herhaal: nee. Nee met een hoofdletter.”

Wat zegt de recente reeks aanslagen in Kabul over de situatie in Afghanistan?

„Het is een teken van de zwakte van de Talibaan. Ze zijn aan de verliezende hand en ze weten het. Daarom voeren ze deze spectaculaire, misdadige en lukrake zelfmoordaanslagen uit. We moeten ons niet voor de gek laten houden: het zijn wanhoopsdaden, geen tekenen van kracht.”

Ook als het waar is dat de Talibaan terrein verliezen, met dit soort aanslagen winnen ze toch de mediaoorlog?

„Welnee. Denk je dat de Afghanen blij zijn met die aanslagen op straat midden in Kabul?”

Maar verliezen ze niet het vertrouwen dat hun regering en de NAVO hen daartegen kunnen beschermen?

„Daar geloof ik niets van. De Afghanen hebben meer vertrouwen dan vroeger in de toekomst en meer vertrouwen in het Afghaanse leger en politie. En ze voelen steeds meer haat jegens de Talibaan.

„Ik heb er vertrouwen in dat wij eind 2014 de verantwoordelijkheid voor de veiligheid kunnen overdragen aan de Afghanen. Maar dan moeten alle lidstaten en de internationale gemeenschap zich houden aan de verplichtingen die ze zijn aangegaan.”

    • Juurd Eijsvoogel