Mazelenvirus misbruikt menseneiwit in luchtpijp

De grote besmettelijkheid van het mazelenvirus is terug te voeren op één eiwit in de cellen die de binnenkant van de luchtwegen bekleden, nectine-4. Het mazelenvirus heeft dit eiwit ‘ontdekt’ als route naar buiten. Dat schrijven onderzoekers vandaag in het wetenschappelijke blad Nature.

De aanwezigheid van nectine-4 blijkt voor het virus cruciaal om een cel binnen te dringen en zich te kunnen vermenigvuldigen. Via de epitheelcellen komt het virus massaal vrij in de longen en luchtwegen, waardoor het slachtoffer door hoesten en niezen ongewild kleine druppeltjes met virus in de lucht brengt.

Uit eerder onderzoek was al gebleken dat het virus zich in de eerste dagen van de besmetting vooral vermenigvuldigt in de lymfeknopen van het slachtoffer. Na een paar dagen verzamelen zich met het virus besmette cellen uit de lymfeklieren en het beenmerg in de haarvaatjes van de longen. Van daaruit blijkt nectine-4 de brug naar de buitenwereld, waar het virus zich via de lucht naar andere slachtoffers kan verspreiden.

Jaarlijks krijgen wereldwijd 10 miljoen kinderen de mazelen en overlijden er 200.000 aan de gevolgen van de infectie. In Nederland komt de ziekte nauwelijks meer voor, sinds het vaccin ertegen in 1976 werd opgenomen in het Rijks Vaccinatie Programma.

Het eiwit nectine-4 wordt ook in grote hoeveelheden aangemaakt door tumorcellen in long-, borst- en eierstokkanker. De onderzoekers schrijven dat het ook de moeite waard is te onderzoeken of het mazelenvirus tegen eierstokkanker, en mogelijk ook long- en borstkanker, kan worden ingezet.