Koosjere wijn

Afgelopen maandag stond in het teken van koosjere wijnen. ’s Ochtends was ik bij tv-maker Jigal Krant die voor de Joodse Omroep het programma De Koosjere Hamvraag gaat maken, een soort Keuringsdienst van Waarde. Daarin wordt een aantal producten getoetst aan de spijswetten van het jodendom.

Hij liet mij de eerste aflevering zien, waarin het ei een hoofdrol speelt. Lang verhaal kort: bruine eieren mogen niet, witte wel. Eerstgenoemde bevatten bloedrestjes. Niet koosjer. En laatstgenoemde niet. Wel koosjer.

Krant toont aan dat dit inderdaad het geval is en laat zien hoe dat komt. In tegenstelling tot wat de rabbijn in het programma beweert, zijn die bloedrestjes in de bruine eieren (zeven op de tien in deze aflevering) niet het resultaat van seks tussen kip en haan, maar heeft dit volgens een eveneens geraadpleegde kippenfokker te maken met het hoendersoort.

Daarnaast tipt Krant in De Koosjere Hamvraag het dilemma aan dat zulks met zich meebrengt: witte eieren zijn voornamelijk code 3, afkomstig van legbatterijkippen. En dierenleed staat nu juist weer haaks op wat de Thora zijn lezertjes wenst te leren. (Al vinden velen dat koosjer slachten daar juist de ergste vorm van is. Maar dit geheel terzijde.)

Nu was ik overigens niet bij Krant om met hem een uitsmijter te gaan eten (zonder spek of ham vind ik er niks aan), maar om de aflevering over koosjere wijn door te nemen. Want ook die gaat er komen. Maar hoe zit dan ook al weer?

In ieder geval maakt de joodse wijndrinker het zichzelf niet gemakkelijk.
Koosjere wijn moet gemaakt worden van druiven uit een wijngaard die niet met dierlijke mest in aanraking is gekomen. Voorts dient deze een keer in de zeven jaar braak te liggen. En de wijnproductie –vanaf het moment dat de schil van de druif breekt; daar hebben we het zo nog even over- moet volledig gedaan worden door joodse arbeiders onder toezicht van een rabbijn.

Druiven, most en wijn mogen vervolgens ook niet meer door ‘anderen’ worden aangeraakt. En dat geldt ook voor de fles. Dientengevolge dient het openen daarvan door een lid van het Uitverkoren Volk geschieden, omdat de inhoud anders zijn koosjere status verliest.

(Volgens mij zien hier leuke moppen op te maken: ‘Loopt een zwaar orthodoxe jood in de woestijn die al dagen niks gedronken heeft. Dan ziet hij daar een fles koosjere wijn, maar de enige die een kurkentrekker heeft in deze fata morgana is een christen….Zegt die christen tegen die jood…’ Maak af en de leukste inzender krijgt een fles door mij –joods van oorsprong- gesigneerde koosjere rode wijn…)

De koosjere jood die geen enkel risico wil lopen – denk aan restaurantbezoek of bij een catering - laat louter mevushal wijnen schenken: die zijn koosjer en gepasteuriseerd. Deze kunnen dan ook namelijk door niet-joden geschonken worden zonder dat de drinker de rekening daarvoor in het hiernamaals gepresenteerd krijgt.

Nu kwam Krant overigens nog met een aardige anekdote. Tijdens de oogst in Zuid-Frankrijk –koosjere wijnen kunnen ook afkomstig zijn van niet-joodse grond- bezocht hij een wijnboer.

Wat hem daar opviel is dat de oogst mechanisch plaatsvond. Maar de bestuurder van de oogstmachine was daarentegen weer een niet-jood. Niks aan de hand, zo lijkt het. Dat is toegestaan volgens de spijswetten. Als de schil van de druiven maar niet breekt….Maar dat is nu juist bij mechanisch oogsten weer onontkoombaar. Erg of niet?

En hoe zat dat met de bebloede muizenkadavers die hij tussen de druiven aantrof? Waren die wel koosjer aan hun einde gekomen? Staan knaagdieren sowieso niet op de zwarte lijst?

En hoe zat het verder met al die gevleugelde insecten – een mechanische oogstmachine is niet zo kieskeurig - die volstrekt verboden zijn door de joodse spijspolitie. Delen daarvan zouden zeker in de wijn zouden belanden…

Krant heeft tot begin 2012 om de antwoorden op deze vragen te vinden. Als hij ze al vindt…

Op de vraag of koosjere wijnen überhaupt smaken, hoefde ik daarentegen niet zo lang te wachten. Die avond al had ik een koosjere wijnproeverij van de Israëlische Golan Heights Winery (waarover zaterdag meer) bij restaurant Halvemaan.

Er naartoe fietsend vroeg ik mij af of ze deze locatie eigenlijk wel gekozen zouden hebben als ze hadden geweten wat de achternaam van de chef betekent. Want met die halve manen hebben de joden volgens mij niet zoveel.

    • Harold Hamersma