Wat ooit EZ was, is nu een superministerie

Maxime Verhagen is een goede politicus, vindt zelfs de oppositie. Maar kan hij zijn ambities waarmaken? De oppositie vreest van niet: er is te weinig geld beschikbaar.

Netherlands, Geleen, 31.10.2011 Minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie, Maxime Verhagen (CDA), krijgt op het Chemelot terrein van chemieconcern DSM uitleg over een coating waarmee zonnepanelen en tuinderskassen meer zonlicht kunnen vangen. foto Chris Keulen

Er waren tijden dat de minister van Economische Zaken laag stond in de Haagse pikorde. Het budget van die minister was meestal niet erg ruim. Ook maakte die minister vaak geen deel uit van de politieke top van zijn partij.

Dat is veranderd met de komst van Maxime Verhagen naar het departement aan de Bezuidenhoutseweg. Niet alleen omdat hij vicepremier is, staat het ministerie meer in de schijnwerpers, ook door de fusie met Landbouw is het belang groter geworden. Zo is het budget waarvoor Verhagen politiek verantwoordelijk is, bijna verdubbeld, mede dankzij de innovatiegelden van andere ministeries.

Niet veranderd is de nauwe band met het bedrijfsleven. Het was werkgeversorganisatie VNO-NCW die vorig jaar de blauwdruk leverde voor het vernieuwde ministerie. Het moest een bundeling worden van innovatie en het ministerie van Landbouw, met meer aandacht voor toponderzoek en hoger onderwijs.

Verhagen maakte vooral van innovatie zijn speerpunt; dat zal dan ook een van de onderwerpen zijn deze week tijdens de begrotingsbehandeling in de Tweede Kamer. Ook is de komst van een tweede kerncentrale een belangrijk onderdeel tijdens het Kamerdebat. Over de economische crisis zal het nauwelijks gaan.

1InnovatieOok de Kamerleden die vraagtekens zetten bij het beleid van de minister, kunnen over de politicus Verhagen nauwelijks een kritisch woord over de lippen krijgen. Ze vinden hem een slimme vakman die veel los weet te maken. Maar dat heeft ook zijn risico’s, vindt de oppositie. Vooral ook als het gaat om innovatiebeleid. Tien Nederlandse topsectoren – zoals chemie, logistiek, tuinbouw en water – hebben een plan van aanpak gepresenteerd, waarmee Nederland in 2020 wereldwijd in de top-5 van kenniseconomieën moet belanden. Nu staat Nederland achtste.

Frustratie ligt op de loer, omdat er volgens de oppositie eenvoudigweg te weinig geld is. „Heel goed dat er aan het bedrijfsleven is gevraagd wat er nodig is. Ik hoop alleen niet dat die bedrijven de financiële mogelijkheden overschatten: dan ben je frustratie aan het organiseren”, zegt Sharon Dijksma (PvdA). „Het is eigenlijk een beetje verdeling van de armoede.”

In zijn eerste jaar als minister van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie heeft de CDA-voorman er juist alles aan gedaan om dat beeld te vermijden. Ja, er zijn tal van subsidies afgeschaft. En nee, dat leidt niet tot een afbraakbeleid. Vorige week nog verklaarde Verhagen ten overstaan van wetenschappers dat het kabinet in 2015 voor 4 miljard euro aan onderzoek en innovatie uittrekt, 700 miljoen euro meer dan in 2008.

Maar los van de rekensommen: de basis voor een nieuw innovatiebeleid is gelegd. Niemand lijkt meer terug te willen naar het woud aan regelingen waarbij bijna elke sector zijn eigen subsidie kende.

2KernenergieTerwijl Duitsland en België hun kernenergieprogramma’s staken, zet Verhagen juist stappen op weg naar een nieuwe centrale. In april dit jaar, kort na de kernramp in Japan, begon hij met de ‘ruimtelijke inpassing’ van een nieuwe kerncentrale bij de huidige centrale in Borssele. Er mag daar niet iets worden gebouwd dat de bouw van een kerncentrale zou kunnen hinderen.

De oppositie vindt dat het tijd wordt voor een pas op de plaats. Eerst moet de ‘lessen uit Japan’ worden afgewacht. Maar volgens Verhagen kan dat best samen gaan met het ontwikkelen van nieuwe plannen. Die Japanse lessen worden immers aan de eisen van een nieuwe kerncentrale toegevoegd. „We willen hetzelfde”, probeert hij de oppositie keer op keer gerust te stellen.

Verhagen heeft in de Tweede Kamer steun van CDA, VVD, PVV en SGP. Maar Europees gezien staat hij niet alleen. Weliswaar zijn er landen die sterk twijfelen over kernenergie (Duitsland, België, Zwitserland en Oostenrijk) maar er zijn ook landen die er juist mee door willen gaan. Frankrijk bijvoorbeeld. En verder Groot-Brittannië, Polen, Finland en veel voormalige Oostbloklanden.

3Economische crisisEn welke rol heeft de minister van Economische Zaken eigenlijk in het debat over de toekomst van Europa? Premier Rutte en minister Jan Kees de Jager (Financiën, CDA) hebben hun handen vol aan de crisis, maar waar is Verhagen?

Vorige maand kwam de minister voor het eerst op de voorgrond door een brief aan de Kamer te sturen over de versterking van de Europese economische stabiliteit. Conclusie was vooral dat Nederland weinig te vrezen heeft van eventuele Brusselse bemoeizucht. De fundamenten van de Nederlandse economie zijn immers gezond.

Dat leek vooraf een initiatief met een defensieve inslag. Maar in de oplossing van de Europese problemen – bijvoorbeeld het versterken van de handel met Griekenland – speelt het superministerie aan de Bezuidenhoutseweg geen grote rol. In elk geval niet in de openbaarheid.

    • Oscar Vermeer
    • Erik van der Walle