Waren ze er bijna uit...

De beurzen daalden sterk nadat een Grieks referendum was aangekondigd.

Een nieuwe kredietcrisis en Grieks failliet komen eraan.

In de ideale wereld van Merkozy zouden vandaag de puntjes op de i worden gezet. Detailtje hier, cijfertje achter de komma daar.

Dat was de bedoeling.

Maar het alomvattende plan, dat morgen op de G20 in de Franse badplaats Cannes had moeten worden gepresenteerd, zal ontbreken.

Sterker, nog geen week na de marathontop in Brussel zijn de problemen groter dan ooit. De diepe politieke crisis in Griekenland brengt een faillissement angstig dichtbij.

Als er een referendum over het reddingspakket komt, zoals premier Papandreou gisteren aankondigde, is de kans groot dat de Griekse bevolking die plannen verwerpt. En mocht de regering vallen over het besluit een referendum uit te schrijven, dan kunnen de Grieken via nieuwe verkiezingen tegen de door het IMF en de eurozone opgelegde bezuinigingen en hervormingen stemmen.

Ook nu al is het twijfelachtig of Griekenland de afspraken van de eurotop van vorige week honoreert. Niet honoreren betekent concreet dat Griekenland niet extra zal bezuinigen en niet voor nog eens 15 miljard staatsbedrijven privatiseren. En ook dat het land geen nieuwe lening van 100 miljard euro krijgt.

Het is dan zelfs de vraag of het volgende maand de eerder toegekende lening van 8 miljard euro krijgt. Het faillissement van Griekenland is dan een kwestie van weken.

De financiële markten reageerden gisteren geschokt op de aankondiging van de Griekse premier Papandreou om een referendum uit te schrijven. De beurzen in Frankfurt en Parijs daalden ruim 5 procent; de belangrijkste beursindex in Milaan 7 procent – en in Nederland sloot de AEX 3,7 procent lager.

Vooral banken hadden het zwaar: in Amsterdam verloor ING bijna 15 procent van haar beurswaarde. De Franse banken BNP Paribas en Credit Agricole daalden ook met ruim 10 procent. Daardoor dreigt het gevaar dat het wantrouwen tussen banken toeneemt en ze niet meer bereid zijn aan elkaar te lenen. Zo kan opnieuw een kredietcrisis ontstaan.

De Italiaan Mario Draghi, voormalig topman bij Goldman Sachs, voormalig president van de Italiaanse Centrale Bank en sinds gisteren president van de Europese Centrale Bank, werd op zijn eerste werkdag dan ook onmiddellijk geconfronteerd met de pijnlijke werkelijkheid: de kans dat de eurozone weer in een recessie belandt neemt met de dag toe.

Maandag werd bekend dat de werkloosheid in de eurozone is opgelopen tot 10,2 procent – een record. Daardoor neemt de druk op Draghi toe om de rente te verlagen om zo de economie te stimuleren. Maar met welke maatregelen Draghi ook komt, de ECB kan hooguit tijdelijke lapmiddelen bieden. Want uiteindelijk is het aan de regeringsleiders om de eurozone uit de crisis te loodsen.

De laatste wending in het Griekse drama maakt het nóg moeilijker tijdig met oplossingen te komen. Bondskanselier Merkel en president Sarkozy zeiden gisteren dat ze er alles aan zullen doen om te zorgen dat het akkoord van de eurotop van vorige week snel wordt geïmplementeerd en uitgevoerd.

Maar hoe? Sarkozy voerde de hele dag overleg met zijn belangrijkste adviseurs en ministers. Merkel ook. En vandaag voeren ze crisisoverleg met de Grieken. Alleen niemand die met zekerheid kan zeggen of George Papandreou dan nog als premier hun gesprekspartner zal zijn.

Lees meer over het Duitse leiderschap in de euro-crisis op pag. 6 en 7

    • Melle Garschagen