Opsteltens advocatenboete bewijst dat efficiency boven rechtsstaat gaat

Moeten advocaten worden beboet als ze ‘ongegrond’ procederen? Nee. Opstelten ondergraaft de rechtsstaat, betoogt Gerrit Dijkstra.

De Nederlandse rechtsstaat wordt de afgelopen jaren ondergraven door nieuwe wetgeving. Zo zijn de bestuurlijke boetes steeds verder uitgebreid. Ook is de Wet OM-afdoening ingevoerd, die officieren van justitie de bevoegdheid toekent om straffen op te leggen zonder rechterlijke tussenkomst.

Dat het toch altijd nog erger kan, bewijst de brief van minister Opstelten (Justitie, VVD) aan de Tweede Kamer over het Europese Hof voor de Rechten van de Mens.

De brief is voor niet-ingewijden moeilijk te lezen en doet vooral zeer technisch-juridisch aan, maar midden in de brief doet de minister twee opmerkelijke voorstellen. Het eerste voorstel is om bepaalde ‘ongegronde’ beroepen te laten afdoen door medewerkers van de griffie. Andere landen komen juist met het voorstel om een gespecialiseerde rechter in te schakelen. Overigens is afdoening door één rechter nu al mogelijk.

Een tweede, wellicht nog opmerkelijker voorstel behelst het opleggen van disciplinaire straffen aan advocaten die „onnodige procedures” aanhangig maken.

Beide voorstellen gaan veel verder dan de eerdergenoemde ontwikkelingen. Het afdoen van zaken door medewerkers van de griffie is onvergelijkbaar met de bestuurlijke boete of de Wet OM-afdoening. Als iemand het met een opgelegde bestuurlijke boete oneens is, staat altijd nog de weg open naar de bestuursrechter. Tegen een opgelegde strafbeschikking in het kader van de Wet OM-afdoening kan de betrokkene in verzet bij de strafrechter. Als een griffiemedewerker van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens een zaak afdoet, is beroep niet meer mogelijk.

Een advocaat dient de belangen van zijn cliënt te behartigen. Hij kan een cliënt een inschatting geven van de kans op succes, maar het is volstrekt onwenselijk als hijzelf moet functioneren als rechter ten aanzien van zijn cliënt, uit angst voor disciplinaire maatregelen tegen hemzelf.

De voorstellen tonen dat de rechtsstaat onder Opstelten volstrekt ondergeschikt is geworden aan ‘efficiency’.

De minister stelt dat de regering ook op nationaal niveau wil bekijken of disciplinaire maatregelen kunnen worden genomen. De regering staat positief tegenover voorstellen om klagers die meermalen een kennelijk ongegronde klacht hebben ingediend, te beboeten.

Een geruststellende gedachte is dat disciplinaire straffen tegen advocaten en boetes tegen burgers die veelvuldig procederen in strijd zijn met het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens. Het is maar goed dat er toch nog een Europees Hof voor de Rechten van de Mens is om daarover een oordeel te geven!

Mr.dr. G.S.A. Dijkstra is lector public management aan de Haagse Hogeschool en docent bij het Instituut Bestuurskunde van de Universiteit Leiden.

    • Gerrit Dijkstra