Ook voor een studievisum gelden regels, hoe zit het daarmee?

Mauro krijgt geen verblijfsvergunning. Hij mag wel een studievisum aanvragen. Maar daar zijn ook regels voor. En die regels worden geschonden.

De Angolese asielzoeker Mauro Manuel krijgt geen verblijfsvergunning omdat regels nu eenmaal regels zijn. Hij mag wel een studievisum aanvragen.

Maar daarvoor gelden ook regels. Hoe zitten die in elkaar?

Een studievisum voor een jongen als Mauro is een atypische oplossing. Een studievisum is namelijk bedoeld voor buitenlanders die in het buitenland verblijven en in Nederland willen studeren. Het visum moet in het land van herkomst worden aangevraagd.

Dat geldt allemaal niet voor Mauro. Hij mag zijn studievisum waarschijnlijk in Nederland aanvragen. En hij hoeft ook niet in Angola af te wachten of die aanvraag wordt goedgekeurd. Er wordt daarnaast niet gekeken of hij de studie die hij in Nederland volgt (een ict-opleiding op mbo-niveau), niet ook in Angola of één van de buurlanden zou kunnen doen – óók een regel die normaal geldt bij het aanvragen van een studievisum. En voor de aanvraag van een studievisum is een paspoort nodig. Dat heeft Mauro niet, dus ook daarvoor moet een oplossing worden bedacht. Daarmee zijn de eerste vier uitzonderingen al gemaakt.

Omdat minister Leers (Asiel, CDA) de regels voor het studievisum voor Mauro nog moet uitwerken, is onduidelijk hoe zijn situatie er uit komt te zien. Normaal gesproken moet een buitenlandse student die zijn studie heeft afgerond, Nederland verlaten. Mauro heeft nog anderhalf jaar voor de boeg. Als hij slaagt, heeft hij een diploma mbo-3. Dan zou hij verder kunnen studeren: eerst een jaar een mbo-studie op niveau 4. En dan naar een hogeschool.

Maar de pleegmoeder van Mauro liet eerder weten dat het hbo waarschijnlijk te hoog gegrepen is. Mauro moet, zo zei ze, nu al flink zijn best doen om het te kunnen bijbenen.

De vraag is ook wie die eventuele studie gaat bekostigen. Een studievisum geeft namelijk geen recht op studiefinanciering. Daarop had Mauro met een verblijfsvergunning wél recht gehad.

Dit soort problemen wordt soms verholpen door de Stichting voor Vluchteling-Studenten (UAF), die vluchtelingen met een studiewens financieel ondersteunt. Aanvankelijk ging het om universitaire studies en hbo-opleidingen, maar sinds een aantal jaren kunnen ook mbo-studenten hulp krijgen van de UAF.

Een jongen als Mauro valt buiten de doelgroep van de stichting, omdat hij is uitgeprocedeerd: hij heeft geen recht meer om hier te zijn. De UAF heeft dan ook niet eerder iemand die als alleenstaande minderjarige asielzoeker naar Nederland kwam en hier jarenlang woonde, aan de deur gehad. „Een verblijfsvergunning was echt een betere oplossing geweest”, zegt woordvoerder Janneke Bruil. „Nu moeten er allerlei studieregels rond een persoon geboetseerd worden. De voortdurende onzekerheid maakt studeren er niet eenvoudiger op.”

Toch zal de UAF kunnen helpen in deze zaak omdat een van de geldschieters heeft beloofd de studie van Mauro te bekostigen. Wellicht zou Mauro de studieduur iets kunnen oprekken, door niet alle tentamens te halen. Maar dat kan niet tot in het oneindige.

Als zijn studie eenmaal is afgerond, moet Mauro terug. Tenzij hij inmiddels iemand heeft gevonden om mee te trouwen. Dat kan vanaf zijn 21ste jaar, hij is nu 18. Of als de politieke situatie is veranderd, of de regels. Er is misschien nog een manier om het verblijf te rekken. Marq Wijngaarden, de advocaat van Mauro, gaat met de zaak naar het Europese Hof voor de Rechten van de Mens. Hij zal vragen of Mauro de uitkomst in Nederland mag afwachten.

Overigens is nog niet gezegd dat Mauro het studievisum gaat aanvragen. Hij heeft tot nu toe alleen laten weten zeer teleurgesteld te zijn. Hij had liever een verblijfsvergunning gehad.

    • Sheila Kamerman