Jezus, duivel of de natuur

Hors Satan. Regie: Bruno Dumont. Met: David Dewaele, Alexandra Lematre, Valerie Mestdagh. In: 8 bioscopen. ***

Bruno Dumont zocht in zijn vorige film Hadewijch (2009) naar sporen van de 13de-eeuwse Antwerpse mystica Hadewijch in de 21ste eeuw. Hij vond een vervlechting van het wereldse en het verhevene, een samengaan van religieuze en aardse liefde, van schuld en onschuld.

Deze combinaties keren terug in zijn nieuwe film Hors Satan, waarin hij zijn onderzoek naar religie en mystiek in het nieuwe millennium voortzet. Het resultaat is een raadselachtige film die de toeschouwer zelf al het denkwerk laat doen. Verwacht van Dumont geen vastomlijnde antwoorden, hij is er slechts op uit vragen te stellen. In zijn cryptische vertelling geeft hij af en toe een puzzelstukje dat je zelf op zijn plek moet leggen. De mogelijkheid bestaat dat je uit frustratie de hele puzzel van tafel veegt.

Hors Satan speelt zich af aan de Noord-Franse Opaalkust, in een fraai duingebied vlakbij Boulogne-sur-Mer. Dumont volgt een naamloze, zwijgzame zwerver die op het strand slaapt en elke ochtend een snee brood krijgt van een meisje. Zij woont met haar moeder en stiefvader in een wat vervallen boerderij. Ze wast ook zijn kleren en gaat vaak met hem lopen in de natuur. Bij het ochtendgloren valt de jonge man op zijn knieën en bidt hij, een voorbeeld dat zij gaat volgen. Maar wie is hij? Een dorpsbewoonster schrijft hem mystieke krachten toe en laat hem bij haar zieke dochter de duivel uitdrijven. Later volgt nog een exorcisme. Is hij de nieuwste incarnatie van Christus op aarde?

Niet helemaal, want hij doet niet alleen maar goed. Dumont associeert hem ook met de duivel door hem aan vuur te koppelen. Ook zijn handelen is in morele zin vaak kwestieus, zoals een aantal schokkende scènes laat zien. Aan het slot van de film volgt weer een wonder, vergelijkbaar met de climax van Carl Th. Dreyers klassieke arthousefilm Ordet (1955).

De kluizenaar is een raadselachtig, ambigu personage; in hem verenigen zich goed en slecht. Dumont lijkt te zeggen dat hij symbolisch is voor het moderne bestaan, waarin niemand nog precies weet wat het verschil is tussen goed en kwaad en beide begrippen in elkaar overvloeien.

Zoals gebruikelijk bij Dumont (L’Humanité, Flandres) zet hij non-acteurs in die zijn uitgekozen op hun expressieve uitstraling. Dumonts kale stijl blijft zijn sterke punt. De opnames van het duingebied zijn prachtig gefotografeerd; hij wisselt weidse shots af met intense close-ups. Muziek is afwezig, maar het gebruik van geluid is opvallend. Altijd hoor je de personages van dichtbij ademen, zelfs als ze ver weg door de natuur lopen. Alles is uiterst helder en direct opgenomen: het ruisen van de wind, het getsjirp van vogels en het geluid van de golven. Dit past bij zijn pantheïstische thematiek: God is overal en schuilt in iedereen.

Een toelichting van Dumont is daarbij verhelderend: „Voor mij is cinema een medium dat in het gewone ruimte creëert voor het ongewone en dat het goddelijke in de mens laat doorschemeren en voelen. Dat is de overeenkomst tussen film en mystiek. De mystiek zegt: aanschouw de grond en u ziet de hemel. Film kan dat ook. Religie is daarbij overbodig.”

Dumont is een zelf verklaard atheïst, de zwerver bidt dan ook niet tot God of Allah, maar richt zijn gebed naar de natuur – opnieuw een aanwijzing voor Dumonts pantheïsme. Andere interpretaties zijn vast ook mogelijk, en daarin schuilt wellicht het probleem van Hors Satan. Het vrijwel volledig aan de toeschouwer overlaten wat hij moet duiden, heeft ook iets vrijblijvends. Een klein beetje meer houvast had geen kwaad gekund. Nu dreigen veel toeschouwers door frustratie af te haken. En dat is jammer.

André Waardenburg