Rechtertje beknotten, doe het niet

Het is één ding als een politicus de rechter in het gezicht spuugt met cynische soundbites. Het is iets anders als de wetgever in het geheel niet meer vertrouwt op de oordelen die rechters vellen, stelt Menno Zandbergen.

Elke tijd heeft zijn eigen taal. Om te worden opgemerkt, moeten boodschappen tegenwoordig passen in 140 tekens. De rechterlijke macht, een organisatie die is geworteld in tradities, beweegt zich onwennig en soms onhandig door dit nieuwe taallandschap.

Als je een rechter vraagt wat hij ergens van vindt, zal hij zeggen dat het er allemaal maar net van afhangt. Tegen de tijd dat hij een mening geeft, zijn de anderhalve minuut zendtijd alweer om. Het zit in de aard van het beestje, dat voorzichtig is als een egeltje.

In het debat over hun eigen functioneren blijven rechters op de achtergrond. Dit is niet erg, zolang mensen het vertrouwen houden dat het recht in goede handen is en zolang rechters zelf denken deze verwachting te kunnen waarmaken. Ondanks alle kritiek die de afgelopen jaren over de rechtspraak is uitgestort, is dit vertrouwen vrij constant gebleven. Het gevaar komt uit een andere hoek, van een wetgever die voor rechter wil spelen. Dit is wel erg. Het is tijd dat rechters hun stekels eens opzetten.

In het strafrecht wordt de bewegingsvrijheid van de rechter al aan banden gelegd of worden bevoegdheden bij hem weggehaald. Een recent wetsvoorstel over de verhoging van griffierechten gaat een stap verder. Dit was een poging om klachten over het optreden van de overheid zelf weg te houden bij de rechter.

Het leken incidenten, maar nu gaat het mes erin. Minister Opstelten (Veiligheid en Justitie, VVD) komt er rond voor uit dat rechtvaardige rechtspraak niet kan worden overgelaten aan de zittende magistratuur. Hij wil minimumstraffen invoeren voor recidivisten. De invoering van deze straffen zou volgens hem helpen om onaanvaardbaar grote verschillen in de straftoemeting te voorkomen. Hij vindt het tijd om een halt toe te roepen aan veroordelingen die in zijn ogen onaanvaardbaar mild uitvallen. De Nederlandse Orde van Advocaten sprak in een reactie over een poging de rechter te muilkorven.

Is het dan niet gewoon waar? Straft Nederland te laag? Nee. De afgelopen jaren zijn juist steeds zwaardere straffen opgelegd. Nederland is in Europa zo ongeveer de strengste meester van de school. Dit geldt niet alleen voor vrijheidsstraffen, maar ook voor de tijd dat veroordeelden daarna echt vastzitten.

De afgelopen tien jaar is bijvoorbeeld drie keer zo vaak levenslang opgelegd als in de twintig jaar daarvoor, zonder dat de criminaliteit zo sterk steeg. Anders dan in veel landen om ons heen betekent deze straf bij ons daadwerkelijk levenslang.

In 1975 telde Nederland 35 gedetineerden per 100.000 inwoners, nu meer dan 150. De criminaliteit daalt al jaren. Nederlanders voelen zich steeds veiliger.

Het wetsvoorstel doet me denken aan mijn hond. Die begint pas te snuffelen en blaffen als hij zeker weet dat de kust veilig is.

Heeft het zin om voor ernstige delicten een minimumstraf in te voeren? Ja, denkt de minister. Hij wil de samenleving beter beveiligen en mensen die eerder ernstig in de fout zijn gegaan afschrikken met een onontkoombare, zware strafdreiging.

Hieruit spreekt een geruststellende daadkracht, maar hij beroept zich op rechtsgeleerde literatuur waarin de invoering van minimumstraffen juist niet wordt bepleit. Het enige empirische onderzoek dat in de toelichting wordt genoemd, pleit tegen het voorstel. Uit een ander onderzoek waarnaar de minister verwijst, blijkt dat nergens waar minimumstraffen worden opgelegd enig afschrikkend effect is aangetoond.

Zijn minimumstraffen dan zo erg? Baat het niet, schaadt het niet? Rechters en advocaten twijfelen niet. Met dit soort wetgeving kan geen recht worden gedaan aan de omstandigheden van het geval.

Rechters leveren maatwerk. Voor de wet heten een ongewenste tongzoen en brute penetratie allebei ‘verkrachting’. De wet kent geen onderscheid tussen gemaskerde bankovervallers met geladen wapens en een kleptomane huisvrouw die in de Hema ontsnapt aan een beveiliger. Deze twee gevallen zijn even strafbaar. Opstelten zou het onaanvaardbaar vinden als de huisvrouw zou wegkomen met minder dan zes jaar gevangenisstraf als ze jaren later nog een keer wordt betrapt. Geen weldenkende rechter zal dit met hem eens zijn.

Dit voorstel is een teken van wantrouwen tussen de constitutionele machten. Als het wet wordt, zal de rechter zich niet alleen gemuilkorfd, maar vooral met handen en voeten gebonden voelen.

Het is één ding als een politicus de rechter in het gezicht spuugt met cynische soundbites. Het is iets anders als de wetgever het niet meer vertrouwt.

De minister schrijft dat het niet de bedoeling is om afbreuk te doen aan het uitgangspunt dat het primaat van de individuele sanctietoemeting bij de rechter ligt. Dit klinkt als iemand die zijn vrouw slaat en roept: „ik wil dit helemaal niet!”

Alle adviezen komen op hetzelfde neer: doe het niet. Ik hoop dat iemand luistert, voordat de minister nog meer rechterlijke toetsing gaat verbieden die hem niet aanstaat.

Menno Zandbergen is senior raadsheer bij het hof van Leeuwarden.

    • Menno Zandbergen