Pappano is vurig klankmagiër

Orchestra dell’Accademia Nazionale di Santa Cecilia o.l.v. Antonio Pappano. Gehoord: 31/10 Concertgebouw Amsterdam. ****

De serie ‘Wereldberoemde symfonieorkesten’ van het Concertgebouw, daar horen alleen gezelschappen thuis met een triple-a status.

Dat het Orchestra dell’Accademia Nazionale di Santa Cecilia sinds 2009 in die reeks wordt geprogrammeerd, lijkt vooral te danken aan chef-dirigent Antonio Pappano.

Een mindere dirigent zou onbedoeld benadrukken dat het Romeinse orkest een kwetsbare houtblazersgroep heeft, soms haastig is en een gebalanceerde samenklank ontbeert. Maar Pappano reduceert die zwakke punten tot kleinigheden. Hij beschikt over de magische eigenschap, intuïtieve overgave te combineren met grote controle. Het leidde maandag tot een brandende Zesde symfonie ‘Pathétique’ van Tsjaikovski: een meeslepende opera-zonder-woorden ondanks al te blaffend koper. Zijn gevoel voor perfecte opbouw vatte Pappano nog eens samen in de toegift, Elgars Nimrod-variatie.

De chemie met soliste Hélène Grimaud was bijna tastbaar in Brahms’ Eerste pianoconcert, dat opende met een mokerslag maar genoeg ruimte liet voor zangerige intimiteit. Grimauds stevige, bezielde aanpak sloot mooi aan bij het woelige orkest.