‘Kunst doet je beseffen dat je lééft. Toch?’

In Het sublieme, het boek van neerlandicus en kunsthistoricus Hans den Hartog Jager, draait het om de geleidelijke verdwijning van de schoonheid uit de moderne kunst. Dat heeft ons provocerend werk opgeleverd van kunstenaars als Jeff Koons en Damien Hirst.

Volgens de Duitse filosoof Immanuel Kant was de Nederlander zozeer gericht op het nut, dat alle aandacht voor het schone en het sublieme erbij inschoot. Kant schreef dit in 1764, maar sindsdien is er wel wat veranderd. Daarvan getuigt bijvoorbeeld Het sublieme. Het einde van de schoonheid en een nieuw begin van Hans den Hartog Jager, kunstcriticus van deze krant, waarin beide zaken uitgebreid aan bod komen. Het begint met een kunstwerk, The Weather Project, van de IJslands-Deense kunstenaar Olafur Eliasson, waarvan Den Hartog Jager enkele jaren terug diep onder de indruk was geraakt in de Londense Tate Modern. In een hal van het museum had de kunstenaar een enorme kunstmatige zon opgehangen, die ‘alle grenzen van de kunst overschreed’. Alleen, wat hij er precies van vindt kan Den Hartog Jager niet goed beslissen: is die zon nu ‘mooi of dreigend’? Bij wijze van uitweg noemt hij het kunstwerk vervolgens ‘subliem’.
In de 18de eeuw werd het sublieme, onder andere door Edmund Burke en Kant, streng onderscheiden van het schone: het laatste stond voor lieflijk en harmonieus, het eerste voor reusachtig en huiveringwekkend. Maar wie nu verwacht dat Den Hartog Jager dit onderscheid in het heden herstelt, komt bedrogen uit. Want in zijn boek beschrijft hij vooral de terugkeer van de schoonheid in de hedendaagse kunst. Is het sublieme dan toch hetzelfde als het schone?
Een duidelijk antwoord ontbreekt. In plaats daarvan komt Den Hartog Jager met een tamelijk chaotisch historisch verhaal, waarin het ‘klassieke schoonheidsideaal’, de romantische ‘persoonlijke expressie’ en het sublieme (dat bij Turner en Rothko toch ook weer ‘mooi’ blijkt te zijn) over elkaar heen buitelen. Rode lijn is niettemin de geleidelijke verdwijning van de schoonheid uit de moderne kunst. ‘De schoonheid moest dood’. Met als uiterste consequenties: de ‘onverschilligheid’ van de ready made (Duchamp) en de abstractie van de conceptuele kunst.

Dit artikel werd gepubliceerd in NRC Handelsblad op Vrijdag 28 oktober 2011, pagina 6 - 7. U kunt het hele artikel hier lezen.

    • Arnold Heumakers