Koemantribune

In de Kuip heb je de Maastribune. Heb ik als Rotterdammer altijd een plezierige naam gevonden. Niemand stoort zich aan een rivier. Bij de naam Maas denk je aan een stevige stroming, een binnenvaartschip, hoog water.

Waar ik ook van houd, zijn tribunes met een windrichting in de naam. Je zit op Zuid, staat op Noord, haalt in de rust een kroket achter West of zoekt een lange urineermuur onder Oost.

Soms krijgen tribunes de naam van een overleden speler of trainer. Zo kreeg in 1993 de korte zijde in het ADO-stadion de naam van de legendarische verdediger Aad Mansveld. Als je op een stoeltje zat, ging je vanzelf Haags spreken.

En wat als een heel stadion naar een oude voetbalheld wordt vernoemd. Het Abe Lenstra Stadion in Heerenveen, kan het mooier?

In Groningen kregen ze een plan voor een naam voor een tribune in de Euroborg. Ze hadden beter een nieuwe naam kunnen verzinnen voor het hele stadion, maar goed.

Het idee was helder. Er moest een Koemantribune komen, vernoemd naar de Groningse voetbaldynastie.

Voor vader Martin Koeman was het prachtig. Hij afficheert zich een heel leven met de stad en de club waar hij zo van houdt. De naam voor de tribune was ook verzonnen voor zijn voetballende en later trainende zoons, Ronald en Erwin.

Gisteren speelde Groningen tegen Feyenoord. Een goede datum voor de ceremonie. Ronald Koeman was aan het werk in het stadion. Erwin had zichzelf kortgeleden bij FC Utrecht ontslagen en vader was sowieso ter plekke. Alle Koemannen waren op het juiste moment op de juiste plek.

Vader hield een speech op het veld, kreeg een omhelzing van zoon Erwin en boven in het stadion werd een lang doek losgetrokken waardoor de naam in blokletters verscheen: Koemantribune. Op vlaggen stonden reuzenfoto’s van de Groningse voetbalfamilie.

Applaus.

Vader ging trots naast Erwin zitten op de tribune. Ronald bleef beneden op het veld; hij moest Feyenoord coachen.

Na 45 seconden stond Feyenoord al met 1-0 achter. De tv-commentator wist er goed raad mee: „En de mensen op de Koemantribune veren meteen op.”

Na ruim een kwartier spelen had Groningen drie keer gescoord en kon het team zich opmaken voor een makkelijk uit te spelen wedstrijd. Op de tribune zaten Martin en Erwin Koeman met ongemakkelijke gezichten naar het veld te kijken. Wat moesten ze? Met hun Groningse hart zagen ze hoe de club van de bekendste telg uit de familie een pak rammel kreeg.

De thuissupporters genoten van hun tribune. Uitstekende stoeltjes, lekker zicht. En nog een goede uitslag ook: 6-0 tegen Feyenoord.

De tv-commentator nam de naam van de nieuw ingewijde plek op in zijn standaardrepertoire. Bij wéér een doelpunt voor Groningen: „De Koemantribune barst uit zijn voegen van euforie.”

Na de wedstrijd keek Ronald Koeman niet meer omhoog naar de tribune die pas anderhalf uur zijn achternaam droeg. Wat als een feestelijke middag begon, eindigde voor hem in een nachtmerrie. Tijdens de persconferentie zei Koeman over de grote nederlaag: „Niet alles is verklaarbaar.”

Toch wel.

Laat als levende trainer nooit een tribune naar je vernoemen. Het is vragen om moeilijkheden.

Wilfried de Jong