Penisnieuwsgierigheid

Monique Snoeijen schrijft de soundtrack van haar leven. Deze week: penisnijd.

Zou ik een man willen zijn? Het komt door het boekje Wat wil de vrouw? van NRC-redacteur Joyce Roodnat dat ik al dagen over die vraag loop te prakkiseren. Roodnat, zelfverklaard vrouwenexpert, weet wat de vrouw wil. De vrouw wil heel veel (mooi zijn, slank zijn, lachen, actie), maar onder geen beding: een man zijn. Haar motto: Penisnijd, ammehoela!

Maar is dat zo? Wil ik geen man zijn? Het zou misschien best bij me passen. „Weet je zeker dat je geen kerel bent?”, vraagt mijn lief vaak. Dan doelt hij op mijn schrokkende manier van eten, mijn foute grappen en gebrek aan zorgzaamheid. Bij een man springen zulke eigenschappen veel minder in het oog.

Het is denk ik makkelijker om een man te zijn. Je trekt gewoon elke dag een pak aan, laat je buik staan en pikt – ook als je je benen niet hebt geschoren – iemand op uit de kroeg. Je hoeft nooit op hakken te lopen of de tactiele straf van panty’s te ondergaan. En een tijd en een geld dat het kost om een vrouw te zijn. Epileren, eelt schuren, nagels vijlen, nagels lakken, föhnen, mascara opdoen, mascara er weer afhalen – ik schat het alles bij elkaar al gauw op zo’n honderd uur per jaar. In die tijd kun je ook een LOI-cursus Chinees doen.

Als ik een man zou zijn, dan zou ik mezelf waarschijnlijk ook serieuzer nemen. Ik zou altijd tien redenen weten waarom juist ik in aanmerking kom voor een promotie. In vergaderingen zou ik altijd het woord nemen, en als iedereen het al lang eens is met elkaar, dan zou ik daar nog een keer over heen plassen en nogmaals omstandig uiteenzetten waarom datgene waar iedereen het dus al over eens is volgens mij een goed idee zou zijn. En ik zou ook altijd ongevraagd mijn mening geven, omdat ik weet dat de mensen daar op zitten te wachten.

Als man zou ik me ook nooit schuldig voelen. Ik zou de verjaardag van de buurvrouw vergeten en mijn vader een week niet bellen, zonder daar last van te hebben. En ik zou natuurlijk af en toe – omdat dat soms even zo uitkomt – in de wastafel plassen.

Als gescheiden man zou ik het ook makkelijker hebben. Ik zou dan degene zijn die aan de kant is gezet. Het zijn namelijk meestal de vrouwen die een echtscheiding aanvragen. Als man kun je je dan lekker – als een varken in de stront – wentelen in je slachtofferschap. Ik zou mijn ex de schuld geven van alles, maar vooral van mijn eigen mislukte leven.

Heb ik last van penisnijd? Het lijkt me inderdaad best een lollig ding om te hebben. Ik heb Het kleine piemelboek nog maar eens doorgebladerd; een naslagwerk dat in geen enkel huishouden met kinderen mag ontbreken. De illustraties laten geen rimpelige, sneue, slappe zakken zien, maar vrolijke vriendjes in alle soorten en maten en met elk een eigen karaktertje.

Met de kennis die mijn dochters uit dit boek hebben opgedaan, kunnen ze nog jaren hun voordeel doen. Ze weten nu dat de man tijdens een nacht slapen gemiddeld zes keer een stijve krijgt. Dat Afrikanen de grootste piemel hebben en Aziaten de kleinste (vooral Chinezen en Japanners). Dat in sommige landen mannen hun piemel wassen met yoghurt en dat bij een zaadlozing het sperma met een snelheid van 40 kilometer per uur uit de piemel schiet. Dat is net zo hard als een brommer rijdt!

Penisnijd klinkt zo afgunstig. Penisnieuwsgierigheid, dat is het.

    • Monique Snoeijen