Driekwart medici begaat misser

Driekwart van de medisch specialisten in Nederland geeft toe wel eens een medische fout te maken; van hen verzwijgt bijna een kwart die fout. De gevolgen zouden „verwaarloosbaar klein” zijn of „slecht voor de toestand van de patiënt.”

Dit blijkt uit nog niet gepubliceerd onderzoek van ledenorganisatie VvAA onder bijna duizend medisch specialisten, huisartsen, tandartsen en ander medisch personeel. Van de huisartsen zeggen negen van de tien wel eens in de fout te gaan. De helft van de huisartsen houdt dat stil.

Nooit eerder sprak de beroepsgroep zo openlijk over medisch falen. Veel artsen vinden het pijnlijk over hun misser te vertellen. Bijna de helft van de ondervraagde medisch specialisten zegt er in het onderzoek „wakker van te liggen”. Eenderde van de medisch specialisten verklaart bovendien dat de angst voor het maken van fouten hun medische zorg negatief beïnvloedt.

Acht van de tien artsen en andere medici bespreken een misser het liefst met collega’s, blijkt uit het onderzoek. In negen van de tien gevallen leidt het ontdekken van een medische misser tot aanpassing van de werkwijze of de geldende protocollen.

Tweederde van de ondervraagden vindt dat bij de opleidingen meer aandacht moet worden besteed aan medische fouten, ook voor de emotionele gevolgen bij patiënten die het slachtoffer worden van medisch falen. Agatha Hielkema, rechtsbijstandsjurist bij VvAA: „In opleidingen wordt duidelijk iets gemist. De patiënt heeft niet alleen behoefte aan informatie over de genomen maatregel, er moet ook aandacht zijn voor zijn situatie en de impact op zijn leven.”

Dokter mag niet falen: Z&Z, pagina 12-13