7 miljard aardbewoners, nu op naar de 8

De VN verwelkomen maandag in India de 7 miljardste wereldburger. Geen reden voor feest, maar de doemdenkers van de overbevolking hebben voorlopig geen gelijk gekregen. En de groei neemt langzaam af.

Maandag wordt in de Indiase deelstaat Uttar Pradesh een bijzonder kind geboren. De ouders zullen zich nergens bewust van zijn, maar de geboorte markeert een mijlpaal voor de mensheid: hij of zij is de zeven miljardste aardbewoner. Waar dit kind geboren wordt of wat zijn identiteit zal zijn, is niet te voorspellen. Maar de Verenigde Naties hebben bij voorbaat een kind in India aangewezen. Dat land heeft namelijk het grootste aantal geboorten per jaar (27 miljoen) en Uttar Pradesh is met circa 200 miljoen inwoners de volkrijkste deelstaat.

Er zijn geen festiviteiten gepland. Het is nog maar twaalf jaar geleden dat de grens van zes miljard werd bereikt en de snelle groei van de wereldbevolking lokt vooral sombere toekomstvoorspellingen uit, over oorlog, honger en milieu. „Er zijn waarschijnlijk al te veel mensen op de planeet”, zei Nina Fedoroff, wetenschapsadviseur van de Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Hillary Clinton in 2009.

Vormen zoveel mensen inderdaad een probleem? Kan de aarde zoveel monden voeden? Zullen negen miljard mensen in 2050 het milieu ruïneren? Zal de strijd om de beperkte grond en hulpbronnen leiden tot meer oorlogen? Is demography destiny?, zoals de Britten zeggen.

Om doemdenkers gerust te stellen: zeven miljard is minder dan het lijkt. Geef iedereen een halve vierkante meter en ze passen met z’n allen in de provincie Utrecht. Bovendien neemt de bevolkingsgroei alleen maar af. De piek lag in de jaren zestig, toen de wereldbevolking met 2 procent per jaar groeide. Dat is nu nog maar de helft.

De snelle groei van de afgelopen vijftig jaar werd voor het grootste deel veroorzaakt door een stijging van de levensverwachting. Die lag in 1950 rond 46 jaar en is nu gemiddeld bijna 70, in rijkere landen zelfs 80.

Het ligt voor de hand dat meer mensen ook meer kinderen krijgen. Maar dat is niet per se het geval. Er bestaat een verband tussen dalende vruchtbaarheid en welvaart. In arme landen zijn veel kinderen noodzakelijk om te werken voor het gezin en om de ouders te verzorgen op hun oude dag. Maar door urbanisatie, economische ontwikkeling en onderwijs daalde in rijke landen het aantal kinderen per gezin.

Deze demografische trend is nu ook in veel opkomende economieën te zien. Alleen in Afrika en delen van Azië is de vruchtbaarheid nog hoog. Afrika levert met 49 procent de grootste bijdrage aan de bevolkingsgroei van de komende vier decennia. Het continent heeft nu een miljard inwoners en dat zal in 2050 ruim zijn verdubbeld tot 2,2 miljard.

De VN hebben vier scenario’s gemaakt voor de groei van de wereldbevolking tot 2100. Elk gaat uit van een ander vruchtbaarheidscijfer en de uitkomst verschilt daardoor enorm. Dat de groei doorzet staat wel vast, maar die hoeft niet per se te leiden tot onoplosbare problemen, zoals doemdenkers die voorzien.

Meer mensen, meer oorlog

Algemeen wordt aangenomen dat de groei van de wereldbevolking een bedreiging is voor de vrede. Honger, armoede, migratie, watertekort en overbevolking kunnen tot conflicten leiden. Denk aan de genocide van 1994 in Rwanda, een klein en dichtbevolkt land waar 90 procent van de bevolking leeft van de landbouw. Gebrek aan landbouwgrond bracht Hutu’s ertoe land van Tutsi’s in te nemen. Dit leidde tot diepe vijandigheid.

Maar dit zijn uitzonderingen. Sinds de Tweede Wereldoorlog is het aantal oorlogen tussen staten alleen maar afgenomen. Wel waren er korte tijd meer burgeroorlogen. Maar het aantal slachtoffers van conflicten is uiteindelijk met driekwart gedaald.

Jong versus oud

Het gunstigst voor een land is wanneer het niet te veel kinderen heeft maar ook niet te veel bejaarden, terwijl volwassenen volop werken. Veel westerse landen hebben die optimale situatie gekend na 1945 en ook landen in Oost-Azië profiteren nu van dit zogenoemde ‘demografische dividend’. Maar dit kan veranderen in een probleem, als er onvoldoende kinderen worden geboren.

Japan loopt voorop in dit proces van vergrijzing. Naar verwachting zal tegen 2020 op elke drie Japanse gepensioneerden maar één kind van beneden de vijftien jaar zijn. Tegen 2050 zal de bevolking (nu 127 miljoen) 38 miljoen zielen minder tellen. In de door de tsunami getroffen gebieden is nu al de vraag wie de dorpen met al hun oude mensen weer gaat opbouwen. En wie moet er voor al die steeds meer hulpbehoevende bejaarden zorgen? Japan is het voorland van onder meer Duitsland, Italië, Rusland, China en de Korea’s.

Afrika, India en Zuidoost-Azië krijgen juist te maken met een zeer jonge bevolking. In Afrika bezuiden de Sahara is tweederde van de bevolking jonger dan dertig. Komen er in die landen voldoende banen voor die grote aantallen jongeren? In het Global Population Report 2011 waarschuwden de VN donderdag dat de potentiële economische voordelen van zo’n grote bevolking verloren dreigen te gaan door gebrek aan onderwijs, investeringen en infrastructuur. Wat de gevolgen kunnen zijn van een grote groep gefrustreerde, werkloze jongeren heeft de ‘Arabische Lente’ laten zien. Historisch gezien komen revoluties en burgeroorlogen vaak voor in landen met een jonge bevolking.

Meer met minder

Er is ruim genoeg voedsel op de wereld voor zeven miljard mensen. Dat een miljard mensen toch honger lijdt, heeft niets te maken met productie maar alles met gebrek aan geld om voedsel te kopen.

De voedselbehoefte zal in 2050 naar verwachting zijn verdubbeld. Dat komt niet zozeer door de bevolkingsgroei, maar vooral doordat meer mensen geld hebben voor hoogwaardig voedsel, vlees. Er is tot 8 kilo graan nodig om een kilo vlees te produceren, vandaar de verdubbeling.

In theorie is het goed mogelijk aan deze vraag te voldoen, maar dat betekent een enorme aanslag op water, land, biodiversiteit en natuurlijke hulpbronnen. Als we op de huidige voet doorgaan, hebben we in 2050 2,5 aardbol nodig om genoeg voedsel te produceren. Er moet dus twee keer zoveel worden geproduceerd met twee keer zo weinig grondstoffen. Dit is volgens onderzoek van de Universiteit van Wageningen haalbaar.

We moeten minder verspillen en minder voedsel weggooien. Ook moeten mensen gewassen produceren die beter aansluiten op lokale omstandigheden. Genetische modificatie kan een oplossing zijn. En bedrijven moeten duurzamer gaan werken. Sommigen doen dit al, het beste voorbeeld is Unilever.

Toch blijft milieu het grootste punt van zorg, want menselijke activiteit heeft gezorgd voor verlies van biodiversiteit, uitstoot van broeikasgassen en klimaatverandering. Maar bevolkingsgroei leidt niet per se tot verdere aantasting van de aarde, want de aantasting van het milieu door rijke landen is vele malen groter dan die door arme landen, ook al zal daar de bevolkingsgroei het grootst zijn. Voorbeeld: de gemiddelde Amerikaan heeft dezelfde ecologische ‘voetafdruk’ als 250 Ethiopiërs.

De mens is inventief

Bij herhaling hebben de laatste paar eeuwen demografische onheilsprofeten onoverkomelijke problemen voorspeld als gevolg van de bevolkingsgroei. Ze onderschatten echter dikwijls het technologisch vernuft van de mensheid.

In de tweede helft van de achttiende eeuw begon de Britse bevolking te groeien. De predikant Thomas Malthus schreef daarop in 1798 een beroemd geworden essay, waarin hij betoogde dat de landbouw op den duur nooit al die extra monden zou kunnen voeden. Mensen zouden bezwijken aan honger en ziektes. Malthus had echter buiten de technologie gerekend. Dank zij de industrialisering, nieuwe landbouwtechnieken en handel slaagden de Britten er juist steeds beter in hun bevolking te voeden, ook al verzesvoudigde die tussen 1800 en 2000.

In 1968 wakkerde de Amerikaanse bioloog Paul Ehrlich het debat weer aan dat Malthus op gang had gebracht. In The Population Bomb voorzag hij hongersnoden, ziektes en ernstige sociale onrust, wat aan honderden miljoenen het leven zou kosten. In grote lijnen bleek ook Ehrlich er echter naast te zitten. Hij had niet voorzien dat met name nieuwe landbouwtechnieken – vaak aangeduid als Groene Revolutie – in Azië en elders zoveel meer mensen zonder al te veel problemen konden voeden.

    • Toon Beemsterboer
    • Floris van Straaten