16.000 groentetassen per week

De groentetas van Odin bestaat zeventien jaar. Juist nu verantwoord voedsel in trek is, stokt de groei. Unilever verkoopt ineens ook bio-eten.

Koos Bakker staart naar de stronk met groene blaadjes. Even twijfelt hij. Dan: „Dit is misome, een Chinese groente die wat wegheeft van paksoi. Je zou hem niet meteen herkennen en wellicht niet direct kopen in de supermarkt, daarom is het zo leuk om dit soort groente regelmatig in de tas op te nemen.”

Bakker is directeur van Odin, de versgroothandel uit Geldermalsen die achter de biologische groentetas zit. Het bedrijf is als handelsorganisatie voor biologische producten actief op verschillende fronten. Ze heeft een webwinkel en beschikt over zestien speciaalzaken. Maar Odin is vooral bekend door het groentenabonnement met elke week een tas vol biologische groente.

Het idee voor de groentetas ontstond op een vrijdagmiddag. Medewerkers namen wekelijks overtollig fruit mee naar huis. „Personeelsleden die eerder klaar waren, hadden meer keus. Dus werd besloten kistjes samen te stellen met daarin voor iedereen hetzelfde”, zegt Bakker.

Het initiatief was zo’n groot succes dat het bedrijf de tassen ook ging aanbieden op de consumentenmarkt. Daarvoor zijn met bioboeren afspraken gemaakt over teelt en volume. Een zogenoemde planner onderhoudt contact met de boeren en bepaalt vervolgens wat er uit het aanbod in de groentetas gestoken wordt.

Inmiddels halen iedere week 16.000 abonnees hun kleine- of grote groentetas op bij diverse speciaalzaken. Zo ook Marjo Hamburger-Scholts uit Rotterdam. Ze somt met de tas in de hand een paar voordelen van het groenteabonnement op. „Er worden geen bestrijdingsmiddelen gebruikt en de groenten zijn smaakvoller. In een restaurant denk ik nu vaak: ‘wat een vreemde smaak’.”

De biologische markt in Nederland groeit gestaag (zie kader). Van alle voedingsbestedingen in Nederland is 1,7 procent als biologisch te kwalificeren. De groentetas kent echter nauwelijks meer abonnees dan vijf jaar terug.

Biologisch voedsel is toegankelijker geworden, waardoor de noodzaak een groentetas te hebben afneemt. Bakker: „Ook supermarkten hebben biologische producten opgenomen in hun assortiment. Daarnaast sloten veel groentespeciaalzaken hun deuren, waarmee voor ons afhaalpunten verdwenen.”

„Het imago van biologisch voedsel is aan het veranderen”, concludeert ook Marieke Meeusen, coördinator markt- en ketenonderzoek biologisch voedsel aan de Wageningen Universiteit en Researchcentrum (WUR). „Het zijn niet meer alleen de geitenwollensokkentypes die biologisch kopen. Mensen vinden het ook gewoon lekkerder.”

Volgens Meeusen dragen kleinschaliger initiatieven zoals de groentetas van Odin bij aan het inburgeren van biologisch voedsel. Ook het grote publiek wil er nu aan. „Met name de mond-tot-mondreclame speelt een belangrijke rol. Consumenten gebruiken een groentetas, praten er over met vrienden en op die manier komen steeds meer mensen in aanraking met biologisch eten.”

Odin moet het vooral hebben van die mond-tot-mondreclame, want – zo zegt Bakker – de organisatie werkt met een laag marketingbudget. Jaarlijks heeft het bedrijf een omzet tussen de 35 en 40 miljoen euro. Om te voorkomen dat privépersonen aanspraak maken op vermogen uit de onderneming is het moederbedrijf van Odin, Estafette Associatie, een commanditaire vennootschap. Het vermogen is ondergebracht bij twee stichtingen: Vidar en Sleipnir.

„Zij beheren het geld; winst die we maken wordt door deze stichtingen in verschillende bedrijven gestoken met dezelfde filosofie. Opbrengsten van Odin worden bijvoorbeeld ook beschikbaar gesteld voor de productie van bijenwaskaarsen en investering in een drukkerij.”

De filosofie achter Odin is dat in een duurzame economie niet wordt geconcurreerd, maar men elkaar helpt. Natuurlijk niet tegen elke prijs. „Als een boer opbelt dat een product nú geoogst moet worden, gaat de groente in de tas”, zegt Bakker. Met megakolen moet een boer echter niet aankomen. „Dat wil de consument niet. Fruit met hagelschade kan dan wel weer prima.”

Odin legt de keuzes die ze maakt uit aan de klant, zegt Bakker. Waarom wordt er bijvoorbeeld buitenlands fruit geïmporteerd? „Wanneer je producten in september oogst en in een koelcel bewaart tot april, ben je net zoveel energie kwijt als wanneer je deze vers aanvoert uit Sicilië. Het is onmogelijk om alles uit Nederland te halen. Stelregel is echter dat we nooit producten per vliegtuig aanvoeren en bij voorkeur niet uit gestookte kassen. Maar alles wordt uitgelegd met een nieuwsbrief.”

Odin verklaart in de brief niet alleen waar groenten vandaan komen, maar ook wat er mee gedaan kan worden. „Hoe bereid je een misome? Dat leggen we uit.” Roerbakken bijvoorbeeld, met een beetje soja, peper, gember en knoflook.

De groentetas viert dit jaar haar zeventiende verjaardag. Er is weinig veranderd aan de filosofie. Wel hebben andere boeren en bedrijven Odin inmiddels nagedaan. Bakker vindt dat prima. Hij ziet ze zelfs niet als concurrenten. „In deze sector werkt je niet voor jezelf, maar voor een gemeenschappelijk ideaal. Doel is die gedachte verder te brengen.”