NRC barst van de fouten. Waar is de eindredactie?

Het aantal taalfouten en slordigheden in NRC Handelsblad is een kwaliteitskrant onwaardig. De nieuwe manier van eindredactie faalt, betoogt Stan Verhaag.

Onder de kop ‘Elke fout is te veel’ schreef ombudsman Sjoerd de Jong van NRC Handelsblad in juni behartenswaardige woorden over „slordigheden, verhaspelingen, dubbele of juist ontbrekende woordjes” in de krant. „Zulke missers, hoe klein en verklaarbaar ook, zijn ernstig, omdat ze de betrouwbaarheid van de krant aantasten. Lezers van NRC Handelsblad zijn daar bijzonder gevoelig voor.”

Ik ben zo’n bijzonder gevoelige lezer. En ik luid de noodklok, vier maanden na De Jongs stuk. Het aantal fouten overschrijdt de grens van het acceptabele.

Begin oktober las ik binnen zes dagen driemaal het niet-bestaande woord ‘rechtzaak’. Dat vind ik te gortig voor een krant van 380 euro per jaar. Ik besloot een tijdje te lezen met de markeerstift binnen handbereik.

Al lees ik lang niet alles, toch schrok ik van het aantal fouten. Zo kwam ik op 15 oktober (pagina 2 en 3) de zinnen tegen: „En weer werd de trouwfoto weer overal gepubliceerd” en „De concentratie zwaveldioxide naar verwachting weer stijgen”.

Op 18 oktober stond op twee naast elkaar gelegen sportpagina’s: „Alleen Da Silva heeft dit contract aangevochten opengebroken”, „Dinamo-fans hebben staan bekend om hun extreemrechtse teksten”, „Koeman, de een contract had”.

In een artikel op 22 oktober over „De Heineken Ontvoering” stond „volgend week”; „Rem Hubrechts” én „Rem Hubrecht”; „Holleeder strafrechtadvocaat” en „het personage is deels is gebaseerd”. Het dieptepunt werd bereikt in het sportkatern op 24 oktober: „Dat Feyenoord zich vervolgens ging tijdrekken”; „oudassistent”; „beide clubs mochten vijf jaar geen uitsupporters nemen” ; „toen De Boer de landstitel werd veroverd”; „de attractieve spelende Serviër”; „bij Feyenoord maakte de bravoure plaatst voor realiteitszin”; „Leroy Fer kwam mocht warmlopen”; „Tim Matavs”; en „teams mogen niet gaan denken dat ons kunnen verslaan”. Negen fouten in één artikel.

„Kranten maken is mensenwerk dat onder grote druk gebeurt”, schreef De Jong eind juni. Klopt, maar er is meer aan de hand. En De Jong weet dat zelf ook, getuige deze woorden: „NRC Handelsblad heeft traditioneel een extra probleem, omdat de krant nooit een grote centrale eindredactie heeft gekend. De controlerende (en onzichtbare) functie van eindredacteur was niet erg in trek in een liberale redactiecultuur.” Na deze ontnuchterende mededeling volgde een onheilspellende: „De hoofdredactie gaat de verantwoordelijkheid voor eindredactie weer meer leggen bij de deelredacties. Een eerder idee om de centrale eindredactie juist te vergroten, stuitte op kritiek van de chefs van deelredacties, die daar mensen voor zouden moeten afstaan. Of het nieuwe systeem werkt, zal de praktijk moeten uitwijzen.”

Vier maanden praktijk later is het zonneklaar: het nieuwe systeem faalt. Als NRC Handelsblad een echte kwaliteitskrant wil zijn, dan weet elke redacteur dat ‘rechtzaak’ (18 maal in 2011 tot nu toe, leert een avondje grasduinen in het digitaal archief) ‘rechtszaak’ moet zijn. Dan schrijft deze krant nooit meer ‘continue’ als ‘continu’ wordt bedoeld (zesmaal in 2011). Dan zijn ‘verassend’ en ‘verassing’ (samen tienmaal in 2011) uit den boze, net als ‘email’ als het om‘e-mail’ gaat (vijfmaal fout in september en oktober). Dan wordt ‘genant’ altijd met een accent circonflex op de ‘e’ geschreven (dat ging in 2011 al 23 keer mis). Dan worden ‘sjiek’ en ‘sjieke’ (samen 33 keer in 2011) verbannen, simpelweg omdat ze niet bestaan. En wat zou het mooi zijn als NRC Handelsblad nooit meer ‘chique’ schrijft als ‘chic’ wordt bedoeld (12 keer fout in 2011), want ‘een chic hotel’ is spelling voor fijnproevers, spelling waarmee een kwaliteitskrant zich onderscheidt.

„In zijn e-mails aan de redactie hamert [hoofdredacteur] Peter Vandermeersch, soms met nauwelijks ingehouden woede, op de noodzaak van correct, helder en fatsoenlijk Nederlands in de krant”, aldus Sjoerd de Jong in juni. Inmiddels leert de praktijk dus dat ook boosheid niet de manier is om correct Nederlands te waarborgen. Wat wel? Een centrale eindredactie bestaande uit eindredacteuren die hun vak verstaan, die een scherp oog hebben voor ‘lastige’ woorden – want dáár begint kwaliteit. O ja, selecteer ook eindredacteuren die nadat ze een zin hebben gewijzigd standaard checken of ze niet zelf een fout hebben aangebracht danwel hebben laten staan.

NRC Handelsblad claimt ‘de beste journalistiek van Nederland’ te bedrijven. Het zou de krant sieren als ze deze claim voor zich houdt totdat simpele taalfouten achterwege blijven en als ze nu de juiste keuzes maakt om ervoor te zorgen dat dat moment zo snel mogelijk aanbreekt.

Stan Verhaag is tekstschrijver, journalist en fan van zorgvuldigheid.