Johan terug in zijn knollentuin

Volgens Johan Cruijff is de bestuurscrisis bij Ajax zeker niet door hem veroorzaakt. „De namen wie er genoemd zijn, kloppen voor geen meter.”

Met een zwarte leren sporttas over de schouder wacht het veelbesproken lid van de Raad van Commissarissen van Ajax tot hij naar binnen kan op trainingscomplex De Toekomst. Ouders, meer nog dan de jonge Ajacieden zelf, willen graag op de foto met de clubicoon. Want Johan Cruijff op De Toekomst, waar hij gisteravond een gesprek had over de bestuurlijke chaos bij Ajax, dat is bijzonder.

„Bijzonder? Hij komt hier wel vaker hoor”, zegt Wim Jonk. Hij is op voorspraak van Cruijff coördinator van de jeugdopleiding geworden. Achter de groep journalisten die zich inmiddels op Cruijff heeft gestort staat de stille oud-middenvelder van FC Volendam, Ajax, Internazionale, PSV en Oranje ongeduldig op zijn mentor te wachten. „Ik ga hem maar eens redden”, besluit Jonk, als het te lang begint te duren.

Cruijff was zelden op het opleidingscomplex, sinds hij in augustus toetrad tot de raad van commissarissen. Niet vaak genoeg, vinden de overige commissarissen. „We missen als Ajax je inbreng, aanwezigheid, reputatie en uitstraling”, staat er in hun brief aan Cruijff die woensdag uitlekte. Ook zou Cruijff de komst van Marco van Basten als technisch directeur hebben gefrustreerd door hem een een ‘adviesraad’ op te dringen met daarin vrienden zoals Telegraaf-journalist Jaap de Groot (zie kader).

Cruijff zegt van niets te weten. Hij heeft het over „halve waarheden” die „dit soort mensen” (medecommissarissen) de wereld in brengen. „Als je een verhaal vertelt, moet je het altijd duidelijk vertellen”, zegt de man die zelf onhelder taalgebruik wordt verweten. „De namen wie er genoemd zijn, bijvoorbeeld Jaap de Groot, kloppen voor geen meter. Is helemaal nooit met iemand besproken.”

Dat hij niet gereageerd zou hebben op een ultimatum, waarna Van Basten afgehaakt zou zijn, is volgens Cruijff ook niet waar. „Ik denk dat ik wel iets van vier of vijf dingen gestuurd heb”, zegt Cruijff. Voor de duidelijkheid: „Er is maar één die met Marco kwam en dat was ik.” Het blijft daarmee onduidelijk waarom de gewenste kandidaat Van Basten het niet geworden is.

Met Jonk loopt Cruijff daarna het complex op voor een ontmoeting met alle jeugdtrainers en met hoofdcoach Frank de Boer. Mannen als Michel Kreek, Ronald de Boer, Orlando Trustfull, Fred Grim duiken na hun trainingen de kantine in. Allemaal zeggen ze daar hun steun aan Cruijff toe.

In de sportkantine zit, zoals bijna altijd, ‘mister Ajax’ Sjaak Swart (73). Die houdt zich „verre van” commissies, raden en besturen. „Met mij gaat het goed. Ik loop overal tussen, maar ik zit nergens in. Laat mij maar gewoon met de spelertjes praten.” Even een bemoedigend woordje voor een beloftevolle rechtsbuiten. Swart, op die positie een topspeler in de jaren vijftig, zestig en zeventig: „Wie kan nou beter zeggen dan ik hoe je als rechtsbuiten moet spelen?”

In het met 4-2 gewonnen bekerduel tegen Roda JC zag hij vleugelspeler Jody Lukoki woensdagavond een aantal „dramatische” voorzetten geven. „Zeventig procent van de voorzetten moet goed zijn, dertig procent mag fout gaan. Nu is het vaak omgekeerd.” Gaat dat nu veranderen, nu volgens het plan van Johan Cruijff de trainingen meer op de voetballer worden gericht? „Ik hoop het.”

Het is volgens de vier andere commissarissen een chaos op De Toekomst. „Te veel mensen gaan hun boekje te buiten”, schreven ze in de uitgelekte brief. Dat is voor ouders dan in ieder geval niet te merken, zegt de vader van A1-speler Darren Rosheuvel. Veel is er niet veranderd sinds Cruijff zijn plan heeft uitgevouwen, zegt hij. „Alleen dat de trainingsmethodes overal hetzelfde zijn. En meer individuele training.”

Buiten bij de poort arriveert rond zes uur gelegenheidsbemiddelaar Keje Molenaar. De oud-speler van Ajax en Feyenoord heeft met vier andere leden van de ledenraad de opdracht gekregen de breuk tussen Johan Cruijff en de vier andere commissarissen te lijmen. Molenaar is consequent optimistisch. „De kans dat we er uit komen is ruim 50 procent”, zegt Molenaar vooraf.

De laatste vlucht naar Barcelona vertrekt om half negen van Schiphol. Als er na half acht een auto het terrein op rijdt om Johan Cruijff op te halen, is er dus haast. Of het een goed gesprek was? „Het is altijd een goed gesprek”, aldus Cruijff. „Maar ik moet nu echt het vliegtuig halen.”

Anderhalf uur later verlaat Keje Molenaar het kantinegebouw. „Ze komen er zeker uit”, zegt hij, na ook contact te hebben gehad met de overige vier commissarissen. Jaap de Groot zal later op de avond in tv-programma Pauw & Witteman zeggen dat degene die de commissarissen nog op één lijn kan brengen „de Nobelprijs voor de Vrede verdient”. Molenaar, nuchter: „Problemen horen bij Ajax. Maar problemen zijn er ook om opgelost te worden.”

Liever heeft hij het over het „fantastische moment” vóór het gesprek. „Daar zit Johan met al die trainers in blauwe trainingspakken om hem heen. Dat is Johan in zijn knollentuin.”