'De roman behoort toe aan de antiheld'

In de lobby van zijn Utrechtse hotel kijkt Antonio Muñoz Molina misprijzend naar de Nederlandse kranten die, de dag na de dood van Moammar Gaddafi, het bebloede lijk van de dictator over de volle breedte van de voorpagina hebben afgedrukt. „Die foto’s zijn onacceptabel”, zegt de 55-jarige Spaanse schrijver. En, na wat uitleg, spottend: „Dus dit zijn jullie kwaliteitskranten?” Dat terwijl zijn grote net vertaalde roman De nacht der tijden allesbehalve vrij van wreedheden is.

Uw boek is een oorlogsroman zonder helden.

„Zijn niet alle romans anti-heroïsch? Van Don Quichot af aan zijn romanschrijvers bezig geweest om te laten zien hoe de realiteit is, door met het concrete te strijden tegen het abstracte. Cervantes streed tegen de ridderromans, Flaubert, Stendhal – ze wilden allemaal idealen afbreken, er de draak mee steken. De roman is het domein van de antiheld. Helden hebben de geschiedenis al.”

Is dat wat u wilt laten zien in uw boeken?

„Ik wil laten zien hoe het mensen vergaat bij grote maatschappelijke gebeurtenissen, zoals in dit geval de Spaanse Burgeroorlog. Ik wil de ervaringen van gewone mensen tonen. Achteraf lijkt alles altijd helder. We verbeelden ons graag dat we de juiste kant zouden kiezen, lijden aan een narcistische identificatie met de held. Maar op het moment dat een oorlog uitbreekt weten mensen niet wat hun overkomt.

„Ignacio Abel, de hoofdpersoon van mijn boek, kan niet weten dat er een oorlog op uitbreken staat. Te midden van alle verwarring wil hij gewoon verder met zijn leven. Voor ons, achteraf, lijkt de oorlog onvermijdelijk, maar hij had geen idee. U weet ook niet wat er volgende week met de Europese Unie gebeurt.”

Zijn leven staat voor heel Spanje. Hij is verblind door zijn liefde voor een andere vrouw en vernietigt zo datgene waar hij het meest om geeft: zijn gezin.

„Hij neemt te veel dingen voor zeker aan: de politieke situatie, zijn familie. Maar alles verandert. In zijn persoonlijk leven leert hij dat hij kan liegen tegen zijn vrouw. In politieke zin komt zijn hele bestaan ondersteboven te staan, de hele wereld. Ik heb in de roman het personage gecreëerd van een Duitse hoogleraar die als enige wél ziet wat er gebeurt, omdat hij het in Duitsland en de Sovjet-Unie heeft meegemaakt, al wil niemand naar hem luisteren. Dat heb ik gedaan om de Burgeroorlog in internationaal perspectief te plaatsen. Ik wil niet dat de Spaanse Burgeroorlog als een antropologisch fenomeen wordt gezien.”

U bent al een natie van stierenvechters...

„En dan komt de oorlog vanzelf. Nee, de grote spelers van de Tweede Wereldoorlog, Hitler en Stalin, waren betrokken; het mengsel van propaganda en technologie dat zoveel schade heeft aangericht was al ontstaan.”

U bent gekritiseerd omdat u de misdaden van de ‘roden’ in Madrid breed uitmeet en intellectuele helden als de dichters José Bergamín en Rafael Alberti neerzet als feestende ijdeltuiten.

,,Ik kan er niets aan doen: die ijdelheid is de waarheid. De verhalen in mijn boek over bals en grote feesten terwijl Madrid werd belaagd, komen rechtstreeks uit de memoires van Alberti.

„Het grote verschil tussen links en rechts is niet dat de een meer wreedheden begaat dan de ander, maar dat links zich daar later voor kastijdt.”

Je kunt uw boek ook als een voorbeeld van dat mechanisme zien. U bent een progressieve auteur, toch?

„Dat hoop ik wel, ja! Op mijn twintigste was ik, zoals iedereen die iets wilde ondernemen tegen de dictatuur, communist. Er was geen sociaal-democratie in Spanje voor de dood van Franco. Bij ons liet de bevrijding veertig jaar langer op zich wachten. Eind jaren vijftig kwam president Eisenhower – ja, de oorlogsheld – naar Spanje om Franco te omhelzen. Toen in een student van twintig was, was ik ook geen democraat.”

Hoe bent u dan democraat geworden?

„Door de democratie. Die heeft een democraat van mij gemaakt, dat geldt voor ons allemaal.”

De nacht der tijden telt bijna duizend pagina’s. Het soort boek waarvan je verwacht dat een schrijver er zijn hele leven naartoe heeft gewerkt.

„Het was niet mijn bedoeling om een Great Spanish Novel te schrijven. Ik ben begonnen met de twee geliefden, toen wilde ik ook het perspectief van de vrouw laten zien, daarna de kinderen. Zo is het boek gegroeid. Ik werk niet met schema’s. Je moet de stroom voelen, je verliezen in je eigen verhaal, willen raden wat het volgende is. De nacht der tijden heb ik in drie jaar geschreven.”