'De Grote Planner houdt geen rekening met mode'

Voor zijn gedetailleerde, op feiten gebaseerde fictieverhalen over de economische planning van de Sovjet-Unie in de jaren zestig moest schrijver Francis Spufford zelf de regels formuleren: ‘Ik twijfelde er steeds aan of ik iets leesbaars had geschreven.’

Vijf jaar heeft de Britse schrijver Francis Spufford gewerkt aan De rode belofte, dat vorig als Red Plenty in Groot-Brittannië verscheen. Daarvan zat hij een groot deel in de bibliotheken van zijn woonplaats Cambridge om vele boeken en artikelen over economische planning en cybernetica in de Sovjet-Unie omstreeks 1960 door te nemen. „Ik ben de CIA dankbaar”, zegt Spufford in de bibliotheek van een Amsterdams hotel waar hij een paar dagen verblijft. „Ik spreek geen Russisch, maar de Amerikanen hebben veel Sovjetpublicaties over economische planning laten vertalen. Ze waren in de jaren zestig onder de indruk van de snelle economische groei in de Sovjet-Unie. Sovjet-leider Chroesjtsjov voorspelde toen zelfs dat de Sovjet-Unie de Verenigde Staten al in 1980 in welvaart zou hebben ingehaald.”

Anders dan Spuffords vorige boek, Backroom Boys, over de geschiedenis van de Britse techniek na 1945, is De rode belofte geen non-fictie, maar meesterlijke fictie die de lezer een reis naar het hart van de Sovjet-Unie laat maken. In 18 korte verhalen laat Spufford zien wat de oorzaken en gevolgen waren van de ambitieuze economische planning van wiskundige economen als Leonid Kantorovitsj (1912-1986), Nobelprijswinnaar economie in 1975.

De verhalen van De rode belofte, met uiteenlopende hoofdfiguren en perspectieven, vormen een mozaïek. Komt in het ene verhaal bijvoorbeeld het voorstel van de economen om de vleesprijzen te verhogen zijdelings ter sprake, in het andere laat Spufford een plaatselijke partijman getuige zijn van de (waar gebeurde) bloedige beschieting in 1961 van een menigte in Novotsjerkassk die tegen de verhoging van de voedselprijzen demonstreert.

Wetenschappelijke economische planning met computers in de Sovjet-Unie van de jaren zestig – dat lijkt me geen onderwerp voor een bestseller. Waarom heeft u hier vijf jaar van uw leven aan besteed?

„Met de verdwijning van de Sovjet-Unie in 1991 is de westerse belangstelling voor de planeconomie inderdaad helemaal verdwenen. Bij bijna alle boeken en artikelen die ik doornam, was ik de eerste in twintig jaar die ze aanvroeg in de bibliotheek.

„Ik ben geïnteresseerd in hoe techniek de wereld verandert – mijn vorige boek ging over Britse ingenieurs. En in de Sovjet-Unie onder Chroesjtsjov werd veel heil verwacht van de economische wetenschap, van wiskunde en computers die toen nog zo groot waren als huizen. Dit geloof in een technisch-wetenschappelijk utopia maakt De rode belofte ook voor anderen dan Sovjetologen interessant. De Sovjet- Unie van die tijd is namelijk niet uniek in de verwachting dat techniek en wetenschap onbeperkte welvaart binnen handbereik brengt.

„Eind jaren negentig, toen de internethype op zijn hoogtepunt was, wisten ook veel serieuze Westerse economen zeker dat er een periode was aangebroken van langdurige, hoge economische groei. Als alles en iedereen door internet met elkaar zou zijn verbonden, stond de hele wereld binnenkort overvloed te wachten.

„Achteraf is het verbazend dat economen dit toen hebben voorspeld. Hoewel: voorspellingen zijn natuurlijk altijd extrapolaties van het heden. Ook nu weer. De eurocrisis stemt nu veel economen zeer somber, hoewel ze eigenlijk helemaal niet kunnen weten waartoe die leidt.”

In een voetnoot citeert u Chroesjtsjov die had gezegd dat hij ‘bloed tot aan zijn ellebogen’ had. Toch is hij in De rode belofte geen botte Stalinist, maar een idealist.

„Hij was ook een idealist. Hij kon niet anders. Alleen de verwachting dat het communistische paradijs in twintig jaar zou worden bereikt, rechtvaardigde de massamoorden onder Stalin waaraan hij zo ijverig had meegewerkt. Toen hij aan de macht was, dacht Chroesjtsjov werkelijk dat hij een op wetenschap en cybernetica gestoelde socialistische economie kon opbouwen die veel beter werkte dan de markteconomie.

„De laatste Sovjetleider, Gorbatsjov, is een directe erfgenaam van Chroesjtsjov: hij dacht dat hij de planeconomie kon verbeteren met zijn perestrojka. Daarin verschilde hij van de communistische hervormers in het China van de jaren tachtig en negentig. Die hebben botweg het kapitalisme geïntroduceerd in de Chinese economie. Dat was gezien hun communistische idealen heel cynisch, maar zo behielden ze wel de politieke macht.”

Waardoor werkte de wetenschappelijke planning van de Sovjet-economen niet?

„Daar zijn tal van redenen voor. Maar een belangrijke oorzaak was dat bij de snelle industrialisatie onder Stalin de nadruk sterk lag op de zware industrie. Het produceren van grote hoeveelheden staal en dergelijke stond voorop en de consument raakte buiten beeld. Alleen met de wensen van het leger werd echt rekening gehouden. Dit bleek onder Chroesjtsjov heel moeilijk te veranderen.

„Ik geef in De rode belofte het voorbeeld van katoenen overhemden die zo lelijk waren dat geen Rus ze wilde dragen. Dat betekende vernietiging van waarde, want als het katoen van de overhemden op de wereldmarkt was gebracht, had het nog iets opgeleverd.

„Met zoiets als mode hielden economen als Kantorovitsj geen rekening. Dat waren toch een beetje wereldvreemde figuren die op wetenschappelijke gronden prijsstijgingen van vlees aanbevolen. Maar de communistische machthebbers ondervonden al gauw dat dit veel problemen opleverde. Die wilden daarom één ding beslist niet: veranderingen. Zo liep de planning weer vast.”

U begon De rode belofte als non-fictie. Maar tijdens het schrijven bent u overgestapt op fictie. Waarom?

„Beschreven als non-fictie werd de geschiedenis van de planning en cybernetica in de Sovjet-Unie te abstract. Het werd te veel een beschrijving van wetenschappelijke ideeën die als het ware boven de Sovjet-maatschappij bleven zweven.

„Maar geschiedenis bestaat uit de voorziene en onvoorziene gevolgen van zulke ideeën. Het gaat om hoe ideeën ingrijpen in levens en hoe ze gestalte krijgen in ervaringen. Het is overigens niet helemaal fictie geworden: ik ontkwam er niet aan om de zes delen van het boek telkens te beginnen met een korte uitleg over de politieke verhoudingen of over marxistisch-leninistische economie.”

In de 72 bladzijden die de noten beslaan, legt u ook heel precies uit wat van de verhalen is gebaseerd op feitelijke gegevens en wat verzonnen is. Zo hebt u een nieuw genre in het leven geroepen, zou je kunnen zeggen: scientific fiction.

„Zo zou je het kunnen noemen, ja. De rode belofte is een ware mengeling van wetenschap en fictie met als tragische held het idee dat rationele economische planning met computertechnieken beter werkt dan de markt. Je zou mijn boek ook documentaire fictie kunnen noemen.”

U hebt uw boek gebaseerd op honderden boeken en artikelen over Sovjetplanning. Toch schrijft u dat u De rode belofte niet zonder internet had kunnen schrijven. Waar had u internet voor nodig?

„Voor de details. In een van de verhalen komt een kommoenalka voor, zo’n gehorige Sovjetwoning waar de bewoners de keuken en sanitair en niet zelden ook de woonruimte zelf met elkaar moesten delen. Dan wil ik weten wat voor lampen en stoelen daar stonden. Dat vind je op internet.

„Of neem de Sovjet-auto’s uit het verhaal over Chroesjtsjovs politieke einde. Op de dag nadat hij met pensioen was gestuurd, werd zijn superdeluxe ZIL uit zijn garage gehaald. Eerst kreeg hij een Tsjaika terug, de Sovjetversie van een Amerikaanse slee, maar die werd binnen een uur alweer verwisseld voor een stijve Volga. Hoe die auto’s eruit zien en hoe ze reden, vind je allemaal op internet.”

Gaat u nog meer scientific fiction schrijven?

„Het schrijven van De rode belofte was een fascinerende ervaring; ik moest zelf de regels verzinnen. Maar daardoor was ik ook voortdurend onzeker over het resultaat. Ik twijfelde er steeds aan of ik iets leesbaars had geschreven. Nee, voorlopig waag ik me er niet meer aan.”

Francis Spufford: De Rode Belofte (Red Plenty). Vert. Toon Dohmen. Nw Adam, 480 blz. € 27,95

    • Bernard Hulsman