Countdown

Eind december vertrekt André Kuipers met een Sojoezraket naar de ruimte. Tot dan elke week een bericht over zijn voorbereiding. Vandaag: maaltijden.

Ja, ook astronauten eten drie keer per dag. Een ontbijt, een lunch en avondeten. Hun eten heeft soms alleen een wat andere vorm. Zout is in water opgelost. Peperpoeder drijft in olie. En er worden géén boterhammen gesmeerd.

Met reden. Rondzwevende zoutkorrels of broodkruimels zouden niet alleen troep geven in het internationale ruimtestation ISS, maar ook in de elektronica kunnen belanden en die zo kunnen ontregelen. Ook het andere ruimtevoedsel is daarom plakkerig. Dan blijft het goed aan vork of lepel hangen.

Vork en lepel? Slurpen astronauten hun voedsel dan niet uit tubes? Nee, dat gebeurde alleen in de pioniertijd van de ruimtevaart. Toen kregen ruimtevaarders smakeloze poeders, papachtige substanties en kleffe brokjes mee in tubes. Maar het ruimtestation heeft gewoon een keukentje.

Een eenvoudig keukentje. Dat wel. Met water om poeders in aluminium zakjes te verdunnen tot allerlei drankjes (denk: koffie, cola, vruchtensap) of tot smeuïge voorgerechten. En met een oventje om de gerechten, die verder vooral in blik zitten, zonodig op te warmen. Zowel de Amerikanen als de Russen bieden van te voren, op aarde, een menukaart aan waaruit astronauten gerechten kunnen kiezen.

Vlees snijden met een mes? Nee, dat zit er niet in. In gewichtsloze omgeving is de kans op wegschietende biefstukjes te groot. Messen zijn er om pakjes open te snijden. Maar de uit blik op te lepelen maaltijden zijn wél veel lekkerder dan vroeger. En uitgebalanceerd bovendien, want een diëtist keek op aarde mee. Omdat astronauten niet even in de zon kunnen lopen – goed voor vitamine-D-aanmaak – is die vitamine bijvoorbeeld toegevoegd.

Europese astronauten mogen bovenop het gesteriliseerde Amerikaanse en Russische ruimtevoer (er is geen ijskast aan boord!) nog ‘bonusvoedsel’ uitkiezen. Bereid door de Franse chefkok Alain Ducasse. Appelcompôte, zalm, zwaardvis en cheesecake bijvoorbeeld. „Heerlijk”, schrijft André Kuipers op zijn weblog. De kip met bamboe laat hij op aarde. „Heel vies.”

Margriet van der Heijden