Brussel: wat Bleker wil is 'zeer schadelijk'

Nederlandse alternatieven voor het onder water zetten van de Hedwigepolder zijn onvoldoende om de natuur in de Westerschelde te redden, stelt de Europese Commissie.

De kritiek van de Europese Commissie op de alternatieve plannen van het kabinet voor de Hedwigepolder is niet mals. De voorstellen van Nederland zijn „zeer schadelijk” voor de „algehele ecologische (en economische) coherentie” van maatregelen door Nederland en Vlaanderen.

„Onze conclusie is dat we de maatregelen niet vinden passen bij de urgente ecologische vereisten van het ecosysteem”, schrijft eurocommissaris Potocnik (Milieu) in een vertrouwelijke brief van 13 oktober aan staatssecretaris Bleker (Natuur, CDA).

Potocniks ambtenaren bogen zich de afgelopen weken opnieuw over Nederlandse plannen om de natuur in de Westerschelde te herstellen. En wéér blijken alle alternatieven slechter te scoren dan het onder water zetten van Hedwigepolder, zoals eerder afgesproken met Vlaanderen.

Het kabinet wil snel beginnen met het „verbeteren en vergroten” van bestaande schorren en slikken op drie plaatsen in de Westerschelde. Brussel ziet daar weinig in. De plannen „zijn niet gelijk aan het geven van meer ruimte aan de rivier door het scheppen van nieuwe getijdegebieden ten koste van bestaand polderland”, namelijk 300 hectare Hedwigepolder. De maatregel raakt een „zeer beperkt gebied” dat mogelijk dichter bij de door Nederland geschatte ondergrens van 57,5 hectare zit dan bij de bovengrens van 123 hectare. Ook bestaat een „risico op erosie” van een ander natuurgebied, het Verdronken Land van Saeftinghe.

Eveneens een slecht idee vindt Brussel het kabinetsplan om twee polders ten oosten van Vlissingen onder water zetten. Want deze Welzingepolder en de naastgelegen Schorerpolder liggen in een zouter deel van de Westerschelde, en onder water zetten kan daarom „niet worden beschouwd als ecologisch equivalent alternatief” voor de Hedwigepolder in de buurt van Antwerpen.

De alternatieven op verschillende plaatsen langs de Westerschelde hebben volgens Brussel nog een ander nadeel: ze leiden niet tot het ontstaan van één ecologisch waardevol gebied. Dat zou wel het geval zijn bij de Hedwigepolder. De ambtenaren van Bleker hebben volgens Potocnik in een brief aan Brussel wel geschreven dat er „geen voordeel in het creëren van grote gebieden” is, maar eerder heeft Nederland de aaneensluiting van gebieden nog „ecologisch gesproken het meest efficiënt” genoemd.