Telmo

De herdruk van Remco Camperts jeugdmeesterwerk Het leven is vurrukkulluk roept veel dierbare herinneringen op. In Het Parool (24 oktober) staat een mooi artikel van Paul Arnoldussen waarin hij de literaire geschiedenis van de Vondelstraat beschrijft. Daar, op nummer 65, heeft Campert het boek geschreven. Op nummer 51 woonde toen Jan Vrijman, cineast/columnist/romancier en avonturier. En dit weten weinig mensen, Arnoldussen noemt het niet en ook in de Wikipedia komt het niet voor, maar ergens in de tweede helft van de jaren vijftig is daar door Jan en mij de Stichting Telmo opgericht; afkorting van Television and Motion Pictures. Dit is een kleine voetnoot bij de geschiedenis.

Jan was diep onder de indruk van het dagboek van Anne Frank. Hij wilde een film over het ontstaan maken. De belangrijkste figuur daarin zou Otto Frank, de vader van Anne, zijn. Die woonde met zijn tweede vrouw in Bazel. We schreven een ontwerpscenario. Daarna ging ik voor de krant naar Straatsburg, de Raad van Europa. Dan kan je meteen bij Otto Frank langs. Bazel en Straatsburg liggen vlak bij elkaar, zei Jan. Dat was wat optimistisch uitgedrukt. Maar ik keek in het telefoonboek, vond het adres, Herbstgasse 11, belde hem op, vroeg belet en was welkom. Otto bleek een buitengewoon vriendelijke man te zijn, hij was geneigd mee te werken, maar zijn vrouw was wantrouwig. Ik praatte op hem in, hij liep langzaam achteruit, struikelde over de rail van de schuifdeuren en lag op de grond. Dat leek een roemloos einde van de visite. Maar hij had nog niet definitief geweigerd.

Een paar weken later was Otto Frank in Amsterdam, logeerde in Krasnapolsky. Jan en ik gingen op bezoek. Opnieuw raakte hij ten prooi aan een diepe aarzeling. Toen nam het bezoek een dramatische wending. Jan knielde voor Otto, greep hem om beide knieën en zei: Meneer Frank! U moet dit doen. Otto zuchtte en viel flauw. Wij werden door een paar obers het hotel uitgewerkt. Maar dat was niet het einde van het verhaal. Jan belde hem op en Otto beloofde zijn medewerking. Hij is voor de camera gekomen, de film is voltooid en uitgezonden door de VPRO. Alle kritieken waren sceptisch tot slecht, behalve die van Han Hoekstra in Het Parool.

Het wonder van Anne Frank is de titel van de film. In Hilversum wordt alles bewaard en dus zal er nog wel ergens een kopie liggen. Een onmisbaar deel uit het oeuvre van Jan Vrijman. Hij heeft geschiedenis geschreven door zijn televisiedocumentaire Dag Koninginnedag, die in eerste instantie niet werd uitgezonden omdat er een muiter van de Zeven Provinciën, Maud Boshart, in optrad. En dan De werkelijkheid van Karel Appel. In het opgespannen doek van de schilder had hij een klein raampje voor de camera gemaakt en zo kon je Karel en face zien terwijl hij aan het werk was. Ik rotzooi maar wat aan, zei hij. Dat is ook een historische uitdrukking geworden. Ten slotte: Op de bodem van de hemel, over de prediker Johannes Maasbach die, als hij in volle actie was, om de haverklap riep: Is dit niet wonderbaar?

Jan Vrijman is in 1997 gestorven. Hij leeft voort, ook in Het leven is vurrukkulluk.