Overheid op vrije markt aan banden

Er komt een einde aan de oneerlijke concurrentie door overheidsbedrijven op de vrije markt. Minister Verhagen heeft de knoop doorgehakt.

Lokale overheden mogen hun commerciële activiteiten niet meer subsidiëren. Overheidsbedrijven die op de commerciële markt opereren, moeten in hun offertes alle kosten controleerbaar doorberekenen. Minister Verhagen (Economische Zaken, CDA) heeft deze week een besluit gepubliceerd waarin dat geregeld wordt.

Tal van overheidsbedrijven opereren op de vrije markt en drukken private bedrijven weg omdat de werkelijke kosten niet in rekening worden gebracht. Het kabinet wil met zijn besluit een einde aan maken aan deze oneerlijke concurrentie.

Overheidsbedrijven zijn belangrijke spelers op de vrije markt. Ze zijn op die markt goed voor een jaarlijkse omzet van zo’n 2,5 miljard euro, 10 procent van de totale omzet van de overheidsbedrijven.

Daarbij kan het gaan om gemeentelijke plantsoenendiensten die orders voor de neus van particuliere hoveniersbedrijven wegkapen omdat zij lagere loonkosten in rekening kunnen brengen. Of energiebedrijven waarin de overheid een meerderheidsaandeel heeft, die op de markt van installatie- en onderhoudswerkzaamheden concurreren met particuliere installatiebedrijven.

Dat is concurrentievervalsend, klaagt het bedrijfsleven al jaren. En bovendien in strijd met Europese regelgeving die eerlijke concurrentie op de Europese interne markt voorschrijft. Maar wetgeving om een einde te maken aan die concurrentievervalsing, ontbrak. Een wetsvoorstel daarover uit 2008 bleef tot begin dit jaar ‘op de plank liggen’. Tot de ministerraad in april een wetsvoorstel goedkeurde dat overheidsbedrijven verbiedt om met belastinggeld actief te zijn op de particuliere markt.

Maar concrete regelgeving ontbrak. Deze week presenteerde minister Verhagen (Economische Zaken, CDA) een waslijst aan criteria waar overheidsbedrijven op de vrije markt aan moeten voldoen. Van de stadhuisdienst die een koffiecorner exploiteert tot de gemeente die voor een symbolisch bedrag grond verhuurt aan een tennisexploitant: als een overheidsbedrijf actief is op de vrije markt, moeten in offertes álle kosten worden doorberekend.

Op Europees niveau is die concurrentievervalsing al aan banden gelegd. Staatssteun die het handelsverkeer binnen de EU ongunstig beïnvloedt is verboden en alleen toegestaan na een individuele vrijstelling van de Europese Commissie. Met het Europese verdrag, waarin dat geregeld is in de hand, stapten omwonenden van het vliegveld Eelde in 2008 naar de Raad van State nadat het ministerie van Economische Zaken 18,6 miljoen euro beschikbaar had gesteld voor de aanleg van een nieuwe start- en landingsbaan. En met succes, de subsidie was een steunmaatregel die vooraf gemeld had moeten worden bij de Europese Commissie, oordeelde de Raad. Want de aanleg en de exploitatie van luchthavens was geen exclusieve overheidstaak, maar een commerciële activiteit.

In het deze week gepubliceerde besluit, een aanvulling op de Mededingingswet, wordt het begrip ‘overheidsdienst’ ruimer gedefinieerd. Dat zijn niet alleen bedrijven waar de overheid eigenaar van is, maar ook geprivatiseerde bedrijven waar de overheid in de Raad van Bestuur ‘beleidsbepalende invloed’ heeft.