Levenslang voor folteren onder junta Argentinië

Militairen waren lang immuun voor vervolging wegens misdaden tijdens de Argentijnse dictatuur. Tot gisteren. Ze toonden tijdens hun proces geen berouw.

Ze hadden bijnamen als Tijger, Rat en Wolf. Hun ‘Grupo de Tareas 3.3.2.’ was gestationeerd in de ESMA, een militaire academie in Buenos Aires. Daar dienden ze elektrische schokken toe aan tegenstanders van de Argentijnse militaire dictatuur (1976 en 1983) of ze lieten hen bijna stikken. Zo’n 5.000 Argentijnen verdwenen in de martelkamers van de ESMA. Bijna niemand kwam er levend uit.

Gisteren veroordeelde de rechter in Argentinië 16 oud-militairen en andere betrokkenen bij ‘GT 3.3.2.’ voor de ontvoering, marteling en dood van 89 mensen. Twaalf kregen levenslang, de andere vier werden veroordeeld tot minimaal 18 jaar celstraf. Onder de 160 getuigen waren 79 overlevenden van de groep.

Lange tijd waanden de oud-militairen zich onaantastbaar. Na het herstel van de democratie begin jaren tachtig werden alleen de leiders van de dictatuur berecht, onder wie dictator Jorge Videla en legerofficier Emilio Massera, opdrachtgever van de martelingen en moorden in de militaire academie.

De ondergeschikten van de ESMA kregen pardon omdat ze hun daden hadden begaan in opdracht van hun meerderen. ‘Eindpunt’ en ‘Uit gehoorzaamheid’, heetten de amnestiewetten die het Argentijnse parlement aannam. In 1990 liet president Carlos Menem ook kopstukken als Videla weer vrij.

Dat de daders nu toch zijn bestraft is het gevolg van het besluit in 2003 om de omstreden amnestiewetten ongeldig te verklaren. De belangrijkste verdachten van ‘3.3.2.’ kwamen in voorarrest te zitten. Ook de leiders die Menem had vrijgelaten gingen weer de cel in.

De lof voor het schrappen van het pardon gaat naar de vorig jaar overleden oud-president Néstor Kirchner (2003 – 2007), die mensenrechten tot een politieke prioriteit maakte. Dat werd overgenomen door zijn vrouw Cristina, vorige week herkozen voor een tweede presidentstermijn. Critici betichten de Kirchners van politiek opportunisme. Ze zouden het verdriet en de woede van de Argentijnen over de dictatuur omzetten in stemmen.

De meeste aandacht ging gisteren uit naar de berechting van oud-militair Alfredo Astiz (59), bijgenaamd ‘De blonde engel des doods’. Hij wordt verantwoordelijk gehouden voor de verdwijning en de dood van de drie oprichtsters van de Dwaze Moeders, de groep bezorgde familieleden van verdwenen Argentijnen. De charmante Astiz had de organisatie geïnfiltreerd door zich voor te doen als de broer van een verdwenen meisje.

Astiz is ook veroordeeld voor de dood van de kritische schrijver en journalist Rodolfo Walsh, een 17-jarig Zweeds-Argentijns meisje en twee Franse nonnen. Al deze zaken zorgden destijds voor internationale ophef. Frankrijk veroordeelde Astiz tot levenlang, in absentia, voor het vermoorden van de nonnen.

In 2005 werden de lichamen van de drie Dwaze Moeders teruggevonden op een begraafplaats in Buenos Aires. Hun botten waren gebroken, volgens onderzoek omdat ze boven zee uit een vliegtuig waren geduwd _ de junta liet vele mensen op deze manier ‘verdwijnen’. Hun lichamen spoelden aan en werden clandestien begraven. Ook een van de Franse nonnen werd geïdentificeerd. De andere slachtoffers van Astiz zijn nooit teruggevonden.

De oud-militairen toonden geen berouw. Hun grootste stommiteit was dat ze mensen hebben laten leven, zei Jorge ‘Tijger’ Acosta, het hoofd van de ESMA, tegen het tribunaal. Volgens Acosta betroffen „de middelen” die 3.3.2 gebruikte geen marteling, omdat ze geoorloofd waren „in tijden van oorlog”. Leden van het dictatoriale regime hebben altijd volgehouden dat het land anders in handen was gevallen van linkse guerrillagroepen, zoals de Monteneros.