Keurige lui die magere Indignados

De Indignados, strijders tegen de politieke klasse, mochten in debat met een Europese topambtenaar.

Met broodjes en een grap is het vuur snel uit de discussie.

Bij binnenkomst vallen ze meteen aan op de broodjes. Alle vier stinken ze een uur in de wind: „We leven al dagen in een park in Brussel, in tenten. Sorry, we zijn niet zo schoon.”

Het weldoorvoede Europese publiek moet even wennen aan gedrag en verschijning van vier magere Indignados – ‘misnoegden’ – in truien en jeans die, tijdens een lunch bij de Brusselse denktank Madariaga, komen debatteren met een hoge Europese ambtenaar. De uitnodiging leek uit te gaan van een confrontatie: ‘Wat hebben de Indignados de EU te vertellen? Welk antwoord heeft de EU voor de Indignados?’

Maar de clash blijft uit. De Indignados blijken best keurige jongens en de ambtenaar weigert de rol te spelen waarvoor hij is gecast: het ‘systeem’ verdedigen. Ook blijken veel mensen in de zaal de grieven van de Fransman, Portugees, Spanjaard en Brit te delen. Niemand verzet zich tegen uitspraken als „de maatschappij moet veranderen” of „politici durven de financiële sector niet aan te pakken”. Integendeel: hoe meer dit wordt gezegd, hoe bevrijder het jasje-dasje-publiek zich lijkt te voelen.

Olivier Bourgeois, een Fransman die opgroeide in Barcelona en Internationale Betrekkingen aan de Sorbonne studeerde, begint met de boodschap dat „politici ons niet meer vertegenwoordigen. Ze nemen beslissingen waar burgers steeds minder achter staan.” Hij is uit Spanje komen lopen om dat hier te verkondigen.

Even later vertelt de Spaanse romanschrijver Héctor Huerga hoe hard de 200 leden van de protestbeweging door de Belgische politie worden aangepakt. Ze worden van het ene park naar het andere geveegd. Ze mogen niet demonstreren: samenscholingsverbod. „Wat is dit voor ‘sociaal Europa’, dat burgers de mond snoert als ze met meer dan tien of twintig zijn?”

Dan mag Koos Richelle, als directeur-generaal Sociale Zaken een van de hoogste Nederlanders bij de Europese Commissie. „Ik voel me de kalkoen op het kerstdiner.” Dat breekt het ijs. Richelle bevestigt dat sociale problemen eerder toe- dan afnemen in Europa. Dat de banksector eerder had moeten worden beknot. Maar, zei hij, als je banken kapot laat gaan, is de kaalslag groter. Een vrouw in de zaal merkt op: „Laten we ophouden met die fixatie op economische groei!”

Richelle vertelt dat de Commissie extra geld vrijmaakt voor jongerenprojecten. „Meneer Koos”, zegt Bourgeois, „die projectjes zijn een druppel op een gloeiende plaat. Het roer van de politici moet om. Zij moeten luisteren naar het volk. Zo niet, dan vervangen we ze.’’

Iemand uit de zaal lanceert een aanval op de strenge begrotingsregels die in Europa worden doorgevoerd. „We komen in een recessie die twintig jaar duurt!” Hij kijkt naar Richelle. Die zegt: „Wat verwacht u van mij, dat ik het systeem ga verdedigen? Vergeet één ding niet: die begrotingsregels zijn door nationale parlementen goedgekeurd. Jullie zeggen, de democratie functioneert niet. Volgens mij is dat het probleem. Dat soms maar 40 procent van de mensen stemt.”

Ben Borges, een 30-jarige Portugees die in België woont, stemt nooit. „Al die partijen zeggen mij niets”, zegt hij, intussen tikkend op zijn

iPhone. „Waar moet ik op stemmen?” Begin dan je eigen partij, zegt Richelle: „Buiten blijven staan is geen oplossing.”

Na afloop krijgen de Indignados de overgebleven broodjes in een zak mee, voor de kameraden in het park. De organisator, een gepensioneerd Commissie-ambtenaar, zegt ze haast vaderlijk gedag. Het publiek haast zich terug naar zijn werk. Met lichtere tred dan op de heenweg.