Indiase keukenprinses

Voor het maken van een goede curry heb je goede specerijen nodig en die zijn in India uiteraard volop te vinden. Onder meer kardemomzaad, bollen nootmuskaat en bossen safraan worden op straat bij de vleet verkocht. Dan ligt er bijvoorbeeld tussen het fruitkraampje en het stalletje met slippers een kleedje op de stoep met daarop allemaal kleine potjes met bovengenoemde producten uitgestald. Druk de verkoper een paar munten in z’n handen en je kunt je slag slaan. Of is er in een nis in de stadsmuur een miniwinkeltje gemaakt waar grote zakken gemalen specerijen staan opgeslagen. Dan mag je eerst uitgebreid aan het kruidenbuffet ruiken en vervolgens kun je met een schepje helemaal zelf je zakje vullen.

Natuurlijk kon ik het land niet verlaten zonder even flink inkopen te doen. Met mijn saffraanbuit ben ik het meest in mijn nopjes. Voor een paar draadjes betaal je in de supermarkt in Nederland een fortuin, voor het handjevol dat ik op straat in Bombay heb gekocht niet meer dan anderhalve euro. De voorraad die ik nu bezit is genoeg om tot mijn dood mee te koken, maar mocht ik over vijftig jaar nog veel over hebben, dan schijnt het ook tegen allemaal ouderdomskwaaltjes te helpen.

De rest van mijn specerijen hoop ik tegen die tijd wel opgemaakt te hebben. En als ik gewoon regelmatig de Indiase keukenprinses uithang, dan zal dat vast wel goed komen.

Voor vier personen:

1 middelgrote bloemkool

8 middelgrote aardappels

1 ui

1 groene peper, in ringetjes

2 el gemalen korianderzaad

1 tl gemalen komijnzaad

1 tl chilipoeder

1 el mosterdzaad

2 tl kurkuma

1 tl garam masala, paar takjes

koriander

scheutje olie om te bakken, snuf

zout

Schil de aardappels, was ze en snijd ze door de helft. Snijd ook de bloemkool in kleinere stukken en zet even apart. Verwarm de olie in een hapjespan. Doe de mosterdzaadjes in de pan en roerbak deze op laag vuur tot ze beginnen te springen. Voeg dan de gesnipperde ui toe. Fruit de ui tot deze een goudbruin kleurtje heeft en doe vervolgens het pepertje, zout en rest van de droge specerijen in de pan.

Bak een minuutje en voeg dan de aardappels toe. Schep een paar keer door elkaar en schenk twee kopjes water in de pan. Dek de pan af met een deksel en laat de aardappels op middelhoog vuur langzaam gaar worden.

Roer af en toe en voeg indien nodig kleine beetjes extra water toe, maar let op dat het niet te nat wordt. Als de aardappelen bijna gaar zijn kunnen de bloemkoolroosjes worden toegevoegd. Schep goed door elkaar en laat in de afgesloten pan nog een paar minuten garen.

Verdeel de aardappels en bloemkool over vier borden, strooi er wat fijngehakte koriander overheen en serveer met warm naanbrood of chapati.

Stéphanie Versteeg

maandag: Janneke Vreugdenhil, dinsdag: Menno Steketee, woensdag: Roos Ouwehand, donderdag: Stéphanie Versteeg, vrijdag: Joël Broekaert.