Energiemaatschappijen Shell en BP boeken forse winsten

De hoge olieprijzen helpen energieconcern Shell en zijn grootste Europese rivaal, het Britse BP. Dat kondigde gisteren een inhaalslag aan.

Geholpen door de hoge olieprijzen en een sterk groeiende vraag naar gas, is de winst van de Brits-Nederlandse energiemaatschappij Shell over het derde kwartaal ruim verdubbeld. De nettowinst bedroeg 7,2 miljard dollar (5,1 miljard euro). In hetzelfde kwartaal vorig jaar was dat 3,5 miljard dollar.

Het was meer dan analisten hadden verwacht. Die gingen er van uit dat Shell een winst van rond de 6,6 miljard dollar zou rapporteren. Datzelfde gold gisteren ook voor de grootste Europese rivaal van Shell, het Britse BP. De winst van 5,1 miljard dollar was hoger dan de 4,8 miljard die analisten hadden verwacht.

Het is spannend om de strijd tussen Shell en BP te volgen. Nadat Shell in 2004 was getroffen door het schandaal over de te groot ingeschatte olie- en gasreserves was er sprake van dat het bedrijf zou worden overgenomen door BP. Dat gebeurde niet, maar BP presteerde jarenlang wel beter dan Shell. Dat moest zichzelf ‘opnieuw uitvinden’ en startte een inhaalslag. Alles moest simpeler, sneller. Zevenduizend arbeidsplaatsen werden geschrapt. Het ging zich sterker richten op olie- en gaswinning. De afgelopen vijf jaar is er zo’n 100 miljard dollar geïnvesteerd in nieuwe, grote en complexe projecten. In Siberië, de Golf van Mexico, de kust voor Brazilië. Dit jaar zijn twee van zulke projecten van start gegaan, in Qatar. Verder is de omstreden winning van teerzanden in Canada fors uitgebreid.

Shell zit nu in een oogstfase. Het geleende geld voor de investeringsgolf wordt gaandeweg terugbetaald. De gearing (verhouding tussen schuld en eigen vermogen) lag begin dit jaar nog op 17 procent, maar is nu gezakt naar 11 procent. Verder ziet de kasstroom er met 11 miljard dollar over het derde kwartaal goed uit.

BP daarentegen is aangeslagen door de olieramp in de Golf van Mexico, en bevindt zich nu waar Shell in 2005 was. Het presenteerde gisteren een programma dat veel op dat van Shell lijkt. Alles moet simpeler, sneller, en veiliger. BP gaat meer investeren in olie- en gaswinning. Het bedrijf start volgend jaar projecten in Angola, de Golf van Mexico, de Noordzee. Het jaar daarna in onder meer Canada, Noord-Afrika, Azië. Om niet te veel extra geld te hoeven lenen – de gearing van BP zit al op bijna 20 procent – gaat het voor 15 miljard dollar aan onderdelen afstoten. Dat komt bovenop de 30 miljard dollar aan desinvesteringen die het al beloofd heeft te doen om de schade van de olieramp te betalen.

Opvallend blijft het feit dat de gemiddelde olie- en gasproductie van BP, ondanks de klap van de olieramp en de recente verkoop van onderdelen, hoger is gebleven dan die van Shell: respectievelijk 3,3 miljoen vaten olie-equivalent per dag (hierin is gas omgerekend naar olie) versus 3,0 miljoen. Het Brits-Nederlandse bedrijf heeft gezegd in 2014 uit te komen op 3,7 miljoen vaten olie-equivalent per dag. Maar het blijft vooralsnog schommelen rond de 3 miljoen. De tijd begint te dringen. En BP krabbelt op.