Bijna het hele schooljaar les op zee

34 leerlingen en een handvol leraren maken een tocht over de oceaan. De lessen zijn aan boord. „Mijn ouders vonden het ook meteen heel erg iets voor mij.”

amsterdam vertrek school at sea foto rien zilvold

„Staat hij op vijf graden bakboord?” Vraagt de kapitein aan Siebrand achter het roer. „Ja, los maar voor!” Brult hij. Een bootje van de havendienst zet de waterkannonen aan. „O stoer, we worden uitgespoten!” Zegt de jongen die de achtertros heeft losgegooid.

Met aan boord 34 vwo-leerlingen, vier eerstegraads leraren (de vijfde brak deze week op het schip zijn been), drie stuurmannen, een kapitein en een kok vertrok de driemaster Regina Maris vanochtend uit Amsterdam voor een zeereis van een half jaar naar Panama en terug. In Nederland is het de eerste keer dat scholieren bijna een heel schooljaar kunnen doorbrengen op zee.

Vanaf de Javakade vaart het schip op de motor het drukke IJ op, vlak voor de Volharding 5 langs. Op de boeg een houten blondine met gelakte nagels en een hondje onder haar arm. Dat is meneer Verhoef, de eerste scheepshond van de kapitein.

De leerlingen/matrozen voor het project School at Sea komen uit heel Nederland en zijn geselecteerd op onder meer stressbestendigheid en groepshouding. Francis (15) uit Gasteren las over de reis in een folder die werd uitgedeeld in haar klas. Mooi droomreisje, dacht ze. „Mijn ouders vonden het ook meteen heel erg iets voor mij.” Aan boord krijgen de leerlingen om de dag zeiltraining en het normale lesprogramma van 4 vwo. Ze zullen het schip leren bemannen en expedities uitvoeren, zoals biologisch onderzoek in het ‘kokende meer’ van het eiland Dominica.

„De expedities lijken me het leukst”, zegt Stijn (15) uit Veghel, een jongen met donkere krullen. „Het zeilen ook wel, maar dat heb je na een paar weken wel gezien.” De tengere Joost (15) uit Utrecht noemt het „gaaf” dat de vwo-lesstof op het schip direct kan worden toegepast. „Bijvoorbeeld wiskunde bij navigatie. Dan weet je echt waarvoor je het doet, zeg maar.”

Joost Penninx (31), leraar Spaans en aardrijkskunde, kreeg voor de reis een half jaar onbetaald verlof. „Ik wil vooral dat ze gaan verklaren wat ze zien”, zegt hij in de krappe kombuis. „Hoe winden werken, hoe regen ontstaat, wat voor gesteenten ze vinden in een vulkaan.” De eerste drie weken krijgen ze ook al wat lesjes Spaans. „Al zullen ze in het begin wel zeeziek zijn.”

Omdat er leraren meegaan en er afspraken zijn gemaakt met de scholen van de kinderen heeft de organisatie Ingrado van leerplichtambtenaren zich niet op voorhand tegen School at Sea gekeerd. Wel gaat Ingrado na afloop samen met de onderwijsinspectie bekijken hoe de kinderen zich verder ontwikkelen.

De reis kost 16.950 euro per persoon. Veel leerlingen hebben sponsors gezocht. „Naarmate dat beter ging, gingen mijn ouders er ook vrolijker tegenaan kijken”, zegt Joost. Vooral kennissen en familieleden sponsoren hem, met „gemiddeld een kleine honderd euro”. Stijn heeft 11.000 euro opgehaald bij bedrijven zoals Legal Experience Advocaten en hijst kort voor vertrek nog een paar sponsorvlaggen. Francis heeft met haar ouders afgesproken een maand zelf te betalen uit de opbrengst van bijbaantjes.

De leerlingen slapen met zijn vieren in een hut. Douwe uit Eext, met een wollen mutsje op, laat hut 5 zien, waar hij slaapt. De was hangt aan het dekraam, dat altijd openstaat. „We hebben heel weinig ruimte”, zegt Francis. „Het is passen en meten met je tassen en spullen.” Joost verwacht dat dat af en toe wel lastig zal zijn. „Maar ik denk dat we daar met zijn allen wel uitkomen.”

Vanaf het Java-eiland in Amsterdam vaart de Regina Maris eerst naar IJmuiden. Eén ouder per leerling mocht mee. Bij de Zuidersluis gaan de ouders aan wal. Met andere familie en vrienden zien ze hoe het schip zee kiest. Eerste stop over drie weken: Tenerife. Daar gaan de leerlingen een vulkaan beklimmen.